Column Chris Aalberts: Kennis

Column Chris Aalberts: Kennis

Stel: je bent Mark Rutte en je zoekt een minister van defensie. Er zijn twee kandidaten. De eerste is Raymond Knops: een Tweede Kamerlid die al ruim tien jaar op het Binnenhof rondloopt. Hij is al jaren woordvoerder defensie. De tweede kandidaat is Ank Bijleveld: zij was ruim tien jaar Tweede Kamerlid en daarna burgemeester, staatssecretaris van binnenlandse zaken en commissaris van de Koning in Overijssel. Ze heeft zich nog nooit met defensie beziggehouden. Wie kies je?

Parlementaire verslaggevers hebben momenteel hun handen vol aan het achterhalen van de ministers van kabinet Rutte III. Zij moeten zich baseren op lekkende bronnen. Of alle namen kloppen weten we dus niet, maar hun berichtgeving geeft toch een aardig beeld van hoe bewindspersonen worden geselecteerd. Ank Bijleveld schijnt minister van defensie te worden en niet Raymond Knops. Diepgaande inhoudelijke kennis is dus geen eis voor het ministerschap.

Dat zien we vaker. Volgens Haagse bronnen wordt Halbe Zijlstra de nieuwe minister van buitenlandse zaken. Of hij daar veel verstand van heeft is twijfelachtig. Dat is vooral opvallend omdat er bij de VVD al jaren een Kamerlid klaarstaat om dit ministerschap op zich te nemen. En hij heeft er nog verstand van ook: Han ten Broeke. Maar zijn naam staat op geen enkel lijstje.

De selectie van ministers voltrekt zich langs de lijnen van het moderne managementdenken. Het idee is dat een politicus een manager is die veel eigenschappen moet bezitten, maar die geen inhoudelijke kennis nodig heeft. Een manager kan een ministerie leiden, maar ook een koekjesfabriek. Zowel ambtenaren als productiemedewerkers kunnen je vertellen dat deze visie onzin is en dat inhoudelijke kennis het verschil maakt.

Eigenlijk weet men dat in Den Haag ook wel. Zou Jeanine Hennis het ministerschap van defensie ook hebben aanvaard als ze alles van te voren geweten had? Ze was nieuw op dit terrein en kon dus niet alert zijn. Dat verklaart minstens deels waarom er militairen op missies werden gestuurd terwijl het materieel niet in orde was. Hoe kon Hennis weten hoe het onderhoud erbij stond? Ze kon zich slechts baseren op ambtelijke adviezen. Met meer kennis en ervaring had ze betere en kritischere vragen kunnen stellen.

Een groot misverstand over het ministerschap is dat het ‘een leuk baantje’ zou zijn. In werkelijkheid neemt een minister elk weekend twee enorme koffers vol ambtelijke stukken naar huis. Die moeten gelezen worden, want de minister is politiek verantwoordelijk voor alles wat er op het ministerie gebeurt. Iemand die al thuis is in de materie kan die stapels stukken sneller lezen en ook beter inschatten of alles wat er in die stukken staat klopt. Bij Rutte-3 denkt men desondanks dat kennis weinig uitmaakt. Misschien moet men nog eens langslopen bij Jeanine Hennis.

Wil je niks missen van Noordhollands Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws