Premium

Jan T. Bremer: ’Bijna acht jaar was ik toen de oorlog begon. Als ik m’n ogen sluit zie ik vliegkamp De Kooy nog branden. Ik hoor het angstig janken van de luchtalarmsirenes’

Jan T. Bremer: ’Bijna acht jaar was ik toen de oorlog begon. Als ik m’n ogen sluit zie ik vliegkamp De Kooy nog branden. Ik hoor het angstig janken van de luchtalarmsirenes’
Bombardement van Den Helder door de Duitsers op 14 mei 1940.
© Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie
Den Helder

,,Bijna acht jaar was ik toen de oorlog begon. Als ik m’n ogen sluit zie ik vliegkamp De Kooy nog branden. Ik hoor het angstig janken van de luchtalarmsirenes”, vertelt historicus Jan T. Bremer uit Den Helder.

Ik zie ze komen, de vijandelijke vliegtuigen. Kleine zwarte kraaien, duikend, zwaaiend, grommend in de stralend blauwe lucht.

Vervolgens een gierend geluid, gevolgd door een daverende dreun. Een daverende bominslag. Wolken van stof en rook en vlammen. En daar doorheen het machteloos keffend afweergeschut van een marine fregat. Alles dreunde, trilde, beefde…

We woonden toen aan de Buitenhaven in een waterstaatshuis naast de marine torpedoloodsen, de zogenaamde Petodjo-loodsen. Voor ons huis lagen marineschepen, erachter enkele tientallen binnenvaartscheepjes boordevol munitie.

Gevaarlijker kon het niet, maar wisten wij veel. Na drie dagen en nachten in en om de schuilkelder op de havendijk vlakbij ons huis hield m’n vader het voor gezien en vertrokken we naar de Visbuurt bij kennissen in de Beukenkampstraat. Uitgerekend die avond van de 14e mei kwam de eerste echte bomaanval op de stad. Nederland had die dinsdagmiddag al gecapituleerd.

Witte vlaggen overal: we geven ons over. En toch kwamen ze die avond weer. Ik herinner me een man die door de straat fietsend brulde: ,,Licht aan, dan kunnen ze zien dat we ons overgegeven hebben.” Maar het bombardement hield aan. Mensen vluchtten de straat op. Maar waar moest je heen? Waar was je veilig?

Veilig was je in feite alleen op het platteland. De grote uittocht begon na de als ’grote bombardement’ bekend geworden luchtaanval in de nacht van 24 op 25 juni 1940. Over dit bombardement is veel geschreven, met name over de vraag wie het uitgevoerd hadden: de geallieerden of, toch ook, door de Duitse.

Lees ook: Wie zat er achter het verwoestende bombardement op Den Helder van 24 juni 1940? ’De mensen die er bij waren, worden niet meer geloofd’ [video]

Over de psychische gevolgen van de bombardementen is nog tijdens de oorlog (in 1942) een academisch proefschrift geschreven door de Helderse huisarts Merinus Gerardus Vroom (1898-1967). In een gedegen studie geeft de schrijver weer op welke wijze de bevolking op de bombardementen reageerde en van welken aard de symptomen waren die bij de psychische-geschokten aangetroffen werden.

Interessant in hoge mate zijn de eigen waarnemingen en belevingen, terwijl daarnaast een grondige studie verricht werd van de bestaande literatuur op dit speciale terrein der medische en psychologische wetenschap. Aldus de Helderse Courant van 6 mei 1942.

Een in positieve zin opvallend verschijnsel was volgens dokter Vroom het verdwijnen van het in Den Helder toch altijd zo duidelijk aanwezige ’standsverschil’: „Menschen die vroeger elkaar nauwelijks aan spraken, omdat de een zich daartoe te gewichtig vond, of de ander te veel tegen zijn buurman opkeek, werden ineens heel amicaal tegen elkaar. ’Ook het feit dat men menschen van een zekeren standing allerlei karweitjes zag opknappen en boodschappen zag doen, die ze vroeger door anderen zouden hebben laten verrichten, wees erop dat het menschelijk bestaan door dergelijke belevingen sterk wordt teruggeslagen op zijn eigenlijke zijn.”

De gereformeerde huisarts uit de Plantsoenstraat was in mijn jongensogen een heel deftige dokter, die zich door een eigen chauffeur per auto van patiënt naar patiënt liet rijden. Hij gold overigens een zeer kundig arts, dus daar werden bij mijn weten nooit grapjes over gemaakt.”

Lees hier alle verhalen over 75 jaar bevrijding

Jan T. Bremer: ’Bijna acht jaar was ik toen de oorlog begon. Als ik m’n ogen sluit zie ik vliegkamp De Kooy nog branden. Ik hoor het angstig janken van de luchtalarmsirenes’
Dokter M.G. Vroom (1898 -1967).
© Foto Heldere Historische Vereniging

Meer nieuws uit Den Helder e.o.

Meest gelezen