Premium

Oud Obdam blij met ’impulsaankoop’ van negentig jaar geleden

1/4

Zelden hebben de liefhebbers van de stichting Oud Obdam-Hensbroek twee zulke zware aanwinsten moeten vervoeren: twee forse houten molenroeden, die lang geleden bij de korenmolen ’De Jonge Ruiter’ hebben gehoord.

„Het was wel een ’klussie’ om ze hier te krijgen, maar met een beetje handigheid en wat grote mannen redden we dat wel”, vertelt Ed Groustra. „Een goede aanhanger deed de rest.” Dus daar pronken ze, keurig naast elkaar op drie bokken. Zware stukken van spijkerhard Amerikaans grenenhout. Maar wat een historische vereniging nou met deze roeden van ieder goed zeven meter aan moet?

„Het belangrijkste is dat wij deze twee onderdelen hebben kunnen bewaren”, vertellen Koos Bijvoet en Jaap Kroon. In het onderkomen van de stichting aan het Willibrordusplantsoen zijn ze in ieder geval vol bewondering voor het vakmanschap van de timmerlieden van lang geleden. „Volgens mij kan je deze zo weer klaar maken en gebruiken.”

Boedelverkoop

Al jarenlang was bekend dat deze restanten van ’De Jonge Ruiter’ bij boer Rooker terecht waren gekomen. Die kreeg de twee roeden in handen tijdens een boedelverkoop in 1929. De korenmolen was afgebroken en veel grote stukken hout werden elders opnieuw gebruikt.

Bijna negentig jaar lang was die ’impulsaankoop’ onder een stoflaag verdwenen op de zolder van het boerenbedrijf. Totdat Oud Obdam-Hensbroek ontdekte dat de huidige bewoner, kleinzoon Jacob Jan Rooker, naar Denemarken ging emigreren.

’Kachelhout’

„We wilden erg graag voorkomen dat de roeden dan verkocht zouden worden, voor mijn part als kachelhout”, weet Bijvoet. „Het is namelijk een mooi onderdeel van onze Obdamse historie.” En dus volgde er een hijs- en sleepklus van jewelste.

Het dorp Obdam kent nu nog twee poldermolens. Maar weinig dorpsgenoten weten nog dat aan de rand van het dorp, langs de Dorpsstraat richting Hensbroek, een korenmolen heeft gestaan. Daar, op een ’achteraffie’ aan de Kwakel stond al eeuwenlang zo’n molen.

Drama

Totdat in 1903 een molendrama zich voor de ogen van de Obdammers voltrekt: de molen gaat in vlammen op. Eigenaar Jan Molenaar moet machteloos toezien hoe de vlammen zich een weg door de oorspronkelijke molen ’De Ruiter’ vreten.

De eigenaar besluit dat er een nieuwe windvanger voor het maalbedrijf moet komen. Het wordt een staaltje hergebruik: in Wormer aan de Veerdijk is op dat moment de oliemolen ’De Mol’ te koop. Bingo: die wordt op een dekschuit gezet en over water richting Obdam vervoerd. Volgens de overlevering is het opnieuw in elkaar puzzelen van het houten ’bouwpakket’ geen makkie. Dat blijkt wel wanneer tijdens de wederopbouw de tweedehands balkenconstructie zomaar in elkaar dondert. Gelukkig net op het moment dat de bouwvakkers buiten een bakkie troost drinken, aldus Peter Molenaar - inderdaad, familie van - in zijn boek ’Rond de Grenspaal’ uit 1994. Met wat technische aanpassingen krijgt het dorp een nieuwe meelmolen, met als naam De Jonge Ruiter. Totdat de modernisering de drie maalstenen en het oude, houten mechaniek eromheen overbodig maakt.

Verhaal

„Dat verhaal, dat kunnen we nu met deze roeden nog voor een deel laten zien en vertellen”, aldus Jaap Kroon. „Eigenlijk zijn we net zo benieuwd waar twee andere molenroeden zijn beland toen de molen in ’29 werd afgebroken…”

De stichting heeft zelf geen direct gebruik in petto voor de lange balken hout. Uiteraard wordt het verhaal achter de roeden („We weten niet eens of deze in 1908 nieuw zijn gemaakt, of dat ze zelfs uit de Wormer stammen”) veilig gesteld.

Daarnaast heeft de stichting ook de belangenvereniging De Hollandsche Molen op de hoogte gesteld van de twee aanwinsten. „Stel je nu eens voor dat bij de restauratie van een molen deze roeden goed zouden uitkomen”, bedenken de drie vrijwilligers zich. „Dat zou helemaal fantastisch zijn.”

Martin Menger

Meer nieuws uit West-Friesland

Meest gelezen