Vissenkop, spobomen en de Haringvijver, het IJmuidens dialect brengt inwoners van de Zuidzij samen op Facebook

IJmuidenaren worden ook wel vissenkoppen genoemd.
© Foto Getty Images/iStockphoto
IJmuiden

Kijk die Vissenkop met zijn zweetkakkies in zijn karretje over de Knaaldijk scheuren. Oftewel, kijk die IJmuidenaar met zijn zweetvoeten in zijn auto over de Kanaaldijk scheuren. Het IJmuidens dialect kwam vorige week weer tot leven aan de ’Zuidzij’ door een Facebook-bericht op de pagina ’Je bent IJmuidenaar als….’, waarin werd gevraagd naar ’IJmuiense’ woorden. In meer dan 470 enthousiaste reacties delen inwoners hun kennis van de streektaal met elkaar.

Het erkende dialect bevat meer dan 150 woorden en een tiental gezegden. Sommige woorden lijken herkenbaar of zijn simpelweg een afgekorte versie van het originele woord. Zo wordt spoorbomen afgekort naar spobomen, school naar skool, Oud-IJmuiden naar outemuie en wordt aardappel uitgesproken als aarappols.

Een kolenzak

Van andere woorden is de betekenis moeilijker te raden. Zo wordt een grote zwarte hond een kolenzak genoemd, is de Noordzee de Haringvijver, werden de lossers aan de wal tot kaairidders betiteld en wordt iemand uit Egmond een Derreper genoemd.

In de reacties onder het Facebook-bericht is het een drukte van vanjewelste. Zo beschrijft Wout Booij hoe zijn vader vroeger een werkschuwe collega had, en daar altijd over zei: „Die vent was lui! Hij dorst (durft) niet te gaan slapen, bang om van werken te dromen.”

Bakkie tuffen

George Hermans beschrijft in zijn reactie het IJmuidense fenomeen ’bakkie tuffen’, oftewel het in de sneeuw aan een autobumper hangen en je op die manier voort te laten trekken.

René van der Plas haalt in zijn reactie herinneringen op aan zijn opa, die Spaarnwoude altijd ’De Rekredazie’ noemde.

Linda Stopel, die vier maanden geleden naar IJmuiden is verhuisd, geniet van het dialect: „Ik heb 25 jaar in Twente gewoond en dacht dat wij gekke en grappige woorden hadden.”

Ompraten

Naast het dialect heeft IJmuiden ook een eigen taal gecreëerd. Deze taal, het ompraten genoemd, ontstond rond 1900. De taal, met als basis het omdraaien van lettergrepen, werd verzonnen om concurrenten die iets niet mochten horen, te misleiden.

Zo werd: ’Gaat het goed?’, omgetoverd tot ’taag tie doeg’ en ’wat doe je?’, werd ’taw, eod je?’

„De taal werd bedacht door de roeiers die als taak hadden om loodsen af te leveren op schepen”, zegt Jan Zwanenburg, die als een van de weinigen nog kan ompraten. „Deze concurrenten, de gouden ploeg en de koperen ploeg genaamd, zaten in houten huisjes naast elkaar, waardoor ze altijd konden horen wat de ander zei. Door woorden om te draaien werd de concurrent misleid en maakte je meer kans om sneller bij de boten te zijn.”

Duitsers

De taal ontwikkelde zich door de jaren heen tot hele zinnen. Een voorbeeld: ’Eij pookt siv in ed sivlah, oftewel: ’Hij koopt vis in de vishal’. Rond deze tijd werd de taal ook thuis overgenomen. Kinderen leerden het automatisch.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog kwam de taal IJmuidenaren goed uit meent Jan. „Duitsers die aan de grens opgroeiden spraken gewoon Nederlands, maar de omdraaitaal konden ze niet verstaan. Vanaf de jaren zestig zwakte de taal af en tegenwoordig wordt het alleen nog door een enkeling in de vishal gesproken.”

Hier is de besloten Facebookgroep Je bent IJmuidenaar als... te vinden. Wie erop wil kijken moet lid van Facebook zijn en zich aanmelden als lid.

Meer nieuws uit IJmond

Meest gelezen