Premium

Solide uitvoering compositie over legende van de Purmer meermin in Wijdewormer

Solide uitvoering compositie over legende van de Purmer meermin in Wijdewormer
Hoornisten Annette Schuitemaker en Dieke Verrijk.
© Foto Ella Tilgenkamp

Het zal zelden voorgekomen zijn dat muzikanten hun orkest een cadeau geven in de vorm van een compositie. Erik-Jan en Elisabeth Verburg van de Purmerendse fanfare Kunst na Arbeid deden het dus wel.

Ter gelegenheid van hun twaalfeneenhalfjarig huwelijk in 2018 gaven zij de opdracht aan Jan Bosveld een werk te schrijven. De componist zal hun dankbaar zijn, Kunst na Arbeid ook evenals andere orkesten, want het werk staat na de première in januari inmiddels op het repertoire van meerdere fanfares in het land.

’Uxor Maris’, zoals de compositie heet, verklankt de legende van de Purmer zeemeermin die na een dijkdoorbraak in 1403 in de binnenwateren van Noord-Holland belandde en vandaar op land werd gevist.

Eerst in Edam en later in Haarlem werd de zeemeermin min of meer vastgehouden als bezienswaardigheid ook al verlangde zij hevig terug naar open wateren. Uiteindelijk wordt zij beloond met een begrafenis in Haarlem omdat zij eer bewezen had aan Christus.

Bosveld licht zeven periodes uit dit noodlottige verhaal. Sfeerbeelden die zoals veel programmamuziek niet echt één op één de inhoud volgen. Mooie bijkomstigheid voor de opdrachtgevers is dat de componist als uitgangspunt kerklied 418 uitkoos.

Het lied dat centraal stond tijdens de huwelijksplechtigheid. Het lied komt in zijn complete gedaante voor ergens tegen het eind van de compositie.

Daarvoor en daarna zinderen de orkestklanken in broeiende klankopeenstapelingen met soms ferme uithalen. Geen lichtvoetig werk. Zeker niet, maar wel een werk dat het verdient om veel uitgevoerd te worden.

’Uxor Maris’ was de hoofdmoot van het concert van Kunst na Arbeid en kreeg een solide uitvoering. Hoe kan het ook anders met een orkest bestaande uit prima muzikanten. Al in het openingswerk ’Flashing Winds’ van Jan van de Roost werd dat bewezen. Het flitsende werk met veel ritmische wendingen kreeg een vlekkeloze behandeling.

Dank daarvoor ook aan de stuwende kracht van dirigent Remko de Jager. Dát het orkest goede muzikanten heeft werd ook bewezen in het levendige ’Hornfestival’ van de Duitse componist Kurt Gäbe.

Gesoleerd werd daarin door de hoornisten Annette Schuitemaker en Dieke Verrijk. Zij gingen samen in een schitterende dialoog met het orkest.

Het gaat goed met Kunst na Arbeid. Dat bewees ook het opleidingsorkest gedirigeerd door Lennart de Winter. Het is immers de toekomst van de fanfare. In ieder geval zat daarin een nog heel jonge trompettist die in een vrolijke toegift van het groot orkest een solopartij voor zijn rekening mocht nemen.

Meer nieuws uit Waterland

Meest gelezen