Premium

Werken op de vierkante meter: rijinstructeur

Werken op de vierkante meter: rijinstructeur
Rob Folkers: ’beperkte ruimte heeft ook voordelen.’
© Foto STUDIO KASTERMANS

„Mijn auto is mijn werkplek. Al meer dan 35 jaar ben ik rijinstructeur in de omgeving van Huizen. Dat lesuur ben je maar met één ding bezig. Geen afleiding, geen berichten tussendoor, is best fijn’’, zegt Rob Folkers, die erg goed oplet dat hij zo weinig mogelijk fysiek contact met de klant maakt, ondanks de beperkte ruimte.

SERIE

Maar dat laatste heeft ook voordelen. ,,Het allerleukste is het directe en een-op-een-contact met mensen. Je zit naast elkaar in een kleine ruimte en leert de ander iets. Soms is dat moeilijk, want dat betekent dat je de ander aanspreekt op zijn gedrag.”

,,Jonge jongens stappen soms vol bravoure in. En doen dan al snel wat ik zeg en wil (lacht). Zo werkt het als je je rijbewijs wilt halen. Ene Henk, al een wat oudere man, vond dat directieve niet altijd even prettig. Hij vond bovendien dat hij al lang veilig kon rijden. Dan nam hij een Mars voor me mee: ’Hier, dan hou je tenminste even je mond dicht.’ Rob Folkers kan er hartelijk om lachen.

„Instrueren is nu meer een dialoog. Maar zonder oogcontact. Beleefde klanten kijken me aan als ze antwoorden en praten. Dan zeg ik altijd: ’praat voor je uit, niet naar mij kijken’. Ik zie hun gezicht, maar zij moeten hun ogen op de weg en spiegels houden. Je werkt samen ergens naartoe en zoekt hoe het wél werkt. En dat gaat met pieken en dalen.”

Gedrag

,,Soms is het lastig als iemand niet goed aan te spreken is op zijn gedrag. En als ze dan boos of chagrijnig worden, zit je toch een uur op elkaars lip in die ene ruimte. En volgende week weer. Je moet samen verder. ’Vertel hoe je erin zit en of er wat is’, zeg ik altijd, dan kan ik daar rekening mee houden. Gaan we gewoon lekker rijden in plaats van moeilijke situaties opzoeken.”

„Mijn linkerknie houd ik bewust weg bij de pook, want anders kan de bestuurder ertegenaan komen bij het schakelen. Als ik een stuuringreep moet doen, dan kom je heel dichtbij de ander en heb je soms fysiek contact. Dan zeg ik altijd sorry, maar dat moest even. Ik let ook altijd op dat ik in de gordel zo’n beweging wel kan maken; dat die niet vastklikt.”

Koffie

„Koffie neem ik mee in zo’n thermosbeker, die niet kan lekken. Ik heb namelijk een keer een bakkie over me heen gehad. En als ik naar de wc moet, rijd ik even langs huis. Daar lunch ik ook; géén broodjes in mijn auto. Ik heb weleens een dame op les gehad, die altijd onder de hondenharen zat. En een jongen die enorm zweette, zodat het hele stuur nat was. Voordat de volgende dan instapt, maak ik dan even schoon, ja. Voor elke klant een schone, frisse lesauto. Stel je voor, in de tijd van mijn vader en mijn opa, die ook rijinstructeur was, werd er nog ’gewoon’ gerookt. Ik weet nog wel dat de auto dan blauw stond!”

We zijn inmiddels met vijf auto’s en instructeurs. Wij moeten zelf ook elke vijf jaar laten zien dat we les kunnen geven. Als bij ons iemand opgaat voor zijn rijexamen, moet hij kans van slagen hebben. Examinatoren weten dat. Twee jaar terug waren we de vierde middelgrote rijschool qua slagingspercentage in Nederland. Daar ben ik trots op.”

Meer automatisering

„Rijden zal in de toekomst helemaal elektrisch zijn en veel meer geautomatiseerd. Het is afwachten hoe dat ons werk als rijinstructeur verandert. Leren schakelen is het eerste wat verdwijnt, verwacht ik. De laatste jaren heb ik meer ouderen die een rijtest doen, bijvoorbeeld op advies van hun kinderen, omdat ze een tijdje niet gereden hebben of vanwege een ziekte of operatie. En nieuw is leren rijden met navigatie en lessen vanaf 16,5 jaar. Daar was ik sceptisch over, maar op die leeftijd nemen ze dingen sneller aan. Mooi om ze elke les te zien groeien. En altijd zeggen ze de eerste keer: ’Ik kan niet rijden, hoor.’ Dat weet ik en ga ik je nu leren!’”

Meer nieuws uit Achtergrond

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.