Premium

Voor blinden en slechtzienden valt anderhalve meter afstand niet in te schatten. ’Voorheen gaf je mekaar een arm’

Voor blinden en slechtzienden valt anderhalve meter afstand niet in te schatten. ’Voorheen gaf je mekaar een arm’
Jaap Hertog: ,,Ik kan de obstakels op mijn weg tenslotte niet zien.’’
© Foto George Stoekenbroek
Den Helder

Zodra de eerste coronamelding in Nederland werd gedaan, besloot Jaap Hertog (77) uit Den Helder thuis te blijven. Hertog is bijna blind en neemt geen enkel risico voor zichzelf en zijn omgeving. Marcel van Baar (58) uit Warmenhuizen heeft visuele agnosie en loopt met zijn blindengeleidehond dagelijks zijn rondjes in de buurt.

Voor blinde en slechtziende mensen is het niet vanzelf om anderhalve meter afstand te houden. Door hun visuele beperking kunnen ze vaak niet inschatten op welke afstand iemand hen passeert. Vandaar dus dat de Oogvereniging - de patiënten- en belangenorganisatie voor alle mensen met een oogaandoening - aan anderen vraagt om een paar stappen opzij te doen. Zij vraagt op haar beurt aan alle mensen met een visuele beperking een stok te dragen, zodat zij beter herkenbaar zijn.

Voor de coronacrisis was Jaap Hertog best actief, ook buitenhuis. ,,Met mijn hulp ging ik boodschappen doen’’, zegt hij. ,,We gaven mekaar een arm en dan gingen we op pad. Maar dat kan nu niet meer. Voor mij is het niet vanzelfsprekend om een stuk te gaan wandelen. Dat heb ik altijd lastig gevonden. Ik kan de obstakels op mijn weg tenslotte niet zien.’’

Voelen

De Albert Heijn is vlakbij. Hij zou in de vroege uren heen kunnen gaan, als het er rustig is. ,,Daar kom ik wel, maar binnen begint het probleem. Behalve dat ik afstand moet houden, ken ik de indeling niet feilloos. Ik weet waar het brood is, maar hoe vind ik tussen al die soorten datgene wat ik hebben wil? Moet ik soms gaan voelen?’’

,,Mijn hulp is gelukkig vrij van symptomen en helpt me door boodschappen voor de deur te zetten’’, zegt hij. ,,Ook mijn buren hebben aangeboden te helpen, maar ik weet dat dat wat oudere mensen zijn. Dus die wil ik niet belasten.’’

Hij komt nog wel in het halletje beneden om zijn post op te halen. Voor een frisse neus gaat hij op zijn balkon staan, want een tuin heeft hij niet. ,,Ik heb heel veel gesproken boeken en de gesproken krant. Ik kan bellen met mensen of een spelletje doen via de telefoon. Verder luister ik televisie, maar niet te veel, want het gaat alleen maar over corona. Ik zet het liefst Radio 5 op, lekker muziek uit de jaren zestig, zeventig en tachtig.’’

Andere mensen met een visuele beperking ervaren problemen bij hun dagelijkse activiteiten. Wie voorheen bijvoorbeeld een cursus volgde, zal nu programma’s eerst moeten installeren op hun computer om van afstand lessen te kunnen volgen of huiswerk te maken. Die handigheid is er niet altijd.

(Tekst loopt verder door onder de foto)

Voor blinden en slechtzienden valt anderhalve meter afstand niet in te schatten. ’Voorheen gaf je mekaar een arm’
Marcel van Baar liep vorig jaar met zijn hond Mac bij de ingang van het Makado Centrum.
© Archieffoto Nick Maarsen

Geen diepte

Marcel van Baar uit Warmenhuizen heeft visuele agnosie. Hij herkent geen gezichten of voorwerpen. Alles loopt in elkaar over, doordat hij geen diepte ziet. ,,Beweging kan ik wel zien. Uit de snelheid kan ik meestal wel concluderen of het een fietser of voetganger is die nadert.’’

Met zijn blindengeleidehond Mac maakt hij wandelingen in de buurt. In Warmenhuizen kennen omwonenden hem, maar soms treft hij onbekenden. Zoals de man die hem zondag tijdens zijn loopje toebeet dat hij aan de verkeerde kant van de weg liep. ,,En daarbij mij dus voor mijn gevoel te dicht passeerde.’’

De coronadreiging en zijn handicap belemmeren hem niet om op pad te gaan. Maar hij zoekt de drukte niet op. ,,Mijn vrouw doet de boodschappen. Ik ben in deze periode met de bus naar Tuitjenhorn gegaan. In het midden instappen en de chauffeur hielp me van afstand. Ik merk nu dat de meeste mensen niet weten hoe ze met de situatie om moeten gaan. Ik ben bijvoorbeeld ook naar een afscheid geweest van iemand in Tuitjenhorn. Ik stond in de erehaag aan de kant van de weg, maar toen ik vroeg of ik zo goed stond - met die anderhalve meter - kreeg ik van niemand antwoord.’’

Vroeger pakten mensen die hielpen hem wel eens ongevraagd vast. ,,Maar dat kunnen ze nu niet. Daar voelen mensen zich soms ongemakkelijk door.’’

Stilzwijgend

Zijn hond is zijn stok, vindt hij. Duidelijk herkenbaar dat hij visueel beperkt is. ,,Het zou helpen als mensen op hun beurt wat zeggen als ze naderbij komen. ’Hallo, ik passeer nu, niets aan de hand’. Nu gaat dat stilzwijgend en ik schrik als dat gebeurt en ik ineens een beweging vlakbij waarneem.’’

Meer nieuws uit Schagen e.o.

Meest gelezen