Versterking Markermeerdijken kan doorgaan; Raad van State verklaart alle bezwaren ongegrond

Markermeerdijk gezien vanuit richting Edam naar Warder

Markermeerdijk gezien vanuit richting Edam naar Warder© Ella Tilgenkamp

Voorbereidend werk is in volle gang.

Voorbereidend werk is in volle gang.© Foto Ella Tilgenkamp

Loswal in aanleg voor de dijkwerkzaamheden bij Uitdam

Loswal in aanleg voor de dijkwerkzaamheden bij Uitdam© Foto Ella Tilgenkamp

1 / 3
Rien Floris
Katwoude

De schop kan nu echt in de grond voor de versterking van de Markermeerdijken. Dat bepaalde de Raad van State woensdagmorgen in een uitspraak waar sinds oktober 2019 al op werd gewacht.

Gedeputeerde Staten van Noord-Holland mochten het projectplan voor de dijkversterking van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier goedkeuren. Ook de bezwaren tegen verschillende andere besluiten die de uitvoering van de dijkversterking mogelijk maken, zijn ongegrond. Dat blijkt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van woensdag.

Projectplan

De uitspraak behelst officieel het ’Projectplan Waterwet Markermeerdijken’ dat het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft vastgesteld. Het college van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland heeft dit projectplan goedgekeurd. Dat bevat de dijkversterking langs het 33 kilometer lange traject tussen Hoorn en Durgerdam. Volgens het hoogheemraadschap en het provinciebestuur is de dijkversterking nodig omdat niet meer aan de normen voor waterveiligheid kan worden voldaan. Tegen het projectplan zijn onder meer Stichting Zuyderzeedijk en omwonenden in beroep gegaan bij de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Zij zijn bang voor schade aan de cultuurhistorisch waardevolle Zuiderzeedijken en de natuur. Ze vinden de maatregelen te ingrijpend en vinden dat de noodzaak van de maatregelen niet is aangetoond. De zaak werd op 29 en 30 oktober 2019 behandeld.

Verouderde norm

Volgens de bezwaarmakers staat de noodzaak van de dijkversterking niet vast, omdat de Markermeerdijken in 2006 en 2011 zijn afgekeurd op basis van een verouderde norm en verouderde toetsingscriteria. In 2017 is er een nieuwe veiligheidsnorm voor dijken geïntroduceerd met een bijbehorend ’toetsingsinstrumentarium’. Uit de uitspraak van woensdag blijkt dat de reeds afgekeurde dijken niet opnieuw aan de hand van het nieuwe toetsingsinstrumentarium hoefden te worden getoetst, omdat bij het ontwerp van de dijkversterking al is uitgegaan van de nieuwe veiligheidsnorm. ,,Het provinciebestuur en het hoogheemraadschap hebben de versterking van de Markermeerdijken daarom ’noodzakelijk kunnen achten’’, aldus de afdeling bestuursrechtspraak.

Stikstof

De gevolgen voor natuurgebieden (stikstofuitstoot) zijn volgens de Raad van State te overzien. De Raad benadrukt „dat niet iedere toename van stikstofneerslag op natuurgebieden een onoverkomelijk probleem hoeft te zijn. Het gaat erom dat uit de passende beoordeling de zekerheid is verkregen dat het project de betrokken natuurgebieden niet aantast. Het provinciebestuur heeft op basis van de passende beoordeling kunnen aannemen dat ook vanuit het oogpunt van stikstofneerslag ’significant negatieve effecten op de natuurgebieden zijn uitgesloten.”

Monument

Ook de monumentale waarde van de dijk was geen reden voor de Raad om de dijkversterking af te wijzen: „Daarnaast heeft het provinciebestuur in redelijkheid kunnen oordelen dat met de gekozen dijkversterking de monumentale waarden van de dijken niet op onaanvaardbare wijze in het gedrang komen.”

Verzet en procedures in vogelvlucht

Het verzet tegen de versterking van het dertig kilometer lange dijktraject tussen Hoorn en Amsterdam is al zo oud als de plannen. Bewoners snappen wel dat er wat moet gebeuren omdat delen van de dijk zijn afgekeurd, maar ze verzetten zich fel en langdurig tegen de grootschalige aanpak. Daarbij worden delen van de dijk afgegraven en verlegd.

De bezwaarmakers bestaan uit veel partijen, voor het grootste deel samengebracht in de Stichting Zuyderzeedijk. Joke van der Meer van Stichting Zuyderzeedijk benadrukte eerder dat de bezwaarmakers niet overal tegen zijn: „Natuurlijk zijn wij voor een veilige dijk, maar het kan wellicht anders, met minder risico en zo veel mogelijk behoud van het monumentale karakter. De ingreep die HHNK/Alliantie voorstelt, is gigantisch.”

Bodemprocedure

In november 2019 togen de bezwaarmakers naar de Raad van State voor een ’bodemprocedure’. Het Projectplan Waterwet Markermeerdijken van de provincie Noord-Holland en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier bleek door de Raad tegen het licht gehouden door de Stichting advisering bestuursrechtspraak (Stab). Dat adviesorgaan vraagt zich af of de dijkversterking, zoals die in het plan is opgenomen, wel noodzakelijk is. De Stab zet vraagtekens bij de veiligheidstekorten die zijn berekend en zegt dat die berekeningen niet in de stukken zijn te vinden.

Schorsing

Al eerder probeerden de bezwaarmakers de dijkplannen stil te leggen met een schorsingsprocedure bij de Raad van State in februari 2019. Daar scoorde de Alliantie punten. De Alliantie Markermeerdijken mocht van voorzieningenrechter Hagen aan de slag met voorbereidend werk dat de dijk niet te veel zou aantasten (niet onomkeerbaar werk).

Volgens de rechter had de Alliantie voldoende onderbouwd dat er ’veiligheidstekorten zijn die moeten worden aangepakt’. De financiële belangen van de Alliantie en de veiligheid van het achterland wogen wat hem betreft zwaarder dan de natuur en cultuurhistorische belangen. Of de dijkverzwaring op de juiste manier gebeurt, moest nog in de bodemprocedure worden bepaald waar nu uitspraak in is gedaan,

Voorlopig aan de slag

De Alliantie kon dus - in afwachting van de uitspraak in de bodemprocedure - vaargeulen graven en loswallen aanleggen. Ook kon worden gestart met weghalen van steenbekleding langs delen van de dijk tot een hoogte van een halve meter boven de waterspiegel. Ook mag daar zand worden opgespoten. Omdat de uitspraak maanden op zich liet wachten, werden dijkenbouwers en hoogheemraadschap al ongeduldig. De landsadvocaat en Rob Veenman, dagelijks bestuurder van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en portefeuillehouder waterveiligheid zeiden enige weken geleden gas te willen geven ook als de Raad van State nog geen uitspraak had gedaan. Veenman vond dat er zo langzamerhand wel enige druk ontstaat om te beginnen. Hij wil dat er voor het stormseizoen kan worden gestart bij gemaal Westerkogge omdat anders een jaar verloren gaat.

Tweede Kamer

In november 2018 klopten de bezwaarmakers aan bij de Tweede Kamer. Daar bleek minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) niet bereid externe deskundigen aanvullend onderzoek te laten doen naar de versterking van de Markermeerdijken. Kamerleden drongen daarop aan, maar de minister bleef onvermurwbaar.

De 500 miljoen euro kostende versterking van de Markermeerdijken kan volgens waterbouwkundigen namelijk goedkoper en het is volgens hen zaak om pompcapaciteit uit te breiden om droge voeten te houden. Zo schreven ze aan de vaste Kamercommissie voor Infrastructuur en Waterstaat. Daar kregen ze wel wat gehoor bij Kamerleden die de dijkversterking overgedimensioneerd vonden, maar niet genoeg om iets te veranderen.

Volgens de minister is er al veel ruimte geweest voor participatie en gaat het hier inmiddels over het meest onderzochte stuk dijk van Nederland. „Dat geeft mij geen aanleiding tot ingrijpen. Iedereen heeft de kans gehad om mee te praten, wat heeft geleid tot aanpassing van de plannen. Er is een plan van aanpak voor participatie voor de uitwerking, dus u kunt er gerust op zijn dat bewoners betrokken zullen worden bij details over soort dijkbekleding en steigers. Bovendien gaat het hier niet alleen om de bewoners aan de dijk, maar ook over de veiligheid van een miljoen inwoners van Noord-Holland.”, aldus de minister indertijd.

Meer nieuws uit NHD

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.