Het gevreesde wattenstaafje gaat diep mijn neus in. Best diep, eigenlijk (Column)

1 / 2
Arie Bergwerff

Omdat in korte tijd mijn neus loopt, mijn hoofd bonkt, mijn keel schuurt en mijn temperatuur stijgt neem ik contact op met m’n huisarts. Waarom het oude lijf opeens kraakt en piept weet ik niet maar in deze dagen dient een mens waakzaam te zijn. De doktersassistente stuurt mij gedecideerd richting coronateststraat. Het verrast me, waar zou ik gezien alle zorgvuldigheid dit akelige virus dan hebben opgelopen?

Ik bel het GGD-nummer en geef er mijn gegevens door aan een aardige mevrouw, die mij eerst nog naar Rotterdam wil sturen. Als ik wijs op de teststraat hier in de buurt mag dat gelukkig ook. Ik kan er de volgende dag terecht.

Mijn lief rijdt mij er naartoe, ik zit geheel ingepakt - want koortsig - naast haar. Bij de teststraat dien ik achterin te gaan zitten, ramen dicht tot ik aan de beurt ben. Stapvoets rijden we in colonne de ijsbaan op. Een in beschermend blauw gestoken dame doet - nadat ik mijzelf op haar verzoek half uit de auto heb gedraaid - deskundig haar werk. Er wordt eerst materiaal verzameld in mijn mond, daarna wordt met het gevreesde wattenstaafje diep in mijn neus gepeuterd. Best diep, eigenlijk. De test is een fluitje-van-een-cent, gauw weer naar huis.

De volgende dag al krijg ik een telefoontje. Het is geen corona, vertelt een vriendelijke vrouw. Het is toch een hele opluchting! Via Whatsapp geef ik het goede nieuws door aan de mensen die mij lief zijn. Voeg er schertsend aan toe dat de test met het wattenstaafje heeft uitgewezen dat er bij mij geen sprake is van ook maar enige hersenactiviteit. Net iets te gretig stromen de antwoorden binnen: dat had ook eigenlijk niemand verwacht.

Meer nieuws uit Alkmaar

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.