Popronde in Haarlem komende zaterdag bijna als vanouds. Voor vijf euro koop je een entree-polsbandje voor honderd optredens

Violist Honingbeer treedt zaterdagavond op in de Stadsbibliotheek.

Violist Honingbeer treedt zaterdagavond op in de Stadsbibliotheek.© Publiciteitsfoto

Peter Bruyn
Haarlem

De Popronde is terug. Komende zaterdag doet het reizende festival Haarlem aan.

Er zijn wat verschillen met voorheen. Zo moet er dit jaar een entreebandje – passe-partout - gekocht worden en is ook het corona-vaccinatiebewijs of een negatieve test noodzakelijk. Wie dat heeft kan tussen maar liefst vijftien locaties pendelen, waar in totaal vierenveertig concerten plaatsvinden.

Ooit, alweer zo’n kwart eeuw geleden, begon de Popronde in Nijmegen als ‘alternatieve concert-kroegentocht’, waarbij het mes aan twee kanten sneed: Horecaondernemers konden dankzij het initiatief nieuw publiek trekken en voor aanstormend muziektalent werden speelplekken geschapen. De groei van het festival, dat in 2019 in veertig steden plaatsvond, vergrootte ook de impact voor de artiesten, die aan de Popronde soms tientallen concerten overhielden.

Springplank

Daarmee werd het festival een belangrijke springplank naar een landelijke doorbraak. Kensington, Lucky Fonz III, Sabrina Starke, Lakshmi en Roosbeef kunnen er over meepraten, om maar enkele namen te noemen. Totdat in 2020, zoals overal, alles stilviel.

Inmiddels is het festival terug. De editie 2021 startte vorige maand nog onder de anderhalve meter maatregelen, met geplaceerde concerten, maar eind september kon worden overgeschakeld naar ‘bijna de oude formule’. ,,Het was heel lastig voorbereiden, omdat we voortdurend met twee scenario’s moesten werken,’’ zegt Jesper van Rooijen die de Haarlemse Popronde-editie coördineert. ,,Pas 19 september hoorden we dat de horeca ook mee kon doen,’’

De laatste jaren vóór de pandemie was al begonnen om andere culturele instellingen bij het festival te betrekken, zoals theaters, bibliotheken en musea, maar ook winkels, om zo het draagvlak breder te maken. ,,Dat er op die plekken dit najaar iets zou kunnen, bleek al eerder,’’ licht Van Rooijen toe. ,,Maar de horeca heb ik eind september pas in het Haarlemse programma in kunnen voegen.’’ Uiteindelijk zijn dat acht van de vijftien Haarlemse speelplekken geworden.

Om de horecazaken ter wille te zijn, betaalt de Popronde dit jaar de honoraria van de muzikanten. Vandaar dat er komende zaterdag voor vijf euro een ‘entree-polsbandje’ moet worden gekocht.

Met die bandjes – inclusief de daaraan gekoppelde covid-check – kan de muziekliefhebber bij alle deelnemende podia terecht. ,,Het is ons uitgangspunt dat die entree een éénmalige zaak blijft,’’ zegt Popronde-oprichter Mischa van den Ouweland. ,,Volgend jaar moet het gewoon weer gratis zijn, zoals we het altijd gedaan en gewild hebben.’’

Duizend groepen

Ieder jaar melden zich meer dan duizend groepen en solisten om mee te mogen doen aan de Popronde. Dit jaar zijn er daaruit honderd geselecteerd. De nieuwe ‘niet-horeca’ locaties bieden ook in artistieke zin andere mogelijkheden. ,,In het verleden speelden singersongwriters soms in een pijpenla-cafeetje waar iedereen stond te borrelen en te babbelen,’’ zegt van den Ouweland. ,,Zo’n artiest komt nu veel meer tot z’n recht in een bibliotheek of boekhandel.’’

Van Rooijen kan dat beamen: ,,Dit jaar doet de Haarlemse Stadsbibliotheek voor het eerst mee. Zij wilden graag de uitersten van het muzikale spectrum programmeren. Dus hebben zij eerst de ingetogen viool-ambiënt van soliste Honingbeer en later op de avond de punkrap van YoungRubbi staan. Daar zijn we heel blij mee. Net als met jongerencentrum Flinty’s dat samen met het jongerenplatform Woord voor Woord van STAD alleen maar hiphop programmeert, want dat is altijd lastig in Haarlem.’’

Zie voor het hele poprondeprogramma: www.popronde.nl/steden/haarlem

Meer nieuws uit Haarlem

Meest gelezen