Menno Vloon moet met zijn polsstok Tokio-limiet even uit zijn hoofd zetten: ’Zonde, ik spring beter dan ooit’

Menno Vloon moet met zijn polsstok Tokio-limiet even uit zijn hoofd zetten: ’Zonde, ik spring beter dan ooit’
Menno Vloon.
© Archieffoto ANP
Krommenie

Menno Vloon moest zich met zijn polsstok nog plaatsen voor de Olympische Spelen, maar had daar alle vertrouwen in. ,,Ik spring momenteel beter dan ooit, dus dit is voor mij wel zonde.’’ De 25-jarige Krommenieër zet nu de Spelen zijn verplaatst de limieten voorlopig maar even uit zijn hoofd en hoopt later dit jaar nog een kans te krijgen zijn persoonlijk record aan te scherpen.

,,Hier doe je niks aan. Een kwestie van accepteren en ik heb begin deze week met mijn coach overlegd en een nieuw doel gesteld. Mijn pr is 5.85 meter en ik wil, zodra er weer wedstrijden zijn, proberen over 5.90 meter te springen.’’

Afgelopen najaar is Vloon gewisseld van trainer. De meervoudig jeugdkampioen behaalde vele successen in de tijd dat hij bij Lycurgus met Richard Coté trainde, maar is nu overgestapt naar voormalig Nederlands topper Christiaan Tamminga. ,,We hadden de laatste periode het gevoel dat er iets miste en hebben daar veel over gepraat. Uiteindelijk heeft Richard de knoop doorgehakt en gezegd dat het beter voor mijn ontwikkeling was om met een andere trainer aan de slag te gaan.’’

Sindsdien is er aan zijn techniek gesleuteld. Geen grote veranderingen, vooral finetunen vertelt Vloon: ,,Voor mijn gevoel spring ik zo’n vijf procent anders, al hoor ik wel van anderen dat het er anders uitziet. Een belangrijke verandering is dat ik nu altijd rechtdoor spring. Ik val niet meer naast de mat, wat in het verleden nog wel eens gebeurde waardoor ik blessures opliep.’’

Nu is hij helemaal blessurevrij, al voelt hij af en toe zijn rug nog een beetje. Een rugblessure was de reden dat hij als negentienjarige stopte met de meerkamp en zich ging specialiseren op polsstokhoogspringen. ,,Dat is ook belastend voor je rug en de dokter zei destijds zelfs dat ik dat niet meer zou kunnen, maar het bleek een bepaalde techniek die mij juist wel goed afging.’’

Na een goed indoorseizoen - zijn doel was 5.60 meter en hij kwam tot 5.74 - was hij vol zelfvertrouwen voor het buitenseizoen en de olympische kwalificatie. Dat kan Vloon op twee manieren bereiken: over 5.80 springen of vier weken voor de Spelen in de top-32 staan van de wereldranglijst, waarop hij nu 26e staat. ,,Of die kwalificatie-eisen hetzelfde blijven in 2021, moeten we afwachten.’’

Trainen met de polsstok komt er deze dagen niet van. Tamminga heeft een eigen bedrijf in sportmaterialen en ook een krachtcentrum in zijn pand waar Vloon terecht kan. ,,Niet polsstok-specifiek, maar daar hebben alle concurrenten ook last van. Af en toe gaan we het bos of de duinen in. Het is even improviseren, je wordt er ook wel weer creatief van.’’

Meer nieuws uit Sport Zaanstreek

Meest gelezen