Oôs Joôs kan eindelijk weer los - lekker in de eigen streektaal

De mannen van Oôs Joôs op de bühne.

De mannen van Oôs Joôs op de bühne.© Aangeleverde foto

Martin Menger
Berkhout

Ze mogen weer, de mannen van de West-Friese band Oôs Joôs. Na een wel erg lange pauze kan het repertoire in de eigen streektaal worden afgestoft. Het eerste optreden is zaterdag in sporthal de Klamp in Andijk.

„Dit komt wel heel erg mooi uit”, bedenken gitarist Kees Klaver en zanger Edwin de Weerd hardop, wanneer de agenda erbij komt. „Deze week wordt ook afgeschaft dat je moet testen voor toegang, dus dan kan het zaterdag in Andijk weer als vanouds lekker losgaan.”

Daar komt bij dat er vooraf erg veel liefhebbers waren die al een plekje in de hal hebben gereserveerd. „Logisch, want iedereen is op een of andere manier wel toe aan een verzetje”, weet De Weerd. „Dat geldt ook voor ons. Wij hebben vorig jaar welgeteld één optreden gehad, in Zijdewind. Daarna stond er nog van alles gepland, onder meer in Oudkarspel of bij zaal Van Rooijen in Wervershoof, maar ja ... Die lockdown …”

(Tekst gaat door onder de foto)

De gebroeders Knoin, zoals de leden van de pretband Oôs Joôs ook wel worden genoemd.

De gebroeders Knoin, zoals de leden van de pretband Oôs Joôs ook wel worden genoemd.© Aangeleverde foto

Oogsten

Twee jaar geleden heeft de band nog een nieuwe cd uitgebracht, maar van ’oogsten’ met optredens kwam weinig - terwijl het jaar daarvoor juist top was, met volle zalen. Van de weeromstuit is er dus weer gerepeteerd om nummers als ’Ik wil snert’, ’Opel Record’ en de meezinger ’Vadert studdert in z’n skuur’ als vanouds soepel te kunnen brengen.

Dat belooft wat voor geplande optredens op 15 april in De Heerlijkheid in Oudkarspel (uitverkocht), zaal Dollenburg in De Goorn (zondag 17 april), het feest van jongerenvereniging Argos in De Weere (14 mei) en jit najaar op 1 oktober in Wervershoof bij Van Rooijen. De band rekent er ook op dat met kermis in Zandwerven nog wel een plekje vrij zal zijn op het podium.

„Ik denk dat we in Wervershoof wel een eerbetoon kunnen brengen aan Irene Schouten, met het nummer ’skik op skaase’, vermoedt Klaver. „Aan de andere kant hebben wij ook wel door dat onze optredens vooral in de eigen provincie - het noorden daarvan - tot hun recht komen. Daar valt het dialect kennelijk in de smaak. Wij vinden dan niet erg, integendeel: lekker in de buurt spelen betekent ook geen geen lange reistijd. En wij worden er als de gebroeders Knoin ook niet jonger op.”

Meer nieuws uit West-Friesland

Meest gelezen