Koster Henk van der Velden maakt het mensen naar de zin

Koster Henk van der Velden maakt het mensen naar de zin
Henk van der Velden in de Dorpskerk.
© Foto Hielco Kuipers

Henk van der Velden gaat graag naar de kerk. Niet alleen op zondag maar ook op doordeweekse dagen kun je de 58-jarige Leiderdorper in de monumentale Dorpskerk uittekenen. Als kerkganger en als koster.

Rubriek | Lol in je werk

Koster worden in uw eigen woonplaats. Was dat uw ultieme jongensdroom?

„Om eerlijk te zijn droomde ik als kind eerder van een baan als straaljagerpiloot of brandweerman. Later kwam ik op de tuinbouwschool en vond ik een baan in het groen.”

Hoe kwam u beroepshalve alsnog in de kerk terecht?

„Hoe gaan die dingen? Zo’n twintig jaar geleden ontmoette ik een oude bekende op een feestje van een 79-jarige, die het onzin vond om te wachten tot hij tachtig werd. Die kennis bleek koster te zijn en zocht een opvolger. Ik besloot te solliciteren en kreeg de baan. Kort daarna overleed die man van 79 plotseling. Had hij zijn verjaardag later willen vieren, dan was ik misschien nooit koster geworden.”

Is dat toeval of sturing?

„Noem het zoals je wilt. Wel kwam ik altijd al graag in de kerk. In Leiderdorp ben ik onder meer ouderling geweest. Ook nu nog mag ik graag naar een goede preek luisteren, zingen, verdrietig en vrolijk zijn tijdens een kerkdienst. Ja, er mag gelukkig ook gelachen worden in de kerk.

Kinderboeken over een norse koster daar kan ik niets mee, al hoeft een koster ook geen clown te zijn. Maar je maakt in een kerk alle facetten van het leven mee: begrafenissen, huwelijken, vreugde en verdriet. Bovendien is onze kerk laagdrempelig. Wij stellen onze gebouwen – en de sfeervolle tuin - net zo goed beschikbaar voor leden als niet-leden van de Protestantse Gemeente Leiderdorp. Zo ontmoet ik allerlei soorten mensen. Dat aspect van mijn werk vind ik het mooist: het iedereen naar de zin proberen te maken.”

Wat moet een koster van de Dorpskerk zoal doen?

„Ik moet er zijn, niet alleen op zondag tijdens de kerkdienst maar ook doordeweeks op de gekste tijden bij begrafenissen, vergaderingen, koorrepetities en feesten. Als ik een schoolklas rondleid vraag ik de leerlingen hoe hun conciërge heet. Soms is dat Jan. Dan leg ik uit dat ik een soort Jan in de kerk ben, die zichtbaar of onzichtbaar van alles regelt. Ik prijs me gelukkig met het team van vrijwilligers waarmee ik samenwerk. Ook geniet ik van ons mooie kerkgebouw, dat volgend jaar 400 jaar bestaat. Door de jongste renovatie is het gebouw praktischer ingedeeld en het werk er nog prettiger op geworden. In zekere zin ben ik eigen baas, want het kerkbestuur geeft mij veel vrijheid.”

Dat klinkt als een baan voor het leven?

„Dat geldt wellicht niet voor iedereen, maar ik kan inderdaad nauwelijks minpunten van mijn werk noemen. Destijds wilde ik wat minder werken dan in het tuincentrum, lekker dicht bij huis en met mensen om mij heen. De afwisseling en vrijheid in mijn werk zijn onbetaalbaar. Als koster kan ik niet hogerop en rijk zal ik er ook niet van worden, tenzij geestelijke rijkdom ook meetelt.”

Welk ander beroep zou ook bij u passen?

„Als het niet iets in het groen zou zijn, dan toch graag een beroep waarin ik met mensen omga. Fysiotherapie had mij achteraf ook wel iets geleken.”

Meer nieuws uit Achtergrond

Keuze van de redactie

Lees hier de digitale editie



Volg ons