Premium

Rogier Jonk al 25 jaar ’in de kunst’, maar dan wel op zijn eigen wijze: ’Een galerie moet een beleving zijn’

Rogier Jonk al 25 jaar ’in de kunst’, maar dan wel op zijn eigen wijze: ’Een galerie moet een beleving zijn’
Rogier Jonk in zijn galerie.
© Foto jjfoto.nl/Jan Jong
Bergen

Als jongetje werd hij ermee gepest: zijn vader, wijlen Nic Jonk, had als kunstenaar ’geen beroep’. En dus koos Rogier Jonk, ondanks zijn liefde voor kunst, aanvankelijk voor zekerheid; hij ging de grafische sector in en had jarenlang zijn eigen drukkerij. Maar uiteindelijk volgde hij toch zijn hart en inmiddels zit hij al 25 jaar ’in de kunst’, maar dan wel op zijn eigen wijze.

Een enorm pand van ruim vierhonderd vierkante meter in Bergen. Niet alleen kunst, maar ook horeca met een bar en zitjes waar bezoekers iets kunnen drinken. Aan de muren werken van Rogier Jonk zelf, schilderijen en kleine bronzen van zijn vader en werk van onder anderen Rob Houdijk, Herman Brood, Corneille en Karel Appel.

In de belendende ruimte, waar bezoekers zo binnen kunnen lopen, heeft glaskunstenaar Lida Dijkstra haar galerie. En dan is er nog de immense kelder, waar kunstenaars, als een soort shop-in-shop een stukje muur kunnen huren om te exposeren. Niet zomaar iedereen mag er zijn werk tentoonstellen, benadrukt Jonk. ,,Ik heb wel eens werk geweigerd, dat was gewoon niet goed genoeg.’’

Bruisen

Geen doorsnee galerie, beaamt hij. ,,Er moet heel veel te zien zijn, het moet bruisen, het moet een beleving zijn. De meeste mensen komen nooit in een galerie, hier komen ze een kop koffie drinken of naar muziek luisteren (er zijn met enige regelmaat bluesconcerten, red.) en komen ze en passant in aanraking met kunst. En toch is er nog steeds een drempel.’’ Tijdens de jaarlijkse Kunst10Daagse ontvangt hij zo’n 20.000 bezoekers. ,,Dan durven ze wel binnen te stappen’’, zegt hij lachend.

Rogier Jonk al 25 jaar ’in de kunst’, maar dan wel op zijn eigen wijze: ’Een galerie moet een beleving zijn’
’Fleur’, een schilderij van Rogier Jonk.

Dat hij hier nu zit, dankt hij niet alleen aan geluk, stelt hij. ,,Geluk dwing je af. Mijn vader had daar een mooie uitspraak over.’’ Hij pakt de door hem gedrukte agenda met werk van zijn vader en slaat de eerste bladzijde op. ,,Hier staat het: ’Kunst ontstaat door de omgeving van de kunstenaar. Een omgeving die hij zelf creëert.’’

Hij woont dan ook in het huis dat hij als puber al op het oog had, aan een waterpartij midden in Grootschermer. ,,Ik zei dat ik nooit in Grootschermer wilde wonen, behalve in dát huis. Jaren later, ik had net twee weken eerder een huis in Alkmaar gekocht, kwam dat huis, ’De Turfschuur’, te koop. Als ik niet nog eens dertig jaar wilde wachten, moest ik het toen kopen. Dat heb ik gedaan.’’

Zijn drukkerij in Hensbroek verhuisde hij ook naar Grootschermer. Aan huis, kleiner, maar ook beter te behappen. Later verkaste de drukkerij naar het bedrijventerrein in De Rijp, waar hij in 1994 -het sterfjaar van zijn vader- een boek over diens leven en werk drukte. Een boek vol kunst, in een tijd dat hij merkte dat hij kunst ’toch wel heel leuk vond’ en het graag aan de man wilde brengen.

Airmiles

Zo had hij het plan opgevat voor ’DollArts’, waarmee je bij bedrijven kon sparen voor kunst. ,,Ik was bedrijven aan het benaderen, toen Airmiles aanklopte: wat ik deed, leek wel erg op Airmiles. Ojee, dacht ik, nu heb ik een proces aan mijn broek. Maar ze vroegen of ik dat niet voor hen kon doen.’’ Dat deed hij en dankzij de contacten die hij al had in de kunstwereld -’dat ik uit een kunstenaarsfamilie kom, opent deuren’- werd het een succes. De opbrengst stopte hij in de drukkerij, in de vergeefse hoop het tij te keren.

Rogier Jonk al 25 jaar ’in de kunst’, maar dan wel op zijn eigen wijze: ’Een galerie moet een beleving zijn’
De zeefdruk ’Piloot’ van Herman Brood, een groot succes in de Airmiles-actie.

Herman Brood

In diezelfde tijd maakte hij veel drukwerk voor Herman Brood. ,,Als hij langskwam, had hij vaak een tas bij zich. Hij was bezig met een boek, dat niemand wilde uitgeven. Een ongeordende stapel kunstwerken en teksten. Die heb ik letterlijk zo ingescand en gedrukt. Zonder moeilijk voorwoord van een kunstkenner of museumdirecteur. Precies zoals hij was.’’ Aanvankelijk was het geen daverend succes. Dat was in 2000, een jaar later sprong Herman Brood vanaf het Hilton zijn dood tegemoet. ,,Toen was er ineens wel belangstelling. Maar ik was principieel: iedere boekhandel die er eerder geen besteld had, kreeg niks.’’

In 2003 sloot hij de deuren van zijn drukkerij en legde zich toe op het organiseren van exposities op locatie. In 2014 kwam zijn huidige stek vrij, aan het Plein in kunstenaarsdorp Bergen. Hier realiseerde hij een galerie zoals die er volgens hem uit moet zien, laagdrempelig, toegankelijk voor iedereen. Maar het zwaard van Damocles hangt erboven. De panden aan het plein staan op de nominatie voor sloop en nieuwbouw. ,,Ik kan elk moment te horen krijgen, dat ik er over een jaar uit moet.’’

Omdat het er naar uitziet dat terugkeer er niet in zit, is hij aan het uitkijken naar een andere plek. ,,Want het remt me in wat ik hier doe, ik ben gewend overal vol in te duiken. Het maakt me niet uit waar het is, zolang het maar groot genoeg is om alles te doen wat ik hier doe. Ik zit niet vast aan Bergen.’’

Zijn jubileumjaar luidde hij onlangs in met twee ’Dwaze weekends’, waarin bezoekers voor een vriendelijke prijs een pakket kunst aan konden schaffen. ,,Er komen nog meer jubileumactiviteiten.’’

www.rogierjonk.nl

Meer nieuws uit Alkmaar

Meest gelezen