Dijken op Wieringen in 34e uitgave Vrienden van de Hondsbossche

Dijken op Wieringen in 34e uitgave Vrienden van de Hondsbossche
© Foto Historische Vereniging Wieringen
Werk aan de zeedijk in De Haukes, 1904. De specie werd aangevoerd via een werkspoortje. Paarden trekken de karren.

’Wieringer dijkgeschiedenis’ is de titel van een nieuwe uitgave van Vrienden van de Hondsbossche. Het boek telt 122 pagina’s en wordt donderdag 7 december gepresenteerd in het dorpshuis van Westerland.

De Vrienden van de Hondsbossche is de kring voor Noord-Hollandse waterstaatsgeschiedenis. ’Wieringer dijkgeschiedenis’ is de 34e uitgave. Elke editie belicht één onderwerp. Ditmaal zijn dat de dijken op Wieringen.

Au

Opzichter Okko Bosker inspecteert de werken aan de zeedijk van de polder Waard-Nieuwland, 1917.
Opzichter Okko Bosker inspecteert de werken aan de zeedijk van de polder Waard-Nieuwland, 1917.

teur is Herman Lambooij uit Schagen. Willem Messchaert uit Kolhorn werkte er aan mee.

Uitgeverij Noord-Holland

Het boek wordt op de de markt gebracht door Stichting Uitgeverij Noord-Holland te Wormerveer, in samenwerking met Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Uitgeverij Noord-Holland doet voor het eerst zaken met Vrienden van de Hondsbossche.

Storm

Plaquette van opzichter Okko Bosker.
© Foto Regionaal Archief Alkmaar
Plaquette van opzichter Okko Bosker.

en ontij, eindeloos geploeter om letterlijk het hoofd boven water te houden, bestuurlijk onvermogen, geldgebrek en kleurrijke personages die zijn belast met het dijkbeheer.

Zuiderzee

Dit alles komt uitgebreid aan bod in ’Wieringer dijkgeschiedenis’, het nieuwe boek van kring voor Noord-Hollandse waterstaatsgeschiedenis Vrienden van de Hondsbossche. De geschiedenis van Wieringen als eiland in de Zuiderzee is onlosmakelijk verbonden met de strijd tegen het water.

Elke vorm van dijktechniek werd hier toegepast, in de hoop het woeste, nooit versagende water op afstand te houden. Auteur Herman Lambooij schrijft er gedetailleerd over, met aanvulling van Willem Messchaert. In dit artikel vooral aandacht voor opzichters, dijkgraven en andere personen die opstaan in ’Wieringer dijkgeschiedenis’.

Poetisch

Dijkgraaf Jacobus van Pomeren beschreef op bijna poëtische wijze de toestand op Wieringen na een rampzalige stormvloed in 1775. ’Des morgens scheen het land in een openbare zee veranderd; stromende het water op verschillende plaatsen over het eiland heen’.

Tussen 20 en 23 november ging de zee dwars over Wieringen. Veel schepen vergingen, er verdronken tweeduizend koeien en schapen.

Restant van het ’eens zo trotse’ betonnen scherm van de Bierdijk bij Vatrop. Beton verving ooit een houten paalscherm .
© Foto Chris Schaatsbergen, 2017.
Restant van het ’eens zo trotse’ betonnen scherm van de Bierdijk bij Vatrop. Beton verving ooit een houten paalscherm .

De Swarte Raven

Jan Jeroensz. een advocaat uit Hoorn, stapte in 1601 een herberg in Den Oever binnen. Voor zaken, hij moest veel regelen. Zojuist had hij zijn schip De Swarte Raven verloren. Hij zat net binnen toen er een zware storm opstak. De slecht onderhouden zeedijk brak door.

Het dorp stond snel onder water. De advocaat hielp enkele boeren het gat in de dijk te dichten met rijshout. De man was getroffen door de ’grote desolaatheid en jammer door het water’.

Amsterdam

Johan Hudde, langdurig burgemeester van Amsterdam, bemoeide zich in de zeventiende eeuw intensief met Wieringen om wateroverlast aan te pakken. Hij was een groot wiskundige en onderzocht de mogelijkheid om het eiland via een stelsel van dijken te verbinden met de vaste wal.

Leendert den Berger woonde eind achttiende eeuw op Texel, in het deftige, nog steeds bestaande huis Brakestein. Hij was dijkopzichter. Onder zijn leiding waren Wieringer dijken in het noorden versterkt met steenbeslag. Zij hielden het in de gehele negentiende eeuw.

Zo niet de zuidelijke dijken. Die bezweken bij een stormvloed in 1825, een van de zwaarste ooit in ons land.

Simon Gorter

Ook hoofdopzichter Pieter van der Sterr wordt genoemd. Hij leeft voort in de naam van een weg in de Waardpolder bij Kolhorn. Rijkswaterstaat benoemde in 1858 Simon B. Gorter tot rijksopzichter op Wieringen. Zijn grafzerk staat op de begraafplaats in Hippolytushoef.

Gorter gold als een bekwaam man, maar kreeg in 1871 een uitbrander van hoofdingenieur P. Loke. Hij had niet goed opgelet toen een aannemer op Wieringen knoeiwerk had geleverd door oude dijkpalen af te zagen en geen nieuwe te plaatsen.

Fiets

Meijert Tijsen nam in 1895 de taak over van Simon Gorter om de waterhoogten te meten. Pas later stopte Gorter als opzichter, waarschijnlijk in 1902 toen hij 75 jaar werd. Zijn opvolger was Okko Bosker. Die was in dienst hij het Heemraadschap Wieringen. Dit waterschap had taken van Rijkswaterstaat overgenomen.

Het heemraadschap gaf Bosker in 1935 een toelage van honderd gulden. Van het geld moest hij een fiets kopen. Om sneller toezicht te houden.

Info

’Wieringer dijkgeschiedenis’ van Vrienden van de Hondsbossche is na de presentatie op 7 december verkrijgbaar in de boekhandel en via Stichting Uitgeverij Noord-Holland te Wormerveer. Prijs 17,95 euro. Het is de 34e uitgave van de Vrienden.

Wil je niks missen van Noordhollands Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws