Prinsjesdag The Musical. Recensie **** | column

Richard Kemper

Afgelopen week ging theatergroep Rutte IV in première met het stuk ’Prinsjesdag, The Musical’. De verwachtingen waren hoog gespannen en dat mag ook wel want na een try-outperiode van ruim negen maanden zou je denken dat de makers voldoende tijd hebben gehad om met een verpletterend theaterstuk op de proppen te komen. Die bevalling lukte grotendeels.

De meest recente creatie van de theatergroep past in het genre ’locatievoorstellingen’, dat zich sinds enige jaren in een groeiende populariteit mag verheugen. Maar liefst twee locaties koos regisseur Rutte voor wat hij vooraf aankondigde als zijn laatste meesterwerk. Voor de eerste akte werd gekozen voor de traditionele Koninklijke Schouwburg in Den Haag.

Wie hier spetterende dialogen had verwacht kwam echter bedrogen uit. In een vrij statische enscenering vochten slaap en to-dolijstjes om aandacht van de bezoekers tijdens de eentonige monoloog van ’de koning’, een rol die vrij zielloos werd vertolkt door acteur W.A. van Oranje.

Menig bezoeker had moeite met de geloofwaardigheid waarmee hij invulling gaf aan de rol van ’hoeder des vaderlands en baken van rust in woelige tijden’. Hang de man een leren schort om en doe z’n haar in een knotje en hij had zo door kunnen lopen naar de filmset van ’Soof 3’ voor een rol als barista in een hip koffiebarretje.

Lichtpuntje in de eerste akte waren de kostuums. Met name de hoedenafdeling van Stage Entertainment had flink uitgepakt. Soms te flink, naar de smaak van deze recensent. De geforceerde symboliek die er in de hoofddeksels was gepropt lag er te dik bovenop. Zo zou Caroline van der Plas met haar strooien cowboyhoed niet misstaan in het achtergrondkoor van de Achterhoekse band Normaal.

Het ontbrekende spektakel tijdens de eerste akte werd gelukkig ruimschoots goedgemaakt in de tweede akte. Met een letterlijk onnavolgbare rede op de volgende locatie (de Tweede Kamer) zweepte acteur Baudet de gemoederen op tot een kookpunt.

Complimenten voor de casting van deze rol, want de Heemsteedse, brallerige toon van een verwend gymnasiastje die aan z’n moeder uitlegt waarom hij recht heeft op een nieuwe au pair, treft precies de tijdgeest van zichzelf tot elite uitroepende niksnutten die claimen namens ’het volk’ te spreken. Maar in toon, stijl en inkomen verder af lijken te staan van datzelfde volk dan Charles van Diana tijdens de hoogtijdagen van hun huwelijk.

Net toen uw recensent naar het puntje van zijn stoel schoof om de repliek te horen van Vak K, verraste het ensemble de bezoekers met een vertrek richting coulissen. De enigszins rommelige choreografie deed niets af aan deze onverwachte wending. Een gedurfde keuze in regie.

Wat volgde in de derde akte was een metafoor voor de stand van het land en vooral van de hoofdrolspeler in wat inmiddels een vierluik genoemd mag worden: Rutte 1, 2, 3, en 4. Eenzaam kroop de Houdini van de Nederlandse politiek terug in Vak K. Het decor van lege stoelen om hem heen symboliseerde treffend de eenzaamheid die de grote roerganger moet voelen in de nadagen van zijn leiderschap. En zo toont het stuk het verdriet van de vaandeldrager.

Je kan koningen ontmoeten, virussen bezweren, de nasleep van vliegtuigrampen begeleiden, oorlogen in de kiem smoren en de kont van je koning redden, uiteindelijk vind je jezelf op een stoel tegenover een briesende puber en denk je: „We hadden toch meer ruimte moeten maken voor het budget ’verwarde personen’.” Je kijkt om je heen en… iedereen is weg.

Een treffend en meeslepend stuk, dat vier sterren verdient. Die ene ontbrekende ster heeft alles te maken met de geloofwaardigheid van dit verhaal. Maar ja, het is dan ook theater.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.