Soms zijn mensen in gele hesjes niet meer dan mensen in gele hesjes | column

Janice Deul

Tegeltjeswijsheden. Ik houd ervan. Sort of. ’Alles komt goed,’ is mijn lijfspreuk. (’Niet vanzelf en al helemaal niet vandaag of morgen’, voeg ik daar in gedachten altijd aan toe.)

Self-love is the best love,’ mag ik ook graag gebruiken. Of neem het Cruijffisme: ’Je ziet het pas als je het doorhebt.’ Ook mooi is deze: ’Het gaat niet om de bestemming, maar om de reis ernaartoe.’ Ongetwijfeld overdrachtelijk bedoeld, maar prima letterlijk te nemen, zoals deze week weer bleek.

Desolate dorpskernen

Ik moest voor werk naar Zeeland, Middelburg om precies te zijn, en de man ging gezellig mee. Gek hoe je je op nog geen uur rijden van je woonst in een heel andere wereld kunt wanen. We crosten door de delta, langs plassen en kreken, door desolate dorpskernen.

We zouden onderweg wat eten, dus maakten we een pitstop op Goeree-Overflakkee, een eiland dat ik met name uit de aardrijkskundelessen ken. Het betreffende dorp leek uitgestorven, totdat we zowaar leven ontwaarden: mensen die zich voortbewogen in groepjes of - stevig gearmd - met z’n tweeën. Grotendeels zwijgend, doelbewust stappend en allemaal gestoken in een mouwloos groengeel vest met fluo strepen. Plots doken ze overal op: links en rechts, voor en achter ons.

Gelehesjesbeweging?

Waar waren we beland? Wat was dit in godsnaam? Een protestactie van antivaxxers, de laatste stuiptrekkingen van de gelehesjesbeweging, een buitenaardse invasie? Onze fantasie (lees: die van mij) ging danig met ons op de loop. Maar hongerig waren we nog steeds en het was na zevenen, dus de tijd begon te dringen.

Thank G ontwaarden we een eetgelegenheid waar licht brandde. Het was een pannenkoekenhuis, dus hij nam erwtensoep en ik friet. Van achter het raam zagen we ze weer voorbijtrekken: de geelgehesten. Onze nieuwsgierigheid (lees: die van mij) won, dus vroeg ik de uitbaatster van het restaurant ronduit: „Wie zijn die mensen, wat willen ze, hoe vaak komen ze bijeen?”

Schaterlachen

De pannenkoekenmevrouw antwoordde: „Ze maken een ommetje. Hier in het dorp is weinig straatverlichting, dus vandaar die hesjes. Dan zijn we tenminste zichtbaar voor elkaar.” Ik keek de man aan, hij keek naar mij en we schaterlachten allebei. Het leven kan simpel zijn, en dat is best fijn. Soms is iets gewoon wat het is. Zou daar ook een tegeltje van zijn?

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.