Premium

In onze straat hangen zestig nestkastjes, tegen de eikenprocessierups | Column Rob van Vuure

In onze straat hangen zestig nestkastjes, tegen de eikenprocessierups | Column Rob van Vuure

De eikenprocessierups dacht: door corona blijf ik in 2020 onder de radar, ik kan lekker mijn gang gaan, niet al die publicitaire ellende van verleden jaar. Niet te vroeg juichen, rups! Ik woon in de Eikstraat, veel eiken en eikels en grote kans op Jeukstraat. Mijn gemeente zet in op ’natuurvriendelijke bestrijding’. Zoals egels slakken eten, torenvalken muizen grijpen en reigers kikkers pikken, zo zijn koolmezen dol op processierupsen. Dus was er speciaal voor ons, voor de bewoners van de Eikstraat, een eenmalige aanbieding. Teken nú in op een nestkastje, professioneel gemaakt: juiste diepte, juiste hoogte, juiste opening. En, last but not least: geen kosten. Gratis thuisbezorgd!

Gevolg: veel mensen in onze straat bestelden er twee, waarom ook niet, het woord ’gratis’ is voor Hollanders uitgevonden en het is bekend dat je van ’gratis’ ongelooflijk natuurvriendelijk kunt worden. Bij het afleveren van de bestelling kregen we ook gratis tips.

’Hang de nestkast op een rustige plek. Niet direct aan een straat. Niet in de volle zon. De invliegopening liefst op het noordoosten. Geen takken direct voor de opening. Vogels verdedigen een territorium, daarom: plaats de kastjes minstens tien meter uit elkaar’.

Eerder waren dit soort acties in Breda, Brummen, Oldebroek en in het ’eikendichte’ Enschede. Mijn gevoel zei meteen wat ook veel rupsdeskundigen verklaarden: ’Goede bedoelingen, maar haalt niets uit. Tel even mee. Koolmezen eten 30 à 40 rupsen op een dag. Soms zitten er duizenden rupsen in één enkel eikenprocessienest. Er is echt maar één afdoende middel: spuiten en nog eens spuiten. Of wegzuigen’.

Ik laat de deskundigen even zitten en ga verder met de goede bedoelingen. Er hangen in en rondom onze straat nu zo’n zestig nestkastjes. Zestig! Een processie van kastjes. In de verre omgeving zijn geen zestig koolmezenechtparen te vinden. Een enkel vogelstel heeft twee behuizingen veroverd, ’tweede huisje nooit weg’, maar er kan niet ontkend worden dat onze buurt met ernstige leegstand te maken heeft.

Komt ook omdat de meeste nestkastjes verkeerd hangen: op de zon, vlakbij lastige takken, aan een weg met auto’s. En veel te dicht bij elkaar. Nog zó gezegd: mezen willen geen rijtjeshuis! Ook zijn veel nestkastjes door kinderen beschilderd (er was een mooi natuur-/kindvriendelijk project), maar zoals altijd met kindertekeningen: alleen de tekeningen van je eigen kind vind je geniaal. Ik zie sommige koolmezen grote bogen maken.

Maar: goede bedoelingen. Dus spuiters en zuigers, even kop houden. Mijn kastje hangt rustig achter in de tuin, in schutkleur tussen de bramen. Was trouwens nog wel even zoeken: niet in de felle zon, goede aanvliegroute. En vooral: catproof, hangt het veilig voor de kat? Tenslotte gelukt, ook de slimste buurtkatten kunnen er niet bij. Want egels eten slakken en koolmezen eten processierupsen, natuurvriendelijk, daar begon alles mee. Maar wat zeker ook waar is: slimme buurtkatten eten koolmezen, vooral die kleintjes die net uit de kast zijn gekomen.

Ook heel erg natuurvriendelijk, maar dat bedoelde de gemeente niet.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.