Premium

Het weerbare kind: Pleister erop en doorrennen, dat is niet meer

Het weerbare kind: Pleister erop en doorrennen, dat is niet meer

„We worden te passief, te dik en te lui. En dan met name de kinderen op de basisschool”, zegt Loek Stam, ’sportformateur’ voor de gemeente Hoorn.

Niet voor niks haalt Stam, zelfstandig consultant in het ’sociaal domein’, en voor zijn huidige klus gevraagd door de West-Friese gemeente, basisschool De Overhaal uit Avenhorn uit als ’lichtend voorbeeld’. „Iemand die ergens veertig jaar kleuterjuf is geweest, zei bij haar afscheid: Heel veel kinderen kunnen tegenwoordig een bal niet meer vangen. Niet meer koppeltje rollen.”

„Je ziet het ook met hun uithoudingsvermogen. Dat is minder. Dat geldt ook voor het incasseringsvemogen. Dat komt doordat ouders dingen dramatischer en groter maken voor hun kinderen dan het werkelijk is. Ouders zijn te veel gaan beschermen, risico’s worden vermeden.”

Het weerbare kind: Pleister erop en doorrennen, dat is niet meer
Sportformateur Loek Stam bij de West-Friese sportverkiezingen.
© Aangeleverde foto

Opiniemaker en publicist Marianne Zwagerman uit het Gooi is dat ’het rubberen tegelparadijs’ gaan noemen. Ze schreef er onder meer een boek over (’Kluitjesvolk’).

Lees ook: ’Lerend bewegen is ook leren bewegen’

Avontuur

„Pleister erop en doorrennen, dat is niet meer zo”, constateert Stam. „Terwijl ik altijd tegen mijn eigen jongens heb gezegd: ’Ga naar buiten, ga een avontuur beleven’. Maar ik heb ook een keer iemand tegen een klasgenootje horen zeggen: ’Wat is daar dan, buiten?’ Dat kinderen niks meer meemaken, of nergens meer tegen kunnen, dat moeten we niet willen.” Weerbaarheid, tegen je verlies kunnen, pech, omgaan met tegenslag: zaken die óók bij de opvoeding horen. Stam refereert aan de ’pech-toptwaalf’, een pedagogische lijst van ongelukjes, tegenspoed en ander ongemak. In de brandnetels vallen, een open knie, of tegen de wind in fietsen, een grote spin of tor in de buurt, je vervelen, in de sloot belanden - van dat soort dingen dus.

Sport, spel en beweging zijn niet alleen voor de vitaliteit en gezondheid, geeft Stam aan. Maar ook voor de mentaliteit. De consultant ziet ook een vergezicht. „Jongeren willen juist avontuurlijk sporten. Daar moet je dus voor open staan.”

Stam betrekt dat weer bij het sportakkoord dat hij voor Hoorn aan het schrijven is, dat weer is gebaseerd op ’één grote verkenningstocht’ langs scholen, instellingen en (sport)verenigingen. Tal van gemeenten volgen intussen dit voorbeeld, dat voortvloeit uit het Nationaal Sportakkoord. Daar staat in dat gemeenten die hun ambities vastleggen om iedereen actiever, vitaler en meer in beweging te krijgen, daar geld voor kunnen krijgen. „Dat is wel zo netjes”, vindt Stam, „anders blijft zo’n plan een papieren tijger.”

Aanvankelijk was er een deadline in april, maar die is uitgesteld. Gemeenten krijgen nu meer tijd om hun projecten aan te melden. Naast Hoorn zijn de andere zes gemeenten in West-Friesland en elders in Noord-Holland druk met de laatste fases om zo straks een eigen Sportakkoord te kunnen presenteren. Ook in Zuid-Holland en het Gooi zijn sportformateurs actief. De gemeente Leiden heeft onlangs iemand aangesteld.

Meer nieuws uit Achtergrond

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.