Rob van Vuure: Poerie en Kukel

Rob van Vuure: Poerie en Kukel

Gaartje van de Taanketel onderschept de bal, speelt Bup Bond Kouwe door de benen en passt prachtig op Cassie Rottepunt. Slappe Thaam biedt zich aan, maar Flip de jonge Kikkerveter is ’m voor. Deze wil naar Klaas Kwakman Burgemaister spelen, Jaap van Vlaanderen Fladder en Freek Kemper Frukkie roepen om het hardst, maar Jaap Jonk Suikere krijgt ’m tenslotte.

Dit zou zo maar, met wat overdrijving, oké oké, een verslag van een voetbalwedstrijd van FC Volendam kunnen zijn. Voor een bijzonder project lees ik veel over ’het andere Oranje’, dus ik kijk niet meer op van welke bijnaam ook. Ik weet ondertussen waarom Klaas Karregat sinds een bepaalde wedstrijd ’Blubber’ heet en ik weet waarom ze Jaap Buijs altijd ’Jaap Buijs Oloot’ noemen.

Voor het Volendam-voetbalproject had ik 350 bijnamen nodig en dat was geen enkel probleem. Heel vroeger waren er maar weinig familienamen aan De Dijk, wél veel nazaten - en hou alle Veermannen, Karregatten, Tollen en Zwarthoeden dan maar eens uit elkaar. Daarom: bijnamen. Dus Hein Tol werd ’Hein van Afie’ en Jenny Mooijer werd ’Jenny van Jan Pooier de Bakker’.

Maar waarom kregen de voetbalinternationals Arnold en Gerrie Mühren dan geen bijnaam? Simpel. Omdat er niet zoveel Mührens in Volendam woonden. Meteen even de andere internationals. Wim Jonk werd Spijker genoemd, zijn grootvader was een spijkerharde onderhandelaar. Kees Tol werd Pier Tol en Kees Molenaar werd Keje Molenaar, Pier en Keje zijn hun bijnamen.

Nog een paar zinnen uit het fictieve verslag.

’Thames Sier Van de Waffel kreeg de bal van keeper Jaap Aaltje Keizer, hij stiftte naar Jan Guyt Riedel, Kees Tol Ploffie liep mee, net zoals Harmen Kouter de Panter en Klaas Tuyp Van Rien’(--)’Kees Schilder Loege bereikte Piet Veerman Sompie, Peter Tol Poerie zag Berry Schilder Bolide vrijstaan, Klaas Veerman Kukel stond er beter voor, Vincent Veerman Sjamin nóg beter maar de bal ging tenslotte naar Ed Kirrie Zwarthoed’.

Op de herkomst van de bijnamen kun je promoveren: Hein Snot Schilder was als kind vaak verkouden, de vader van Ruud Worst Runderkamp was slager. En hoe kwam Kees Nor Schilder aan zijn bijnaam? Zeker vaak in de gevangenis gezeten? Nee! Kees Schilder, trouwens zoon van Gerrit Snert Schilder, repareerde botters en andere boten. De botter Nora kreeg een compleet nieuw uiterlijk, tenslotte moest alleen de naam er nog op. Kees schilderde een N, een O, een R. En toen was de verf op. Het duurde een paar dagen voordat nieuwe verf beschikbaar was. Pas na een week kon hij de A aanbrengen. Maar ja, toen was het natuurlijk allang Kees Nor Schilder.

Wil je niks missen van Noordhollands Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws