Premium

Kunstmatige intelligentie en arbeidsmarkt: helft werknemers vervangbaar

Kunstmatige intelligentie en arbeidsmarkt: helft werknemers vervangbaar
AFP, Dijkstra BV, EPA, ANP

Nederlandse bedrijven lopen voorop in het gebruik van kunstmatige intelligentie. In vergelijking met andere Europese landen wordt hier net iets meer gebruik gemaakt van bijvoorbeeld chatbots of machine learning. Over de gevolgen wordt gespeculeerd. Want robots nemen werk uit handen. Maakt dat ons leven makkelijker of zijn we straks werkeloos? En hoe intelligent mag intelligentie eigenlijk zijn?

Het is 1968 als de film ’2001: A Space Odessey’ uitkomt. Eén van de hoofdrollen is voor HAL 9000, het sprekende besturingssysteem van ruimtevaartuig Discovery One. HAL is een gewaardeerd lid van de crew, maar ontwikkelt langzaamaan een eigen wil en een vijandig karakter. HAL verbeeldt de toen al heersende angst voor artificiële intelligentie. Want wat als we computers zo veel mogelijkheden geven dat ze in staat zijn eigen keuzes te maken? Keren ze zich op een dag tegen ons?

De makers hebben altijd ontkend dat het een bewuste keuze was, maar de letters HAL schelen ieder maar één plek in het alfabet met de letters IBM. De International Business Machines Corporation was en is één van de grootste producenten van computer soft- en hardware. Al sinds 1924 bieden hun machines ons een helpende hand. Ze roepen al even zolang de vraag op hoe gevaarlijk dat is.

De voorspellingen zeggen dat ongeveer de helft van de werknemers op den duur vervangbaar zal zijn door een robot of computer. Vooral administratief personeel en fabrieksarbeiders zouden het risico lopen hun baan te verliezen. 50-plussers en MBO-geschoolden zijn het kwetsbaarst. Sterker, 42 procent van de huidige MBO-studenten zou worden opgeleid tot banen die straks niet meer bestaan.

Anticiperen

Artificiële intelligentie is een ruim begrip. Een robot met een stem en een menselijk gezicht die een receptie bemant is artificiële intelligentie, maar een computer die jaarrekeningen nakijkt ook. Een magazijnrobot die online winkelbestellingen verwerkt is artificiële intelligentie, maar onze smartphone of een zoekmachine ook. Scans die tumoren kunnen vinden, digitale prikklokken, de algoritmes in sociale media, allemaal artificiële intelligentie. Het gaat bij AI over technologie die niet alleen opdrachten uitvoert, maar zelf ook data verwerkt.

Een schaakcomputer is een redelijk simpele vorm. Die kan één ding, maar anticipeert wel zélf op de zetten van een menselijke tegenpartij. Technologie die beter wordt naarmate het meer wordt gebruikt is al intelligenter. Hoe meer data, hoe beter de technologie inspeelt op de behoeften van de gebruiker. In het dagelijks leven merken we dat wanneer we persoonsgerichte advertenties op ons scherm ontvangen of wanneer sociale media ons suggesties doen over wat we mogelijk interessant zullen vinden.

De zelfsturende auto wordt, net als wij, beter naarmate hij meer verschillende verkeerssituaties te verwerken krijgt. Hij leert bij elke situatie beter anticiperen op de volgende. Zou een zelfsturende auto veiliger kunnen worden dan een auto met bestuurder? Dat zou een hoop (beroeps)chauffeurs overbodig maken. En zou hij ook te slim kunnen worden? Op hol kunnen slaan, kiezen om iemand aan te rijden of daartoe geprogrammeerd kunnen worden? Voer voor science-fictionverhalen, maar daarmee ook voor de werkelijkheid. Want elke bestaande technologie begon ooit als een fantasie.

Wereldoverheersing

De ontwikkeling van AI neemt een vlucht. Waar in de eerste 70 jaar de basis werd gelegd, is de ontwikkeling in de laatste 30 jaar alleen maar sneller en sneller gegaan. Als de technologie zich blijft ontwikkelen zoals nu, hoeven robots niet eens bewust de wereld over te nemen, maar zouden ze mensenlevens en economieën kunnen verwoesten, alleen maar door hun werk te doen.

De vraag is natuurlijk of de doemscenario’s ook uit zullen komen. Investeren in bots en programma’s is voor veel bedrijven niet haalbaar. De kosten zijn ten opzichte van loonkosten simpelweg te hoog.

Bovendien zullen bedrijven in veel gevallen de voorkeur blijven geven aan menselijke arbeid, ook al kan het door een robot worden gedaan. Een zorgrobot kan tillen, maar dat geeft een verpleegkundige vooral meer tijd en ruimte voor intermenselijk contact.

Een programma dat een jaarrekening kan controleren, maakt een accountant niet overbodig, maar verandert zijn functie. AI zal in veel gevallen niet een hele baan kunnen overnemen, hooguit een taak.

Ons werk verandert. Dat doet het al sinds mensenheugenis. Door gereedschap, de stoommachine, door elektronica en door ICT. En al vanaf de denderende stoomtrein is er angst geweest dat machines het van ons zullen winnen. Technologie is allang niet meer een instrument, het doet zelf iets. Het oefent invloed op ons uit. Maar in de doemscenario’s wordt bijna vergeten dat we keuzes kunnen maken. Het lijkt dan alsof technologie ons alleen maar overkomt. Artificiële intelligentie is gebaseerd op ons vermogen te anticiperen. We zijn lerende machines.

We kunnen inzetten op zorg en onderwijs, we kunnen waar we willen de voorkeur geven aan menselijke kracht, we kunnen onze kinderen vaardig maken in een wereld die deels digitaal zal zijn én we kunnen morele keuzes maken. Niemand verplicht ons technologie in te zetten die mensen schaadt. Als we niet willen dat de helft van de beroepsbevolking straks thuis zit, moeten we de knop omzetten. En dan met name bij onszelf.

Meer nieuws uit Achtergrond

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.