Premium

Column Hannah van Wieringen: Onze kinderen

Column Hannah van Wieringen: Onze kinderen

In De Haagse Schouwburg ging vorige week het toneelstuk ’The Children’ van Het Nationale Toneel in première. Lucy Kirkwood schreef het, een Britse toneelschrijfster van mijn generatie.

Sylvia Poorta speelt erin, een actrice die bij Theater Rotterdam weergaloos in de stukken van Dea Loher speelde. Breekbaar en tegelijk onverwoestbaar is ze. Weet u dan wat ik bedoel, kent u zulke vrouwen? Poorta speelt in dit stuk een vrouw van een jaar of 65 die opeens bij vrienden op de stoep staat, die ze meer dan dertig jaar niet gezien heeft.

Klassieke dramatische situatie: vriend die vreemdeling is geworden verschijnt plotseling weer. Het verleden belt aan in menselijke gedaante. Wat nu? Paniek! Want dat er aan de status quo gerammeld zal worden valt moeilijk te negeren.

We leren over de wereld waar deze drie pensionado’s in leven, en daar is iets beslist niet pluis. Een ramp van wereldgrootte heeft plaatsgevonden. Ze blijken alle drie werkzaam te zijn geweest bij het bedrijf dat daar verantwoordelijkheid voor draagt.

Tegelijk is het stuk een mooie schets van twee vrouwenlevens. Hoe die van elkaar verschilden door een grote beslissing die hun leven veel richting gaf. Eentje koos voor één plek, het huwelijk en kinderen, de ander koos voor een reizend leven, met de vrijheid en losgezongenheid van dien.

Ik zal ook bekennen: tijdens de eerste lange scène schoot een gedachte van Jetse Batelaan door het hoofd, een regisseur die ik bewonder. Hij zei ooit: „Theater is ook gewoon wachten tot het is afgelopen.” Deze gedachte komt bovendrijven als het niet lukt om me te verbinden met wat ik zie. Godzijdank wás het theater en kon ik niet wegzappen of weglopen om de administratie te doen of een vriend te sms’en, want dan had ik wel iets gemist. Uiteindelijk lukt het het stuk om onder de wat bloedeloze spelregie vandaan te kruipen en de benen te nemen.

De vraag die het stelt: is de babyboomgeneratie verantwoordelijk te houden voor de huidige staat van de (natuurlijke) wereld? Grote vraag, niet eenduidig te beantwoorden, maar voor deze personages komt ie op scherp te staan.

Ik dacht aan mijn grootouders, die na de oorlog de wederopbouw op hun conto konden schrijven. Welvaart nam toe, en de veiligheid, dankzij hun vlijt en toewijding. Zij wisten: onze kinderen krijgen het beter dan wij. En toen dacht ik aan míjn ouders. Bouwers van het internet, ontwerpers van het zzp-contract, verslaafd geraakt aan fossiele brandstoffen en eeuwigdurende groei. Ze hebben zich net zo onoverwinnelijk gewaand.

Terug in de auto dacht ik, en nu kijken ze naar de wereld en zien, onze kinderen zullen het niet beter hebben dan wij. Dat leek me een gedachte die je liever niet helemaal toelaat, die je negeert, waar je het liever niet over hebt op de verjaardagen of de zondagochtenden langs het veld. Wat als we dat wel zouden doen? Wat als we zouden zeggen: het gaat niet om schuld, het gaat om verantwoordelijkheid? Zou dat tot een grote omwenteling kunnen leiden?

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.