Niemand zit te wachten op een euthanasiegerechtigde leeftijd, voltooid leven wordt niet alleen bepaald door levensduur | Commentaar

Na haar succes met de donorwet heeft Kamerlid Pia Dijkstra de smaak te pakken. Vrijdag diende ze het initiatiefwetsvoorstel Voltooid Leven in.

De wet regelt dat wie 75 of ouder is kan aankloppen bij een levenseindebegeleider voor hulp bij zelfdoding. Niet alleen als sprake is van ’uitzichtloos en ondraaglijk lijden’, maar ook wanneer het leven als ’voltooid’ wordt ervaren.

Christelijke partijen als het CDA en vooral de ChristenUnie zijn verklaard tegenstander van de wet. Maar omdat het voorstel deze kabinetsperiode niet meer aan behandeling toe zal komen - eerst moet de Raad van State nog advies uitbrengen en daarna staan de verkiezingen voor de deur - heeft Dijkstra toch gemeend haar voorstel in te moeten dienen.

Om de kansen voor de wet te vergroten is een leeftijdscriterium toegevoegd. Dat is vreemd en vertroebelt de principiële vraag of iedereen zelf moet kunnen beslissen of zijn leven voltooid is én of de samenleving zo’n doodswens moet faciliteren door stervenshulp te bieden. Onderzoek wijst uit dat de wens tot levensbeëindiging nauwelijks samenhangt met de levensduur. Iemand van 62 kan precies dezelfde argumenten hebben om het leven te beëindigen als een gevorderde zeventigplusser. De een wel helpen en de ander negeren riekt naar leeftijdsdiscriminatie.

Daar komt bij dat het stellen van een leeftijdsgrens een morele druk legt op degenen die boven de 75 zijn en geen gebruik willen maken van zo’n regeling. Zijn zij een last voor de maatschappij? Niemand zit te wachten op een euthanasiegerechtigde leeftijd. Dit wetsvoorstel is nog onvoltooid.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.