Premium

’We deden in de oorlog dingen die niet mochten en onze ouders stonden doodsangsten uit. Maar we deden het toch’ [video]

’We deden in de oorlog dingen die niet mochten en onze ouders stonden doodsangsten uit. Maar we deden het toch’ [video]
Elly Olthoff bewaart een blikje met biscuits, dat in 1945 is afgeworpen boven Bennebroek bij een voedseldropping.
© Peter Schat
Bloemendaal

Tijdens de oorlog woonde Elly Olthoff (85) uit Bloemendaal met haar ouders en vier broer en zussen in Heemstede aan de Meer en Boslaan. Vanaf het balkon van de achterkamers was er toen nog zicht tot over de Ringvaart bij Cruquius. De oorlog was voor haar als kind een spannende tijd. „We deden dingen die niet mochten en onze ouders stonden doodsangsten uit. Maar we deden het toch.”

Een van die dingen herinnert zij zich goed.

„Op een avond ging het luchtalarm. Vanaf het balkon zagen we een vliegtuig aankomen en aangeschoten worden. We zagen de piloot eruit springen en de parachute opengaan. Mijn broer was zestien en een blufferd. Die ging er met twee vriendjes op de fiets, die hadden ze nog, achteraan. De Sportparklaan over, over een weiland waar zigeuners stonden. Hoe ze over de brug zijn gekomen, is me een raadsel, want er stonden overal Duitsers. Maar ze moesten die piloot spreken. Mijn moeder stond doodsangsten uit en stond op het balkon te kijken hoe het zou aflopen.”

„Ze hebben de parachute gevonden. Die man had met een mes natuurlijk zijn touwen doorgesneden, die was ook niet gek. Die moest onvindbaar zijn, lag waarschijnlijk al ergens in een sloot. Duitsers kwamen er met wagens aan om te zoeken waar de man was. Mijn broer en zijn twee vrienden kwamen thuis met de parachute. Toen was het, waar laten we de parachute? Je hebt geen idee hoe groot zo’n lap is, het was een waanzinnig groot ding. Mijn moeder wou het niet in huis hebben. Uiteindelijk hebben ze de touwen verdeeld en de stof kapotgesneden. Het was prachtige zijde. Achteraf hoorde ik dat mensen stukken van die parachute tot rokjes hadden omgetoverd.”

Kleermaker

Haar ouders waren uit Amsterdam naar Heemstede verhuisd, omdat de lucht er beter was. Een ander gezin kwam mee, de vader noemde Elly oom Andries.

„Mijn vader was gymnastiekleraar en oom Andries kleermaker. Hij had een zaak op de Zandvoortselaan. Op een gegeven moment kwam hij op een lumineus idee om aan eten te komen. Boeren hadden nog steeds voedsel in de Hongerwinter. Zo ging hij met mijn vader met mijn platte, lange slee door de sneeuw de boeren langs.”

Niet ver over de Cruquiusbrug hadden ze beet. Oom Andries, die altijd een schaar en een centimeter bij zich droeg, had stof meegenomen en de eerste de beste boer ging overstag.

„Uit een kast kwamen zeven grote ronde kazen. Die werden op de slee geladen en de stof ging weer mee. Het gezin van oom Andries had zeven kinderen, dat van ons vijf. Mijn moeder stond helemaal stomverbaasd. Ze zei ’Afblijven, alleen maar kijken’. In de voorkamer stond een kast waar het mooie servies stond en daar werden de kazen bovenin gelegd. Niemand mocht er aan komen. Iedere avond kregen wij een stukje kaas. Dat was uniek, want er was niets te koop.”

„Voor het huis stond een boom en op een ochtend werden wij wakker, toen was de boom weg.” In de sneeuw was het spoor goed te volgen, zo dat snel duidelijk werd wie zich over het hout ontfermd had. „Van mijn moeder mochten we die man nooit meer groeten en op school niet meer met zijn kinderen spelen. Vind je dat geen mooi verhaal!”

Elly Olthoff toont een roestig blikje. „Ik ben van mijn vak geschiedenislerares en gaf ook les over de oorlog. Leerlingen wilden dan altijd weten hoe oud ik was als ik vertelde dat ik de oorlog had meegemaakt. Een van de leerlingen had van haar oma een blikje mee, dat in 1945 bij een voedseldropping in Bennebroek was afgeworpen. In de les heb ik het opengemaakt. Iedereen dacht, nu ploft er wat, er knalt wat, maar tot verbazing van iedereen gebeurde er helemaal niets. Er bleken biscuitjes in te zitten.”

De blikjes werden gedropt op afgebakende terreinen en verzameld voor zwangere vrouwen, baby’s en zieken. „Iedereen had er verder af te blijven. De biscuits waren nog goed toen ik het blikje openmaakte.”

Omdat niemand er een hapje van dorst te nemen, heeft Elly Olthoff het blikje nog steeds, met inhoud.

Lees hier alle verhalen over 75 jaar bevrijding

’We deden in de oorlog dingen die niet mochten en onze ouders stonden doodsangsten uit. Maar we deden het toch’ [video]
Pieter Wokke (geboren 1943) uit Eenigenburg vond in het familiearchief deze foto van een voedseldropping 75 jaar geleden boven vliegveld Bergen. De foto kan zijn genomen vanaf het dak van het voormalige V&D-pand aan de Laat in Alkmaar, hoek Ridderstraat.
© Foto collectie Pieter Wokke

Meer nieuws uit Haarlem

Meest gelezen