Op deze dag in 1906 verbeterde Coen de Koning het werelduurrecord op de schaats. ’Opgeven en mij laten uitlachen, nee, dat nooit. Doorzetten of erbij neervallen’

Coen de Koning poseert met zijn medailles.

Coen de Koning poseert met zijn medailles.© Archieffoto

Kees van Dalsem

In deze rubriek blikken we terug op een historische sportgebeurtenis die deze week haar ’verjaardag’ viert. Vandaag, het werelduurrecord schaatsen dat Coen de Koning op 29 januari 1906 verbrak in het Zwitserse Davos.

Coen de Koning is misschien een van de beste schaatsers die Nederland gehad heeft. Hij had niet alleen heel lang nationale records in zijn bezit, maar ook de diversiteit aan titels die de sporter uit Edam verzamelde is indrukwekkend. Zo is hij de enige schaatser die zowel wereldkampioen allround werd, de Elfstedentocht (in 1912 en 1917) won als in het bezit van het officieuze werelduurrecord was.

Trots

De Koning was een man die trots was op zijn prestaties: hij liet zich graag fotograferen met al zijn medailles opgespeld, staande voor zijn gewonnen bekers. Maar het was ook een op een top sportman. Toen roken en drinken nog gezond werden gevonden, had De Koning dat al afgezworen. Hij trainde veel en was zodoende een uitstekend stayer. In 1905 werd hij in Groningen wereldkampioen: een prestatie die pas in 1961 door Henk van der Grift herhaald werd.

Uurrecord

De schaatsenrijder schreef zijn belevenissen zelf op en dankzij zijn kleinzoon Coen Rams is dat makkelijk terug te vinden in het digitale boekje ’Coen de Koning, zijn verhaal’. In 1906 reed hij in Davos eerst in het weekend het Europees kampioenschap, waar hij tweede werd achter de Noor Rudolf Gundersen, om op maandag 29 januari een poging te doen om het werelduurrecord van de Engelsman Charles Edgington te verbeteren. Dat was een idee van Emil Meerkämper, een beroemd fotograaf uit Davos.

Gangmakers

Het was in die tijd niet ongewoon dat er hulp van een gangmaker werd ingeroepen en Meerkämper had geregeld dat Gundersen en de Oostenrijker Franz Schilling, derde op het EK, voor De Koning zouden rijden. Dat was volgens de Noord-Hollander geen succes. De twee wisselden elkaar om de vijf banen af, maar alleen Gundersen kon het tempo volhouden. De Koning had het ook lastig en dacht eraan te stoppen, maar hij schreef: „Opgeven en mij laten uitlachen, nee, dat nooit. Doorzetten of erbij neervallen.”

Natuurijs

Uiteindelijk kwam De Koning 1474 meter verder dan Edgington. Hij reed in een uur 32.370 meter, een record dat de Marius Strijbis uit Zuid-Scharwoude in 1949 in Hamar verbeterde naar 32 kilometer en 660 meter, nog steeds de beste prestatie op natuurijs.

Op kunstijs is het record de laatste jaren vooral in handen van Nederlanders. Zo deden Jos Niesten en Henk Angenent allebei een succesvolle poging. De records staan nu op naam van Erik Jan Kooiman (43.735,94 meter) en Carien Kleibeuker (40.569,68 meter). Het geslacht De Koning leverde overigens nog meer kampioenen op: de zoon van Coen’s broer Sjaak, Aad de Koning, was ook een sterke Elfstedenrijder. De kleinzoon van Sjaak, Jacques de Koning, was weer een uitstekend sprinter.

tikkie terug

In deze rubriek blikken we terug op een historische sportgebeurtenis die deze week haar ’verjaardag’ viert.

Wedstrijd: Werelduurrecord door Coen de Koning

Datum: 29 januari 1906

Plaats: Davos

Meer nieuws uit Sport

Meest gelezen