Premium

Racing Beverwijk dwingt koploper SBU tot het uiterste, maar capituleert in de verlenging

Racing Beverwijk dwingt koploper SBU tot het uiterste, maar capituleert in de verlenging
Lennart Meijland op weg naar de basket. De guard van Racing Beverwijk was vrijdagavond behoorlijk op schot.
© Ron Pichel Fotografie
Beverwijk

Racing Beverwijk kreeg vrijdagavond na het duel tegen koploper SBU geen punten, maar wel de complimenten. De Beverwijkers roken in de eigen hal aan een stuntzege, maar gingen uiteindelijk in extremis toch nog onderuit.

Er staan nog zestien seconden op de klok in de verlenging als Racing Beverwijk-coach Stefan Toepoel zijn laatste time-out aanvraagt. De stand is 87-84 in het voordeel van SBU, dat even daarvoor via Rolf Willigenburg een voor de thuisploeg pijnlijke driepunter raak schoot. Eigenlijk is er voor Racing nog maar één goede optie om een tweede verlenging af te dwingen, en dat is zelf een driepunter raak schieten. Toepoel zet een tactiek uit waarin Lennart Meijland uiteindelijk de trekker moet overhalen. Die keuze is logisch, want de guard van Racing is met 37 punten, waarvan vier driepunters, bijzonder goed op schot deze avond. Het enige nadeel is dat ze dat bij de Utrechtse club natuurlijk ook doorhebben. Met een strakke defensie maken ze het na de spelhervatting voor Racing haast onmogelijk om Meijland goed aan te spelen. Die ontvangt de bal uiteindelijk wel, maar een goede schietkans levert het niet op. Weg kans dus, en geen stunt voor Racing Beverwijk.

Enkele ogenblikken later worden de Beverwijkers uitgebreid gecomplimenteerd door de koploper. „Geweldig gespeeld, jullie hebben het ons echt heel erg moeilijk gemaakt”, en „Wat een heerlijke wedstrijd” klinkt het uit de monden van de Utrechters. Het zijn niet de woorden die Toepoel na afloop had willen horen, maar ze leveren uiteindelijk wel een glimlach op bij de coach. „Het is zó zonde dat we deze niet winnen, ik had het de jongens zó gegund. Ze hebben echt fantastisch gespeeld vanavond”, complimenteert hij zijn ploeg. „Ik vind SBU samen met Akrides de beste ploeg in deze competitie. Zij gaan straks zeker naar de final four. Als je het dan zo spannend maakt, dan heb je het gewoon heel goed gedaan.”

Wat hem betreft hebben zijn jongens zich sportief gerevancheerd voor het zeer matige optreden van vorige week, toen de Beverwijkers met 88-77 verloren van Onze Gezellen. Hij miste in die wedstrijd het ’typische Beverwijk-basketbal’. Daarmee bedoelt hij sterk defensief en opofferingsgezind basketbal zonder één echte uitblinker, en dat de volle veertig minuten lang. Dat laatste lukte tegen SBU, afgezien van matige starts in het tweede en derde kwart, nu wel. En dat terwijl de ploeg nog Roberto Beentjes, een belangrijke kracht in zowel de verdediging als de aanval, miste wegens een blessure. „Dit was echt een wedstrijd voor hem geweest. Dan hadden we nog meer snelheid in onze ’defense’ én onze ’offense’ gehad. Daar hadden zij zeker moeite mee gehad.” Onder andere door Beentjes’ afwezigheid maakten Tom Bergenhenegouwen en Stan Rood veel meer minuten dan gebruikelijk. „Zij hebben de hele wedstrijd écht alles gegeven. Ik ben heel trots op ze. Als we volgende week met dezelfde intensiteit tegen Landstede spelen, dan maken we zeker een goede kans.”

Ondanks het verlies ziet Toepoel de sterke wedstrijd tegen SBU als een opsteker voor zijn ploeg. Hij ziet de prestatie als opnieuw een bewijs dat Racing dit seizoen stappen heeft gemaakt. „We hebben ook al op deze manier van Donar en van Amsterdam verloren. Als we die hadden gewonnen, dan hadden we bovenaan de middenmoot gestaan.” Dat zou een mooie beloning zijn geweest voor het na vorig seizoen sterk gereviseerde team. De Beverwijkers zijn na de degradatie van vorig jaar uit de promotiedivisie namelijk een nieuwe weg in geslagen, waarin de focus op de ontwikkeling van de jeugdspelers ligt. Uiteraard spelen ervaren krachten als Meijland en Dennis Roos nog een aanzienlijke rol in de ploeg. Toepoel hoopt dat ze er nog een jaartje aan vast plakken, zodat ze de jonge jongens nog wat verder kunnen helpen. Al ziet hij wel dat de jeugd er echt aan begint te komen. „Je ziet dat ze steeds beter worden. Ze hebben vandaag daarom ook allemaal gespeeld.”

Lees hier de digitale editie



Volg ons