Ik hoor het aan en ik denk: ’Hoe kan het toch, dat zoiets als het verplaatsen van een bed, zo uit de hand loopt?’ | Column

Assia Krim

De whatsappjes stromen binnen van mijn cliënt, terwijl ik in bijeenkomst zit van mijn netwerkclubje Haarlemmerolie.

’Ze is me gewoon aangevlogen!’

’Heeft ze die gek van haar vader meegenomen om onze zoon op te halen. Lafaard! En dan mij ook nog bedreigen.’

’De volgende keer timmer ik ze allebei op hun smoel.’

’Zal ik aangifte doen van bedreiging?’

Gelukkig kan ik me al snel verontschuldigen om de bijeenkomst te verlaten. Ik heb namelijk een zitting in Almere. Nog een uurtje reistijd met de trein, aangezien de vertrektijden niet 100 procent betrouwbaar zijn, zorg ik ervoor dat ik ruim op tijd vertrek. Beter een half uur te vroeg, dan vijf minuten te laat.

Buiten aangekomen bel ik cliënt en hij vertelt wat er zich zojuist in het huis heeft afgespeeld. Ik hoor hem geduldig aan en steek daarna van wal:

„Deze ruzie had voorkomen kunnen worden als je mijn advies van gisteren had opgevolgd en gewoon dat toestemmingsformulier had getekend, zodat zij met jullie zoon op vakantie kan gaan.”

„Dat heb ik net gedaan toen ze onze zoon kwam ophalen en toch vloog ze me aan en dat allemaal terwijl het mannetje boven in zijn bed ligt te slapen. Ik ben zo ontzettend klaar met dat mens en haar huichelachtige houding.’’

,,Vorige week bij de rechtbank zei ze dat ze nooit in het huis slaapt omdat ze bang voor mij is. Leugenaar. Afgelopen dinsdag is ze hier nog geweest en heeft ze mijn bed naar de logeerkamer gesleept en allemaal schade gemaakt. Kon ik het bed de volgende dag weer helemaal terugzetten. En wie mag de schade weer repareren? Ik, want ik ben Jan met de korte achternaam. Ze doet waar ze zin in heeft. En ik moet alles maar pikken? Ik ben er klaar mee! Vanaf nu kan ze het heen en weer krijgen. Ik werk nergens meer aan mee.’’

,,Oh ja, en ik ben ontzettend uit mijn dak tegen ze gegaan. Dat zal ze wel weer hebben opgenomen. Kreng! Eerst mijn bed verplaatsen, daarna mij aanvliegen en dan mijn reactie opnemen. Wat kan ik hiermee? Zal ik aangifte doen? Ik wil ook niet meer dat haar vader in mijn huis komt. Hij is mij een doorn in het oog.”

Ik hoor het aan en ik denk: ’Hoe kan het toch, dat zoiets als het verplaatsen van een bed, zo uit de hand loopt?’

Geduldig adviseer ik hem om vooral geen aangifte te doen. Hij schiet er in dit geval niets mee op. Zij heeft haar vader als getuige en waarschijnlijk ook nog een opname waar hij schreeuwend op staat.

Ik vervolg: „En wat het huis betreft: het is júllie huis. Het feit dat jouw vriendin op jouw dagen met jou in de woning verblijft - tegen mijn advies in - is voor jouw ex, zoals je weet, ook een doorn in het oog.’’

Uit zijn gemompel hoor ik de woorden: ’vuile heks’. Ik ga er maar vanuit dat hij op zijn ex doelt en niet op mij.

Assia Krim is familierechtadvocate en mediator, ze woont in Zandvoort, haar praktijk is gevestigd in Haarlem. Om de week schrijft ze op deze plek over wat ze tijdens haar werk meemaakt.

Assia Krim is familierechtadvocate en mediator, ze woont in Zandvoort, haar praktijk is gevestigd in Haarlem. Om de week schrijft ze op deze plek over wat ze tijdens haar werk meemaakt.

Meer nieuws uit Haarlem

Meest gelezen