Een van de laatste Nederlandse Auschwitz-overlevenden overleden. Ernst Verduin (92): ’De mensheid leert niets’

© Rene Bouwman

ROB SAVELBERG / ANP
Bussum

Een van de laatste Nederlandse overlevenden van vernietigingskamp Auschwitz, Ernst Verduin, is overleden. Dat meldt de NOS. Hij overleefde niet alleen Auschwitz, maar ook een 'dodenmars' die uiteindelijk naar het concentratiekamp Buchenwald leidde. Verduin werd 94 jaar. Eerder verscheen onderstaand interview in deze krant.

Ernst Verduin (92) overleefde Auschwitz: ’De mensheid leert niets’

Door Rob Savelberg

Koning Willem-Alexander, Koningin Maximá en premier Rutte zullen maandag de herdenking van de bevrijding van Auschwitz bijwonen en luisteren naar toespraken van de laatste overlevenden van het concentratiekamp. „Doe de groeten maar aan de koning”, zegt Ernst Verduin (92), die met groot geluk en tegenwoordigheid van geest de hel op aarde overleefde.

„Ik had gehoord dat er selectie zou zijn. Toen we in Birkenau aankwamen stond ik in de rij voor de gaskamers. Mijn leven hing aan een zijden draadje. Maar ik wist uit het Nederlandse kamp Vught, dat er in Auschwitz werkkampen waren. Toen ben ik in de rij voor de werkkampen gaan staan. Dat redde mijn leven. Het was het beslissende moment, in mijn leven, ga je linksom, of rechtsom”, vertelt hij openhartig.

Ernst Verduin was een knaap van vijftien jaar toen hij uit Amsterdam op transport ging naar Auschwitz. „Uiteindelijk ben ik er maar een paar uur geweest. Toen werd ik als dwangarbeider naar het nabije kamp Monowitz gestuurd. Ik werkte daar op het industriecomplex van IG Farben. Wij legden een waterzuiveringsinstallatie aan, beheerden met studenten uit Frankrijk en Britse krijgsgevangenen magazijnen voor buizen.” Ook had Verduin een benzinestation onder zijn hoede. Daar kreeg hij ruzie met een SS-er die hem van diefstal beschuldigde: „En als je van de Wehrmacht stal, werd je opgehangen.” Wonder boven wonder won hij de rechtszaak.

Menselijkheid

Graag herinnert Verduin zich aan de menselijkheid van de Polen rond de kampen. „Zij brachten ons vaak eten, worst of brood.” In die tijd overleefde hij ook de tyfus. En dronk hij zijn eerste bier: „Dat was eigenlijk bedoeld voor de Poolse burgers of normale arbeiders, maar het werd gedeeld.”

Kamp Monowitz noemt Verduin ’het vervolg van mijn vakantie’. Verduin maakt er grapjes over. Zijn sarcasme is een manier om met de geschiedenis om te gaan. Toen de Russen in aantocht waren, vluchtten de Duitsers en namen de gevangenen mee. „We gingen op dodenmars. Het doel was dat iedereen bij de barre tocht overleed. Bij Gleiwitz aangekomen sprong ik tegen de wil van de SS-ers op een trein. Die ging echter naar vernietigingskamp Buchenwald bij Weimar. Daar moest ik zwaar werk doen. Houthakken. Maar in elk geval kreeg je er twee keer per dag warm eten.”

Familiebedrijf in beslag genomenNa de oorlog bleek de dameshoedenfabriek van zijn vader in beslag te zijn genomen. „We kregen de fabriek terug en hebben een zaakwaarnemer ingezet.” In de jaren vijftig werkte Verduin om zijn studie economie te bekostigen. Hij maakte carrière in de pensioenbranche.

Een groot deel van Verduins familie kwam in de Duitse kampen om het leven. Ooms en tantes. Oma’s en opa’s. Zijn moeder overleefde, zijn vader niet. „Mijn 18-jarige zus ging in 1943 mee naar Auschwitz. Ik zag haar nooit meer terug. Ze hebben haar opzettelijk met tyfus geïnjecteerd.”

GenadeMaar opmerkelijk genoeg vindt Verduin dat het leven hem uiteindelijk genadig is geweest: „Ik ben 92 jaar, rij nog auto, kom zonder zorg het huis uit, heb een partner, kinderen en kleinkinderen.” Verduin spreekt een veelvoud aan talen, werkte in de hele wereld.

Uiteindelijk kwam hij nog enkele keren terug naar Auschwitz: „Ik ben er met mijn zoon en dochter geweest, met een groep van het Nederlandse Auschwitz Comité. En in 2005 ging ik er met kroonprins Willem-Alexander heen. We hebben toen nog samen de Nederlandse barak schoongemaakt en gepoetst. Urenlang. Een fijne, prettige man, die later koning werd. Een man met verstandige blik.”

Terugkijkend zegt Verduin: „Hopelijk komt er nooit meer dergelijke ellende. Al leert de mensheid niets. Kijk maar naar de eindeloze oorlogen in Syrië en Jemen.”

Meer nieuws uit Gooi

Meest gelezen