Ad Ordelman (66), de ’zesde of zevende generatie op de kermis’

Ad Ordelman voor zijn attractie.
© Foto Mediahuis / Eric Molenaar
Hoorn

Ad Ordelman (66) en zijn echtgenote hebben een huis in Apeldoorn, maar daar zijn ze normaal gesproken zo’n tweeënhalve maand per jaar.

De kermis is hun leven. Toen corona nog geen spelbreker was, reisden ze van half maart tot begin januari, onafgebroken. Een luxe Amerikaanse trailer is hun onderkomen.

Ze zijn vaste gasten in Hoorn. De laatste jaren met het Fun House annex Fire Department. Een familie-attractie die de bezoekers een route van 360 meter langs allerlei obstakels en uitdagingen laat volgen. ,,Maar je moet niks, heftige dingen kun je omzeilen.’’

Hun zoons staan ook op de kermis: Willy met de Airborne (nu ook in Hoorn). Albert is exploitant van de Propeller. Ad is zelf via zijn moeder ’de zesde of zevende generatie’ als kermisexploitant. ,,We hebben altijd tegen onze zoons gezegd dat ze beter konden gaan studeren en dan later altijd nog zouden kunnen kiezen voor het kermisleven, maar dat gebeurde niet. Dat zie je vaker bij kermisfamilies. Terwijl het toch geen simpel leven is. Je maakt veel uren en werkt ook ’s avonds en in de weekenden. Maar aan de andere kant heb je ook het avontuur, de romantiek, elke keer een andere stad. Ik weet eigenlijk zelf niet wat het is. Je moet natuurlijk wel wat verdienen, maar je moet er ook gevoel bij hebben. Niet continu op je horloge kijken, van ’hoe lang moet ik nog’.

Corona heeft de kermisbranche keihard getroffen. ,,De hoofdmoot ligt in het seizoen, de meesten hadden in oktober hun laatste inkomen.’’

Hij wijst er op dat onder meer in Tilburg uit metingen is gebleken dat de kermis niet veel meer coronabesmettingen heeft veroorzaakt. ,,Dat komt omdat het in de buitenlucht is. Net als winkelstraten. Die gooien ze ook niet dicht.’’

Omdat de bezoekersstroom naar de Hoornse kermis vanwege de hitte later op gang komt, hoopt hij dat de gemeente toestemming geeft ’s avonds een uurtje langer door te gaan.

,,Een soort ’tropenrooster’.’’ Juist op het Pelmolenpad zou dat goed uitkomen. ,,We zijn heel blij met deze locatie. Maar in de binnenstad is het wat dat betreft beter. Daar heb je de horeca en winkels. Hier is buiten de kermis niets te doen.’’

Dit artikel is het eerste in de reeks ’Gezichten van de kermis’.

Meer nieuws uit West-Friesland

Meest gelezen