La Palma valt niet zomaar in zee, zegt TU Delft

Cumbre Vieja op La Palma.

Cumbre Vieja op La Palma.© Foto EPA

Annet van Aarsen

Het lijkt wel het jaar van vulkanisch natuurgeweld. Nadat in het voorjaar op het IJslandse schiereiland Reykjanes de Fagradalsfjallvulkaan ontwaakte, kijken we nu al weer bijna een maand naar de verwoestende uitbarsting van de Cumbre Vieja op La Palma, met complete dorpen die door de lavastromen worden verwoest.

Het kan bijna niet erger, zou je denken. Nou, dus wel. Eind vorige eeuw publiceerden geologen een studie, waarin een scenario werd beschreven, dat het prima zou doen als rampenfilm in de bioscoop. De wetenschappers meenden dat La Palma zo instabiel is dat grote delen van het eiland bij een vulkaanuitbarsting in zee zouden kunnen storten. Met een mega-tsunami tot gevolg, met golven van honderden meters hoogte. Steden als New York, Boston, Lissabon en Casablanca zouden daarbij grotendeels van de aardbodem worden weggevaagd.

Realistisch? Niet op korte termijn, was de conclusie in 2006 van nieuw onderzoek door de TU Delft: La Palma is volgens die studie veel stabieler dan in het algemeen wordt aangenomen. Het zou nog minstens 10.000 jaar duren voordat de zuidwestelijke flank van het eiland in zee valt en een mega-tsunami veroorzaakt. Volgens de berekeningen van zou de kracht van ongeveer 600 miljoen straaljagermotoren nodig zijn om de flank uit elkaar te trekken, 12.000 tot 28.000 miljard Newton. Cumbre Vieja zou daar nu nog te klein voor zijn. Hopelijk hebben ze in Delft gelijk.

Meer nieuws uit Achtergrond

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.