’Het uitzicht is uit zicht’ staat op de deur van een transformatorhuisje | column

Esther Jeunink

’Het uitzicht is uit zicht’. Met zwarte stift stond het gekrabbeld op de deur van een transformatorhuisje. Tijdens één van mijn rondes op straat viel mijn oog erop.

Het had zo geschreven kunnen zijn door iemand die ik ken vanuit mijn werk.

Bijvoorbeeld die jongen die me belde of ik nog een slaapplek voor hem had voor de nacht.

Of dat meisje dat zo graag weer een huis wilde om haar kinderen te kunnen ontvangen.

Of die man die vastzat aan de verdovende middelen en er maar niet vanaf kwam.

Geen uitzicht, geen toekomst, geen hoop.

Want draait het daar immers niet om? Hoop?

Hoop dat het leven je blijft toelachen zoals het doet. Of hoop dat het leven dat eens weer zal doen, dat het anders zal worden. En dat je het volhoudt tot het zo ver is.

Iemand zei me eens: ’Als over tien minuten de wereld zou vergaan, dan ga je na een gesprek met jou nog steeds hoopvol die laatste tien minuten in.’

Dat vond ik een prachtig compliment. Want dat is wat ik als pastor wil brengen – hoop.

Als er namelijk iets is dat we nodig hebben in een wereld vol onrust, in levens die gebroken zijn, dan is het hoop.

Want als het uitzicht uit zicht is, dan doet hoop leven.

column gelovig

Meer nieuws uit West-Friesland

Meest gelezen