Premium

In 60 seconden: Die rotkapper

Hij was er niet gelukkig mee. Nee, dat zeg ik niet goed. Hij was er mistroostig van. Bedroefd. Om hoe die gemene rotkapper z’n moeder had toegetakeld.

,,Ik wil gewoon een móóie moeder’’, snikte onze knul (6) in haar armen, ,,met láng haar.’’

Zij is er heel blij mee. Een half jaar gedraald om die lange lokken er weer eens af te halen voor ditmaal zo’n trendy pixie cut. Ik heb d’r al met van alles gezien. Lang, kort, krullen, bob, steil, slag, pony, licht, donker en verrek: het kapsel dat ’r niet staat, moet nog uitgevonden worden.

Maar ik snap hem wel, die betraande kleine man. Hij kent mama niet anders dan met wapperende manen en door het snoeien van de manen, knipte de kapper ook z’n moeder een beetje weg.

Het bracht mij terug naar dat moment dat ik mijn vader voor het eerst zag in z’n blote gezicht. Daar had mijn hele leven een grote borstelsnor op gezeten. Een stoere knevel, die fijn kriebelde bij het knuffelen. Ook toen grote snorren al lang niet meer in waren, hield m’n vader hem aan.

Maar op een dag had m’n moeder haar zin en voor ik het wist zat er op een ochtend een vreemde man aan de ontbijttafel. Hij droeg de kleren van m’n vader, en z’n bril, en hij at roggebrood met Goudse kaas - pa’s lievelings. Het moest hem wel zijn, maar echt vertrouwd was het niet. Net als in het zwembad, een van die zeldzame gelegenheden dat we hem zonder bril zagen.

We zijn nu een paar dagen verder en het begint te slijten bij die van zes. ,,Ik moet nog een béétje wennen’’, zegt hij als we’t hem vragen. ,,Maar ik ben nog wel boos op de kapper.’’

Meer nieuws uit Schagen e.o.

Meest gelezen