Premium

Antoinette Hertsenberg kwart eeuw in de bres voor underdogs

1/2

Zeg je ’Radar’, zeg je Antoinette Hertsenberg, twee namen die al een kwart eeuw onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Maandag viert het consumentenprogramma van Avrotros het jubileum en de presentatrice dus ook. „Ik heb er nooit naar gestreefd om de ideale girl-next-door te zijn.”

Ja, Antoinette Hertsenberg beseft hoe bijzonder een zilveren jubileum in televisieland is. „Al die tijd hetzelfde programma met dezelfde presentator. Of het uniek is weet ik niet, Ivo Niehe doet het misschien al langer. Radar is goed bekeken, staat dicht bij mensen, bereikt een breed publiek en het blijft leuk om te maken. Als er een dossier binnenkomt vraag ik me nog steeds meteen af wie daar nou heeft zitten slapen. Ik speel nooit dat ik verontwaardigd ben, ik bén het. Kleine dingen, grote zaken, ik wil antwoorden.”

Toch frustrerend dat mensen maandenlang van het kastje naar de muur worden gestuurd en dat hun klacht na één telefoontje van ’Radar wordt opgelost?

„Irritant dat mensen twintig keer moeten bellen, en dat er dan nog geen antwoord komt. Voor een buitenstaander lijkt drie weken zonder internet misschien een klein probleem, maar als je een eigen bedrijf hebt, is het stik vervelend. Door ’Radar’ komt het terecht bij het hoofd van de persvoorlichting of de directievoorzitter en dan wordt er wel ingegrepen. Gewone klanten komen daar niet terecht. Wij krijgen duizenden mails per week en zien dus dat er heel veel klachten over één teleprovider zijn en dat daar dus iets aan de hand moet zijn. En dat blijkt dan ook vaak zo te zijn: reorganisatie, nieuw management, afdeling ingekrompen. Bij Ziggo waren de medewerkers blij met onze aandacht, omdat ook zij tegen een muur aanliepen. Gewezen op hun falen, trok de directie er lering uit. Over het algemeen is er wel wat veranderd, lang niet alle callcenters zijn nog slecht.”

Wat brengt het werk u persoonlijk?

„Het is prettig om op een positieve manier bij te dragen aan de samenleving, zoals bijvoorbeeld verpleegkundigen en leraren doen. Journalisten kunnen dat ook, en wij gaan vaak een stap verder door ook voor een oplossing te gaan. En daarin zijn we volhardend, we komen op zaken terug, controleren of de boel goed geregeld is en of mensen ruimhartig worden gecompenseerd.”

Maar de beerput van wanprestaties bereikt nooit de bodem.

„Nee. Toen wij begonnen kwam internet net op en hebben we heel wat providers voorbij zien komen. Nu de energietransitie plaatsvindt, weten we bij voorbaat uit welke hoek de klachten gaan komen.”

Zelf heeft u natuurlijk nooit problemen met uw aankopen.

Antoinette Hertsenberg lacht vrolijk. „Over het algemeen krijg ik uitstekende service. Ook bij mij gaat er wel eens iets stuk en over de afhandeling heb ik geen klachten. Als ik een winkel binnenloop, zie ik de ondernemer wel eens verschrikt opkijken: ’Oh nee, hè…’ Stond ik bij de wasmachines, zei een verkoper: ’Ik hoef u zeker geen verlengde garantie aan te bieden?’ Waarmee ze trouwens meteen aangeven dat ze dat zelf ook een waardeloos product vinden.”

Lonkt u na al die tijd Radar niet eens voorzichtig naar iets anders, bijvoorbeeld een talkshow?

„Nee! Presentatoren vinden het de heilige graal en misschien is het dat dan ook wel. Maar in een talkshow blijft het bij de waan van de dag en kan ik geen slinger meer geven aan zaken. Ik zou het missen om die extra stap te zetten en bedrijven te confronteren. Dat is me op het lijf geschreven. Ik moet zeggen ’ons’, want de neuzen van het team, met een harde kern van mensen die er al vijftien jaar werken, staan één kant op. We hebben een gezamenlijk geheugen en kunnen dwarsverbanden leggen. Dat brengt ons verder. Vanaf ons vijfjarig bestaan zijn we een factor van belang geworden.”

De kritiek op u als gezicht van Radar is vaak niet mals op sociale media. Drama-queen, bitch, emo-put. Kunt u daartegen?

„Ik hou van ironie, en zelfspot is me niet vreemd”, reageert de vrouw die in het satirische RTL4-programma De TV Kantine zelfs een gastrol als Antoinette Heksenberg had. „Als kritiek zinvol en inhoudelijk is trek ik het me aan, anders leg ik het naast me neer. Soms lees ik na afloop van de uitzending online dat ik ’die en die vraag’ had moeten stellen. En dan denk ik ’shit, ja’. Regelmatig ga ik de studio uit met het idee dat er meer in gezeten had, maar het is live, in een split second moet ik beslissen welke kant ik opga. Lig ik eerlijk gezegd zelden wakker van. Soms is er zoveel spanning dat ik nog even moet landen, dan helpt het dat ik nog drie kwartier naar huis in Vierhouten moet rijden. Muziekje aan.”

Bits

„Mensen vinden mij vaak vinnig en bits, maar ik heb maar een paar minuten voor een item, en moet kort zijn. Bij een confrontatie in de studio gaat het er pittig aan toe. Kijkers vinden dat vaak ongemakkelijk om te zien, en het schept een beeld van mij als bitch. Ik heb er nooit naar gestreefd om de ideale girl-next-door te zijn. Camera-angst ken ik niet, het maakt me niet uit of-ie er wel of niet staat, ik vergeet hem zelfs als ik in gesprek ben. Kunnen mensen mij persoonlijk irritant vinden – ja, die zijn er, haha, die zijn er héél veel – de sympathie ligt aan onze kant.”

Met een programma dat opkomt voor de underdog staat u altijd met 1-0 voor?

„Ja, maar we hebben ook altijd te maken met bedrijven die rectificaties willen afdwingen. Zeker als het over grote bedrijven gaat, schrijven juristen mee met de uitzending. De feiten moeten op orde zijn, anders zijn we zo uitgespeeld.”

Tijd voor een terugblik, wat rekent u tot de hoogtepunten?

„De implant files, onze uitzendingen over de veiligheid en kwaliteit van medische hulpmiddelen. Mooi dat individuele consumenten verder kunnen met hun leven. En, onvermijdelijk, de woekerpolissen.”

Mensen zijn ook naïef en al te goed van vertrouwen toch? Die polissen waren toch te mooi om waar te zijn?!

Fel: „Vóór de crisis waren banken te vertrouwen, daar bracht je altijd al je geld naar toe en was het veilig. Mensen kenden het risico niet dat ze aangingen, dat is de crux. In die advertenties van Legiolease met een winstverdriedubbelaar kwam het woord krediet niet voor. Zeven miljoen woekerpolissen, iedereen had ze en ze zijn nog steeds niet gecompenseerd. De man die normaal op zijn 68e zijn huis vrij had gehad, kan nog geen kwart afbetalen. Moet de boel verkopen en proberen een flatje te vinden. Hebben we het wel over bestaanszekerheid.”

En de dieptepunten? Heeft u bijvoorbeeld ooit een bedrijf een fatale douw gegeven?

„Gelukkig hebben we niet één grote juridische misser gehad. Na een aantal jaren Radar konden wij klachten over kleine middenstanders niet meer doen, die strijd werd te ongelijk. Op slechte service kunnen we een winkelier niet meer aanspreken. Het vaste item van de koude en warme douche hebben we afgeschaft. Ik vind het fair om de grote bedrijven aan te pakken, niet om een winkel in een kleine stad over de kop te laten gaan. Tenzij iemand willens en wetens de boel belazert en oplicht.”

Bladerend door oude interviews valt het op dat het altijd over uw vegetarisme en uw geloof als zevendedagsadventist gaat.

„Voor ik een interview inga, grappen collega’s of het over mijn geloof gaat of over mijn eetgedrag. Interviewers beginnen er altijd over, kennelijk blijft dat hangen. Het is niet iets waar ik zelf graag mee naar buiten treed, voor mij gaat het bij een interview over mijn werk.”

Ze zien een tegenstrijdigheid in u, een dualiteit. Hoe kan het dat juist u een geloof hebt?

„Geloof is privé, maar het gaat goed samen met mijn werk. Ik snap dat mensen dat verwarrend vinden, omdat het niet in een hokje past.”

U telt 55 lentes, bent u bang dat u op een dag moet wijken voor een jonge blom?

„Daar denk ik nooit over na; maar ze geven me ook niet de indruk dat ze op het punt staan mij mijn congé te geven. Maar als de omroep dat beslist… Ik vind het wel cru als mensen hun ziel en zaligheid in een programma leggen en er dan uit gegooid worden. Aan de andere kant weet je dat de televisiewereld zo in elkaar steekt en ik snap dat zenders vernieuwing willen.’’

,, Het is gecompliceerd. Zou ik moeten stoppen dan blijf ik toch mooie verhalen op tv maken, bijvoorbeeld over de gezondheidswereld, of ik ga lekker schilderen. En het zou pijn doen, jazeker. Als ik afscheid moet nemen, hoop ik dat ik zelf ook zover ben. Maar nog 25 jaar Radar… Ik denk het niet, dan ben ik tachtig!”

Meer nieuws uit Achtergrond

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.