Onderweg

Playlist

Onderweg

6 ARTIKELENNIEUW (6)
Gisteren, 17:29

Nederland-Brazilië (v.v.)

nieuwleestijd 2 min

Nederland-Brazilië (v.v.)

2 min leestijd
Op het strand bij Camperduin geeft een lange man aan een veel kleinere donkere vrouw uitleg over de typisch Hollandse dingen die hier te zien zijn. De Hondsbossche Zeewering, de lagune tussen zee en eerste duinenrij, het nieuwe opgespoten strand, de vissersboot die vlak voor de kust precies tussen de zandbanken doorvaart. Het is nog koud, vindt zij. Hij lacht en geniet van de zee, het strand en het in zijn ogen fijne voorjaarsweer.

Onbeperkt toegang tot al het nieuws uit jouw regio

30 dagen gratis

Stopt automatisch

of
Neem een 24-uurs pas (€1,-)

Zij is Braziliaanse, woonachtig in de miljoenenstad Belem, luisterend naar de naam Charlota Brito. Hij heet Michiel Dudink, een echte Alkmaarse kaaskop met een reislustige geest.

Michiel monsterde in zijn jonge jaren aan als koksmaatje op de grote vaart. Daarna reisde hij nog veelvuldig door Afrika, Zuid- en Noord-Amerika. Dertien jaar lang leek de drang om verre horizonnen te verkennen voorbij, totdat het in 2004 weer begon te kriebelen en hij voor een half jaar in dienst trad van een toeristisch horecabedrijf op het in de monding van de Amazone gelegen eiland Marajo.

Toen hij bijna weer naar Nederland terug moest ontmoette hij Charlota. Een typisch geval van ’liefde op het eerste gezicht’. ,,Het was meteen raak. Zij is een mooie vrouw. Zij vertegenwoordigt de smeltkroes van culturen die het moderne Brazilië is. De indianen, de Afrikanen, de Portugezen: zij heeft ze allemaal in haar bloed. Allebei hadden we eerdere relaties achter de rug. We waren in een uitgelaten stemming. Zij had haar project net afgerond, mijn tijd in het horecabedrijf zat er bijna op. We merkten al snel dat wat wij hadden, iets toevoegde aan ons leven.’’

Ze trouwden tien jaar geleden maar ze wonen een groot deel van het jaar gescheiden: hij in Alkmaar, zij in Belem.

,,Dat blijft voorlopig ook wel zo’’, zegt Michiel. ,,Charlota heeft een heel goede baan bij een onderzoeksinstituut. Ik neem bewust genoegen met een halfjaarcontract bij Vezet in Warmenhuizen. Groente inpakken. Niet per se leuk werk, maar een tijdelijk contract is makkelijk als je steeds naar Brazilië wil, of als zij naar Nederland komt. We gaan ook vaak naar Portugal. Zij spreekt de taal. Het klimaat is er beter. Zo wisselen we het steeds af. Brazilië-Nederland, Nederland-Brazilië. Met af en toe een tussenstop in Portugal.’’

Charlota houdt van de Nederlandse kust. ,,Bij ons in Brazilië is de bijna de hele kustlijn volgebouwd, dat heb je hier gelukkig niet. Het landschap is hier veel afwisselender dan ik dacht. Afgezien van Michiel zijn de Nederlanders zelf nogal koudbloedig. Maar weer niet zo koudbloedig als de Duitsers.’’

Begin april gaat Charlota terug naar Brazilië. Om mogelijk in oktober weer in Nederland te zijn. De kans bestaat ook dat zij een cursus gaat volgen in Portugal. Michiel zou dan ook naar Portugal kunnen komen.

Michiel: ,,We zijn er inmiddels aan gewend dat we elkaar een paar maanden in het jaar niet in levende lijve zien. We hebben allebei ons werk, maar het wordt wel weer aftellen straks. Charlota heeft niet veel familie in Brazilië. Ooit, als zij niet meer werkt en dus niet meer aan Brazilië gebonden is, gaan we samenwonen. We weten nog niet waar. Nederland, Brazilië of Portugal, we zien het wel.’’

21 mrt. 2017

Ontdekkingsreis

nieuwleestijd 2 min

Ontdekkingsreis

2 min leestijd
Joop de Wit woont al twintig jaar alleen en is er van overtuigd dat dat ook maar het beste is, voor iedereen. Zowel voor hemzelf, als voor de ander.

Onbeperkt toegang tot al het nieuws uit jouw regio

30 dagen gratis

Stopt automatisch

of
Neem een 24-uurs pas (€1,-)

Ongeschikt voor relaties. Joop trok de conclusie na een huwelijk dat dik 25 jaar had stand gehouden en hem twee kinderen opleverde, die inmiddels in de dertig zijn. ,,Mijn ex en ik kunnen het nog steeds goed met elkaar vinden. Maar samen gaat het niet. Ik stel hoge eisen aan mezelf, maar ook aan anderen. Voor een relatie ben ik te veel met mezelf bezig. Mijn leven is één grote ontdekkingsreis in mezelf. Ik doe veel aan meditatie en tai chi. Als ik mij gelukkig of rot voel, dan kan ik uren bezig zijn met de vraag waarom ik mij zo voel.’’

Joop is met een rugtas vol boodschappen op weg naar huis. Sinds zijn vervroegde pensioen, nu tien jaar geleden, vult hij zijn dagen vooral met stads- en duinwandelingen. Hij geniet van zijn huis in de Spoorbuurt. ,,Elke dag voelt als een vakantiedag. Rijk ben ik niet, maar ik voel me rijk in mijn leven, mijn huis, de stad en met de mensen om mij heen.’’

Tien jaar geleden was dat nog heel anders. Vol frustratie had Joop besloten een punt te zetten achter de ’prachtbaan’ van jeugdhulpverlener die hij veertig jaar achtereen had gehad.

,,Het was de verkeerde kant opgegaan, vond ik. Fusie na fusie, grote organisaties, veel te veel management. Ik voelde mij er niet meer in thuis. In feite waren we terug bij af. Toen ik in de jeugdhulpverlening kwam te werken had je grote opvanghuizen, doorgaans ergens ver weg in de bossen. In de jaren zeventig en tachtig was kleinschaligheid de trend. Kleine opvanghuizen, individuele aandacht. Tot de overheid zich er mee ging bemoeien. Moesten we weer naar grote organisaties en grootschalige opvang. En er kwam een hele berg door Den Haag bedachte regels en voorschriften overheen. Wordt het ook nooit beter van.’’

Joop groeide op in een boerengezin uit de omgeving van Woerden. Hij was de één na jongste van de twaalf kinderen. Een gelukkige jeugd was het niet. ,,Het was een tijd van emotionele armoede. Aandachttekort. Alsof je nooit gezien werd. Het draaide om de oudste drie. Mijn oudste zus werd ingezet in het huishouden, de twee oudste broers moesten het bedrijf overnemen. De rest telde niet erg mee. Was geen tijd voor. Zo voelde het. Het dreigde met mij de verkeerde kant uit te gaan. Ik jatte. Ik fraudeerde met schoolcijfers. Van een 3 een 8 maken op mijn rapport, dat soort dingen. Diep ongelukkig was ik. Op foto’s uit die tijd zie je een ineengedoken mannetje: dat ben ik. Later ging ik veel op reis. Een half jaar druiven plukken in Frankrijk bijvoorbeeld. Vluchtgedrag. Als ik maar niet thuis was. Het gekke is dat ik het inzicht in mijn eigen verleden pas kreeg toen ik door een toevallige samenloop van omstandigheden in de jeugdhulpverlening ging werken. Kinderen die emotioneel tekort komen zag ik als hulpverlener voortdurend. Ik herkende in hen het kind dat ikzelf ooit was, maar ik zag ook dat er heel wat situaties veel erger waren dan ik had meegemaakt.’’

Geen ouder is perfect, zegt Joop. ,,Met mijn eigen kinderen maakte ik ook fouten. Dan kijk je in de spiegel en zeg je tegen jezelf: ’Moest je je daar zou zo kwaad over maken?’ En van mijn kinderen hoorde ik een keer: ’Hé, je bent niet op je werk, hoor!’’

16 mrt. 2017

Net niet

nieuwleestijd 2 min

Net niet

2 min leestijd
Ze heeft van de week hutspot gegeten. De overtollige wortels en schillen heeft ze in een plastic zakje meegenomen naar Stadsboerderij de Hout. De herten laten zich het goed smaken. De magere vrouw met de bril, de lange vlecht en het baseballpetje op het hoofd neemt plaats op de picknicktafel naast het pad en draait een shaggie.

Onbeperkt toegang tot al het nieuws uit jouw regio

30 dagen gratis

Stopt automatisch

of
Neem een 24-uurs pas (€1,-)

Alkmaar heeft niet veel sporthelden van landelijke allure, maar Ellie van Beuzekom behoort tot dat elitekorps. Ze lacht en blaast een rookwolkje uit. ,,Op Wikipedia kun je alles over me lezen. Bijna tien jaar achtereen Nederlands kampioen speerwerpen was ik. Net niet de Olympische Spelen gehaald. Maar het was een heel andere tijd. Atleten waren in Nederland zuivere amateurs. Als je mazzel had kreeg je na een gewonnen wedstrijd een handdoek of een vaas. Stelde niets voor. Je deed het omdat je het leuk vond. Rijk kon je er onmogelijk van worden. Sterker nog: je legde er geld op toe. Ik moest er een schoonmaakbaantje voor halve dagen bij nemen om mijn eigen sport te betalen.’’

Sport lag Ellie, dat werd al duidelijk toen ze haar meisjesnaam Lute nog droeg en in Bakkum woonde. Het zat in de familie. Broer Kees bijvoorbeeld behoorde tot de betere wielrenners van het land. In de gloriejaren van Jacques Anquetil reed hij de Tour de France. Ellie sloot zich in 1971 aan bij Atletiekvereniging Castricum. Aanvankelijk met het idee om zich toe te leggen op kogelstoten. Toen ze een keer voor de grap, zonder enige voorbereiding, de speer wierp bleek ze met haar worp al direct tot de top te behoren. Een jaar later stond ze op het podium en in 1976 werd ze kampioen van Nederland.

Van deelname aan de Olympische Spelen in Moskou in 1980 kwam het net niet. ,,Ik zat er dicht tegenaan. De limiet van 61 meter noemde ik destijds ’een anabolen-limiet’. Ik wilde het allemaal op eigen kracht halen. In een interview zei ik dat ik het van mijn ’pure Noord-Hollandse struisheid’ wilde hebben. Dat heb ik nog vaak moeten horen.’’

Na de mislukte pogingen om Moskou te halen zakte bij Ellie de motivatie in en werd ze geruisloos vergeten. Haar nationale speerwerprecord verdween in 1986 uit de boeken. Ze was toen al lang met atletiek gestopt en had nog even furore in het vrouwenvoetbal gemaakt, waar ze het tot de Noord-Hollandse selectie schopte.

,,Op mijn dertigste werd ik voor het eerst moeder. Het was niet meer te combineren met een intensief trainingsprogramma. Stoppen vond ik eigenlijk helemaal niet erg. Mijn drie kinderen - twee zoons en een dochter - vond ik veel belangrijker. Ik heb de sport altijd kunnen relativeren. Ik ging mijn eigen weg, deed alles op mijn manier. Van mij was bekend dat ik tussen het speerwerpen door nog wel eens een sigaret op stak. Een schande, vonden sommigen. Maar daar trok ik me natuurlijk niets van aan.’’

Keuzes heeft ze nooit echt gehad, zegt Ellie op de vraag op ze achteraf in haar leven dingen anders had willen doen. ,,Toen ik veertien was overleed mijn moeder. Ik had vier broers en een zus. Een tijd lang nam ik de moederrol op mij. In andere omstandigheden en in de tijd van nu had ik een opleiding kunnen volgen. Keuzes had ik niet, maar ook daar leer je mee leven.’’

13 mrt. 2017

Onderweg: De Oude Knegt

nieuwleestijd 2 min

Onderweg: De Oude Knegt

2 min leestijd
De oudejaarsnacht van 2000 op 2001 zal Piet van der Molen zich nog lang heugen. Kort na het begin van het nieuwe jaar werd vanaf de overkant van de weg een vuurpijl afgeschoten. Meegevoerd met de harde oostenwind kwam het projectiel in de rieten kap van molen De Oude Knegt terecht, die direct vlam vatte.

Onbeperkt toegang tot al het nieuws uit jouw regio

30 dagen gratis

Stopt automatisch

of
Neem een 24-uurs pas (€1,-)

Piet ziet het nog altijd voor zich: de vlammenzee, de losgeslagen wieken die als een dolle ronddraaiden, half Akersloot dat moest toezien hoe van de molen niets overbleef, het verbrande riet dat tot in de wijde omgeving terug werd gevonden, de trieste resten op nieuwjaarsdag. ,,Er was geen houden aan. Een drama. Toen dat gebeurde, wilde ik iets doen. Ik voelde mij betrokken en sloot me aan bij het initiatief om De Oude Knegt te herbouwen.’’

Piet woont al 42 jaar met zijn vrouw Lida ’om de hoek’. Dat wil zeggen aan het Noordhollands Kanaal. Aan de voorkant zicht op het pontje, de schuiten, schepen en scheepjes. Aan de achterkant de grazige velden, de slootjes, de hazen, schapen en paarden. Geen mooiere plek denkbaar, verzekert hij. Zelf is Piet een ’Hakkeloor’, geboren en getogen in Egmond-Binnen. Lida groeide op in de Alkmaarse binnenstad. Dat ze ooit hier, vlak buiten het dorp Akersloot, terechtkwamen was domweg te danken aan het gebrek aan woonruimte voor jonge stellen in eigen dorp en stad. Maar spijt kregen ze nooit. Alleen ’tussen zes plankjes’ gaan ze hier nog vandaan, zegt Piet.

Sinds de dramatische gebeurtenissen in de oudejaarsnacht van 2001 is Piet betrokken bij De Oude Knegt. Ook vandaag is hij er weer te vinden. De tuin bij de molen is zijn domein. Hij levert strijd met de akkerwinde, een plantje dat eindeloos voortwoekert en zo een geduchte bedreiging vormt voor wat hij nog meer tot bloei wil laten komen. Vandaar het betonnen vloertje dat hij aan het storten is voor de nieuwe composthoop. ,,Als die composthoop gewoon maar op de bodem blijft liggen komt die akkerwinde steeds weer terug.’’

Piet is van huis uit elektrotechnicus. Zijn kennis en kunde kwam goed van pas bij de herbouw van de molen, die in 2003 een feit was. Bij achtereenvolgens Hoogovens, Corus en Tata was hij als ’technische man’ betrokken geweest bij de nieuwbouw en de technische dienst. Op de bedrijfsschool van het staalbedrijf doceerde hij elektrotechniek. Toen de leiding voor hem een taak had bedacht die hem niet erg beviel, besloot hij vervroegd met pensioen te gaan. ,,Ik heb daarna nog op een andere school de cursus elektrotechniek en veiligheid gegeven. Met veel plezier. Kon ik een beetje afkicken.’’

Niet dagelijks, maar wel ’heel vaak’ is Piet naar de molen. ,,Het is een stuk van mijn leven geworden. Sinds vijf jaar heb ik hier ook bijenkasten staan. Het is leuk werk en er is veel aanloop van toeristen. Veel wandelaars vooral. Het Noord-Hollandpad kruist hier in de buurt met het Trekvogelpad. Op onze draaidagen, woensdags en zaterdags, komen ze vaak even kijken.’’

14 mrt. 2017

Onderweg: Groene An

nieuwleestijd 2 min

Onderweg: Groene An

2 min leestijd
An Rem wandelt wat af in Alkmaar en omgeving. En iedere keer weer valt het haar op hoe mooi de natuur is. Naar haar geboortegrond in Oostzaan of naar Amsterdam-Noord, waar ze lang geleden opgroeide, verlangde ze nooit terug.

Onbeperkt toegang tot al het nieuws uit jouw regio

30 dagen gratis

Stopt automatisch

of
Neem een 24-uurs pas (€1,-)

,,Amsterdam-Noord was in mijn jeugd een dorpje. Veel platteland. Mijn vader was fruitboer. Het fruitcorso was het hoogtepunt van het jaar. Met de pont over het IJ ging je naar de stad. Nu is daar alles volgebouwd. Overal wegen. Nee hoor, het is hier veel mooier. Je hebt hier alles. Duinen, polderland, parken. Ik ga bijvoorbeeld vaak naar de Egmonderhout, in De Hoef. Prachtig park. Als je er oog voor hebt is er heel veel te zien in de natuur.’’

Ook vandaag heeft An haar wandelschoenen aan. Op haar stadswandeling hebben dit keer de wegwerkzaamheden op Overstad haar aandacht getrokken. ,,Ik wil van alle veranderingen in de stad op de hoogte blijven. Als je wandelt kun je het allemaal volgen. Een oude tante van mij deed dat ook in de Zaanstreek. Op haar 94ste ging ze nog op pad om de nieuwe bruggen te bekijken.’’

An belandde 25 jaar geleden, na haar scheiding, in Alkmaar. ,,Om de stad en de omgeving goed te leren kennen sloot ik me aan bij een wandelgroepje dat zo’n beetje overal in de regio deelnam aan de Avondvierdaagse. Vandaar dat ik overal goed de weg weet en ook veel mooie plekken ken. Als ik in de natuur ben vergeet ik alles om mij heen. Dan geniet ik van iedere vogel en ieder bloemetje. Ik heb ook gemerkt dat de natuur troost biedt.’’

An heeft zware tijden gekend. ,,Twee moeders heb ik gehad. Het toeval wilde dat ze beiden op 17 februari jarig waren. Ze zijn beiden jong gestorven. Mijn biologische moeder overleed toen ik 14 was. Dat liet littekens bij mij achter. Over de dood werd niet gepraat in die tijd. Gebeurde gewoon niet. Je had geen maatschappelijk werker of zoiets, waarmee je kon praten. Je moest het zelf maar zien op te lossen.’’

Dat deed An ook toen in de jaren negentig haar zoon Remco overleed aan een slopende ziekte. ,,Toen heb ik nog wel wat gesprekken met een maatschappelijk werker gehad. Maar ja, op een gegeven moment merk je dat je jezelf gaat herhalen. Het komt steeds weer op hetzelfde neer. Uiteindelijk moet je er zelf mee verder leven. Sinds de dood van Remco heb ik geleerd vooruit te kijken. Niet steeds achterom. Maar wat mij vooral hielp was te genieten van de natuur. Remco hield ook erg veel van de natuur. Groene vingers had hij ook. We deelden onze liefde voor de natuur.’’

An lacht. ,,Ik word dit jaar tachtig, maar ik ben in alle opzichten groen. Ik stem ook GroenLinks, op de jongste lijsttrekker. Die 50+-partij vind ik helemaal niks. Dat geklaag. Ik heb alleen AOW en een heel klein pensioentje, 70 euro in de maand. Maar ik heb ook niet veel nodig. Ik heb geen auto en dure apparaten. Geen computer. Scheelt veel geld en veel problemen. Ik kan voorlopig nog alles zelf, gelukkig. Thuishulp haal ik liever niet in huis. Ben ik mijn vrijheid kwijt. Er komt misschien een dag dat het niet anders meer kan, maar daar denk ik nu nog niet aan. Als je je daarover druk moet maken heb je geen leven. Ik leef nu.’’

15 mrt. 2017

Onderweg: Respect voor de regels

nieuwleestijd 2 min

Onderweg: Respect voor de regels

2 min leestijd
Het leven zit vol onvoorspelbare wendingen, zegt Edi Alkhameasy. Wie had kunnen denken dat hij, geboren en getogen in Bagdad, de laatste fase van zijn leven zou gaan doorbrengen in Nederland? Wie had kunnen denken dat zijn complete familie uit Irak moest vluchten en tegenwoordig over talloze landen is uitgewaaierd?

Onbeperkt toegang tot al het nieuws uit jouw regio

30 dagen gratis

Stopt automatisch

of
Neem een 24-uurs pas (€1,-)

Op een bankje in de zon bij de winkels van ’t Loo in Heiloo geeft Edi een opsomming van de landen waar broers, zussen, neven, tantes en ooms terecht zijn gekomen. ,,Zweden, Denemarken, Duitsland, een aantal in de Verenigde Staten. Wij in Nederland. Ik heb in Irak alleen nog een vriend, waarmee ik af en toe bel. Hij vertelt mij over het leven daar. Mijn conclusie is dat het daar nog net zo slecht is als vroeger. Misschien nog wel slechter. Toen ik vluchtte, samen met mijn kinderen en mijn vrouw, was er één Saddam. Het lijkt alsof er tegenwoordig tienduizend Saddams rondlopen in Bagdad. Heel veel legertjes en groepen met allemaal een leider die dezelfde neiging heeft als Saddam. Wie afwijkt wordt vervolgd. Dieven en criminelen zijn het, allemaal.’’

Edi en zijn familie behoorden tot een religieuze minderheid in Irak die zichzelf als de navolgingen van Johannes de Doper beschouwt. Net als christenen en joden wordt deze groep van oudsher achtergesteld. Tijdens het Saddambewind groeide de repressie. ,,Het kon je zomaar overkomen dat je op een avond door de politie van huis werd opgehaald, zonder dat je wist waarvoor. Dan moest je een nacht in de cel doorbrengen en mocht je blij zij als je de volgende dag onbeschadigd terug naar huis kon.’’

Van het oude Bagdad, waar Edi in de ochtenduren op het ministerie van gezondheid werkte en ’s middags zijn eigen onderneminkje als goudsmid dreef, is niets meer over. Hij maakt zich geen illusies. ,,Teruggaan is geen optie.’’

Toen de druk te groot werd en hun veiligheid steeds meer in gevaar kwam vluchtte Edi, samen met zijn vrouw en kinderen. In 2000 begon een vijfjarige zwerftocht langs azc’s in Nederland die eindigde met zijn erkenning als vluchteling. In Heiloo kregen ze een woning toegewezen. Edi woont daar nog steeds, of beter gezegd: opnieuw. Drie jaar na de intrek in de woning in Heiloo liep zijn huwelijk op de klippen. Edi vertrok naar de Daalmeer in Alkmaar. Het beviel hem daar wel, maar toen vorig jaar zijn ex-vrouw ziek werd, besloot hij toch terug te gaan naar Heiloo.

,,Zij heeft hier verder niemand. Ze begrijpt niemand, ze kan zich niet verstaanbaar maken. Een dokter weet niet wat zij bedoelt. Ik kon haar niet alleen laten. Daarom ben ik maar weer bij haar ingetrokken. Ik doe het huishouden, de boodschappen en verzorg het tuintje. Dat zijn mijn dagelijkse taken.’’

,,Het is goed zo’’, zegt Edi over zijn leven. ,,Ik ben tevreden. We hebben in Nederland een veilige plek gevonden. Ik heb hier vrienden. Ik heb mensen leren kennen door het vrijwilligerswerk dat ik gedaan heb bij activiteitencentrum Het Trefpunt en sportvereniging Koedijk. De meeste mensen zijn aardig in Nederland, ook al is er een minderheid - zo’n twintig procent - die op vluchtelingen neerkijkt. Heb je in ieder land, denk ik. Als je de regels respecteert, respecteren de Nederlanders jou ook.’’