Premium

Dynamische duo Yoeri Havik en Jan Willem van Schip gaat op WK baanwielrennen in Berlijn voor plaatsing voor Olympische Spelen

Dynamische duo Yoeri Havik en Jan Willem van Schip gaat op WK baanwielrennen in Berlijn voor plaatsing voor Olympische Spelen
Jan Willem van Schip en Yoeri Havik (rechts) tijdens de finale koppelkoers tijdens de Europese Kampioenschappen baanwielrennen in Apeldoorn.
© Foto ANP/Vincent Jannink
Alkmaar

Het leek een kansloze missie; een ervaren zesdaagserenner voor de Olympische Spelen koppelen aan een coureur die niet eens weet hoe hij moet aflossen. Maar binnen een paar maanden hebben Yoeri Havik en Jan Willem van Schip zich ontwikkeld tot een duo van wereldklasse, op het EK werden ze al tweede. Met een medaille op het WK in Berlijn zondag tijdens de madison, hopen de twee zich definitief te plaatsen voor Tokio.

De combinatie tussen Van Schip en Havik is wel een logische. De 25-jarige coureur uit Wageningen - wereldkampioen op de puntenkoers - kan ‘boren’ als geen ander en de 30-jarige Noord-Hollander is een gecertificeerd sprinter. Bovendien is Van Schip ook de beste Nederlander op het omnium, waardoor hij automatisch een van de twee koppelaars is in Japan.

Maar het grote nadeel was dat Van Schip geen ervaring had in het rijden van koppelkoersen, terwijl Havik het op zijn vijftiende al leerde van zijn oom Danny Stam, ook bekend van het baanduo Slippens/Stam.

Gesneden koek

,,Jan Willem verbruikte veel te veel energie tijden de koers, hij moest luier leren te rijden’’, aldus Havik tijdens hun trainingskamp in Alkmaar. ,,In het begin snapte hij helemaal niet wat ik bedoelde, al komt dat misschien ook omdat het voor mij allemaal al gesneden koek is. Uiteindelijk heeft hij zijn files met wattages erbij gehaald, toen begreep hij het pas.’’

Een voorbeeld: voor een aflossing moet de renner die bovenin de baan rijdt versnellen. Van Schip deed dat niet zuinig en reed zelfs tegen de baan op, terwijl hij gebruik zou moeten maken van de dalende lijn. Van Schip: ,,Dat scheelt toch weer 5 watt. En ik moet niet bang zijn om na de aflossing meteen naar beneden te sturen, ook al heb ik dan het idee dat ik over Yoeri’s schoot moet.’’

Watts die de twee goed kunnen gebruiken in de sprints. Het duo verschilt nogal in gewicht, 87 om 67 kilo, maar die kilo’s kunnen ze inmiddels omzetten in snelheid. Havik: ,,Als ik een slinger krijg van Jan Willem, dan win ik 9 van de 10 keer de sprint daarna, dat is echt een heel belangrijk wapen voor ons.’’

Bij alle andere baandisciplines die Van Schip doet, rijdt hij in zijn eentje. ,,Dan hoefde ik maar aan twee dingen te denken, zo hard mogelijk trappen in een zo aero mogelijke houding. Bij de koppelkoers komt veel meer kijken. We hadden een keer een wedstrijd in Duitsland en we zaten 4,5 uur in de auto. Toen heb ik alles opgeschreven wat ik moest weten, pas na 4,5 uur was ik klaar.’’

Maniakale manier

De maniakale manier van Van Schip om de beste te willen zijn, is ook overgeslagen op Havik. ,,Ik weeg nu ook mijn rijst af. Tijdens de laatste wereldbeker in Canada deed de rijstkoker het niet goed. Met mijn zesdaagsepartner Wim Stroetinga had ik in plaats van rijst dan croissantjes gegeten, dat gaat met Van Schip niet.’’

Plaatsing voor de Spelen is het doel zondag in Berlijn. Havik was nooit zo’n held in rekenen, maar dankzij het ingewikkelde puntenschema, zou hij binnenkort aan de master wiskunde kunnen beginnen. ,,Ik heb me er helemaal in verdiept, als er geen gekke dingen gebeuren, kunnen de tickets voor Tokio na het WK geboekt worden.’’

Lees hier de digitale editie



Volg ons