Premium

Terreinknecht en consul Cees Bijman stopt na 47 jaar bij voetbalclub Berkhout: ’Soms voelde ik me de boeman’

Terreinknecht en consul Cees Bijman stopt na 47 jaar bij voetbalclub Berkhout: ’Soms voelde ik me de boeman’
Cees Bijman trekt voor de laatste keer een lijn op het voetbalveld van Berkhout.
© Foto Marcel Rob
Berkhout

In het betaald voetbal worden ze groundsman genoemd. Cees Bijman houdt het liever bij terreinknecht, dat klinkt wat vertrouwder. Na liefst 47 jaar als hoeder te hebben gewaakt over de velden van voetbalvereniging Berkhout zet de 75-jarige clubman er een punt achter.

Bijman had zich zijn afscheid wel anders voorgesteld. In juni zou de trouwe terreinknecht uitgebreid in het zonnetje worden gezet. Door de coronacrisis kwam medio maart aan alle activiteiten abrupt een eind. En ging het hek van het sportcomplex aan de Kerkebuurt op slot.

,,Heel gek om zo te vertrekken. Ik ga ervan uit dat er na de zomer weer gevoetbald wordt. En dat tijdens de jaarvergadering alsnog wordt stil gestaan bij mijn afscheid”, aldus Bijman.

Al een jaar geleden kondigde hij aan dat het na bijna een halve eeuw mooi is geweest. ,,Mijn hele leven staat in het teken van voetbal. Zelf voetbalde ik bij Grasshoppers in Hoogwoud. In 1970 verhuisde ik met mijn vrouw Gerda naar Berkhout. En sloot me aan bij de voetbalclub. Een groot talent was ik niet. Twee invalbeurten in het eerste, daar bleef het bij”, blikt Cees op zijn actieve carrière terug.

Knieblessure

Een hardnekkige knieblessure noopte hem op 33-jarige leeftijd te stoppen. Maar verloren ging Cees niet voor de vereniging. ,,Ik heb van alles gedaan. Clubscheidsrechter, KNVB-arbiter, begeleider juniorenteam, wedstrijdsecretaris, bestuurslid, consul. En vanaf 1973 tot nu terreinknecht, 47 jaar lang.”

Vooral na zijn pensionering in 2004 was Bijman vrijwel dagelijks op de velden te vinden. ,,Ik werkte 35 jaar bij Roemer in Wognum in de wegenbouw. Naderhand werd het bedrijf overgenomen door Ooms in Scharwoude. Ik was 59 toen ik daar weg ging. Ik had alle tijd van de wereld.”

Groot onderhoud, zoals maaien van het gras, wordt gedaan door de gemeente. Voor Cees, die de klus de laatste tien jaar doet met dorpsgenoot Nick Stam, was de voornaamste taak om de twee velden ieder weekend wedstrijdklaar te maken.

Hij somt op: ,,Ik begon zaterdagochtend vroeg met lijnen trekken. Vroeger ging dat met een karretje met wieltjes waarin kalk werd gemengd met water. Daarna moesten cornervlaggen worden geplaatst en doelnetten opgehangen. Voorheen werden de leren ballen ingevet. Tegenwoordig zorg ik ervoor dat het net met wedstrijdballen klaar ligt.”

Doordeweeks wachtte de schoonmaak van kleedkamers en het herstel van de velden. ,,Als het veel had geregend kreeg de grasmat het flink te verduren. Moesten los getrapte zoden worden teruggelegd en aangestampt. Met een greep egaliseerden we kuilen. Daar had je veel werk aan”, vertelt Cees.

Na de training vloog er weleens een bal de sloot in of belandde op een weiland aan de overkant. Soms lag er één verscholen in de bosjes en waren spelers volgens de scheidende terreinknecht te beroerd om zelf op zoek te gaan. ,,Dan hadden ze aan mij een verkeerde. Ik spaarde die 'verloren' ballen op. En diende bij het bestuur zogenaamd een rekening van zeshonderd euro in voor nieuwe ballen. Moest je ze zien kijken. Maar het hielp wel.”

Als terreinknecht en consul maakte Bijman zich niet altijd even geliefd: ,,Ik moest soms jeugd wegjagen als die op het hoofdveld bij het doel voetbalden. Dan voelde ik me de boeman. En als consul keurde ik de velden af en toe goed terwijl de hoofdtrainer me zaterdagavond vroeg om de wedstrijd af te gelasten. Omdat ie bijvoorbeeld enkele afzeggingen had. Ik luisterde wel, maar nam mijn eigen beslissing. En ja, het kwam voor dat ik achteraf fout zat. Maar destijds had je nog geen Buienradar. Moest je gokken wat het weer zou doen.”

Daar hoeft Cees zich nu niet meer druk om te maken. Hij en zijn vrouw kunnen voortaan zonder zorgen een halfjaar naar de camping in Drenthe. Hij fietst graag, doet aan kolven en zwemt eens per week heel vroeg met Gerda in het Koggebad. ,,En ik ben niet van de wereld hoor. Als de club omhoog zit, ben ik altijd bereid te helpen. Daarvoor gaat Berkhout me na al die jaren te veel aan het hart.”

Meer nieuws uit Sport West-Friesland

Meest gelezen