Premium

Na tumultueus avontuur bij Engelse ’Netflix-club’ wil Volendammer Robbin Ruiter nu de titel winnen met PSV: ’Laat Ajax nou zó veel meer zien dat wij?’ [video]

Na tumultueus avontuur bij Engelse ’Netflix-club’ wil Volendammer Robbin Ruiter nu de titel winnen met PSV: ’Laat Ajax nou zó veel meer zien dat wij?’ [video]
Veghel

Een blessure van Jeroen Zoet zorgde ervoor dat Robbin Ruiter (32) de voorbije twee duels zijn eerste minuten maakte onder de lat bij PSV. Zaterdag gaan de Eindhovenaren op bezoek bij FC Utrecht, de club waar Ruiter vijf jaar keepte voordat hij zich stortte in een memorabel avontuur bij het Engelse Sunderland. De ervaren Volendammer doet zijn verhaal aan de hand van zes voorgelegde stellingen.

1. Ik kan de vaste eerste keeper van PSV worden.

„Ik denk dat ik daar inderdaad de kwaliteiten voor heb. Je moet realistisch zijn: Jeroen heeft het de laatste jaren ontzettend goed gedaan en is de nummer één. Alleen: hij heeft ook de ambitie nog eens een stap te maken. En dan wil ik m’n kans pakken. Want om me nu al neer te leggen bij een rol als back-up, daar vind ik mezelf te jong voor. Ik weet inmiddels wat er wordt gevraagd als keeper bij PSV. Mentaal is het zwaarder dan bij m’n vorige clubs, omdat je doorgaans veel minder te doen krijgt. Als die ene bal komt, moet je er wél staan. Natuurlijk smaken de wedstrijden tegen Rosenborg en VVV naar meer. Twee keer met 4-1 gewonnen, tegendoelpunten waaraan ik weinig kon doen, dus ik ben tevreden.”

Na tumultueus avontuur bij Engelse ’Netflix-club’ wil Volendammer Robbin Ruiter nu de titel winnen met PSV: ’Laat Ajax nou zó veel meer zien dat wij?’ [video]
Robbin Ruiter dolt na afloop van PSV-Ajax (1-1) wat met zijn oude trainer Erik ten Hag. ,,Iedereen geeft hoog op over Ajax, maar laten zij nou zó veel meer zien dat wij?’’
© Foto ANP

2. Bij FC Utrecht was ik op m’n best.

„Eens. Bij FC Volendam maakte ik een mooie groei door, bij Utrecht haalde ik een hoog niveau in de eredivisie. Ik heb daar vijf jaar gekeept. Het gekke is alleen dat ik nooit echt afscheid heb genomen van FC Utrecht. Ik ging knock-out tegen Feyenoord toen al bekend was dat ik zou vertrekken. De trainer koos daarna, richting het einde van het seizoen, voor een ander. Ik heb dus via de zijdeur Utrecht verlaten. Heb ook nooit afscheid kunnen nemen van het publiek. Daarom zou het zo mooi zijn als ik zaterdag speel; het is nog even de vraag of Jeroen op tijd fit is. Ja, ik denk wel dat ik een applaus krijg van de fanatieke Utrecht-supporters op de Bunnikside.”

3. De Netflix-documentaire over Sunderland heeft mijn imago beschadigd.

„Dat weet ik niet. De club kwam heel negatief in beeld. Dat snap ik, voor de documentairemaker is het drama van een club die afglijdt natuurlijk het mooist. Sunderland degradeerde dat seizoen voor het tweede jaar op rij. Daar kiezen ze dan ook de beelden bij. Ik kende ook een heel goede periode, maar die haalde de serie niet. Paste niet in het verhaal. Die ene ketser tegen Milwall haalde de serie dan weer wel. Ik moet eerlijk zeggen dat het ook gewoon niet mijn beste twee jaren waren, in Engeland. Toch hoorde ik van mensen dat ik in de serie als persoon goed overkwam. Clubs scouten bovendien echt niet op basis van een Netflix-serie. Als die documentaire mijn imago zo erg had beschadigd, had PSV mij niet gehaald.”

4. Als voetbalclub kun je beter niet meedoen aan zo’n Netflix-serie.

„Dat is een beetje dubbel. Qua populariteit en naamsbekendheid is de serie heel goed geweest voor Sunderland. ’Sunderland ’til I die’ is in iets van 135 landen uitgezonden, ik geloof dat 153 miljoen mensen ernaar konden kijken. Die camera’s hadden alleen geen goede invloed op de resultaten. Zéker niet. Dat kwam vooral door de communicatie. De medewerking aan de serie was opgelegd van bovenaf; we hebben als spelers nul inspraak gehad. Ook de trainer wilde niet. Er hingen cameraatjes in de fysio-ruimte. Dat is een persoonlijke omgeving. Je weet hoe het gaat in een voetbalkleedkamer: daar klinkt de typische ’kleedkamerpraat’. Zo hoort dat ook. De camera’s veranderen alles. De ongedwongenheid verdwijnt, je moet op je woorden letten. Dat is niet bevorderlijk voor de sfeer.”

5. PSV kan Ajax dit seizoen van de titel afhouden.

„Zeker. Kijk naar de enorme groei die wij doormaken dit seizoen. De buitenwereld heeft het veel over Ajax, mede door het vorige seizoen. Dat niveau halen zij dit speeljaar nog niet, vind ik. Wij hebben, net als Ajax, ontzettend veel kwaliteit; kijk alleen maar naar onze voorhoede. Kampioen worden is dan ook ons doel. Of PSV saai speelt? Dat is te makkelijk. Iedereen geeft hoog op over Ajax, maar laten zij nou zó veel meer zien dat wij? Er wordt PSV verweten dat we alleen maar op de counter spelen, maar dat is niet zo. Natuurlijk benutten wij de ruimtes goed, daar ligt onze kracht. Maar de beeldvorming is een beetje scheef.”

6. PSV-trainer Mark van Bommel is een totaal andere coach dan Ajax-trainer Erik ten Hag.

„Ze zijn allebei gigantisch gedreven, zijn met niks anders bezig dan voetbal. Aan Erik ten Hag moet iedereen enorm wennen als hij binnenkomt bij een club. Bij FC Utrecht stond je soms drie uur op een trainingsveld om zonder een zweetdruppel op je voorhoofd van het veld te lopen. Die lange sessies werpen op een gegeven moment echter z’n vruchten af en dan ga je hem juist waarderen. Hetzelfde geldt voor zijn persoonlijkheid: je moet echt even wennen, maar na een tijdje merk je dat Erik een fijn mens is om mee te werken. Onder Van Bommel trainen we heel hard. Hij is ook een échte winnaar. Zoekt altijd naar details, kijkt hoe we de tegenstander uit balans kunnen brengen. Tegenstanders noemen ’m vaak een bloedzuiger. Dat vond ik ook toen ik tegen hem speelde. Ik weet nog dat hij als speler van PSV vol op m’n tenen stond bij een corner. Nu besef ik: dat is zijn winnaarsmentaliteit. Laatst hadden we het nog over dat corner-incidentje. Toen heb ik hem er met een grote lach aan herinnerd dat Utrecht die wedstrijd wel mooi met 1-0 won.”

Meer nieuws uit Sport Waterland

Meest gelezen