Premium

Blinde vlek in Bloemendaalse geschiedenis: verzetshelden Walraven en Gijs van Hall brachten in villa Zonnehof hun jeugd door

1/5
Bloemendaal

De avonturen van de verzetshelden Gijs en Walraven van Hall in de Tweede Wereldoorlog spreken de mensen nog steeds aan. De lotgevallen van de familie zijn verweven met grote gebeurtenissen in de wereldgeschiedenis. Het is de hoogste tijd om Gijs en Walraven ook te eren in Bloemendaal, de plaats waar zij opgroeiden.

Met het uitroepen van hun ouderlijke woning tot Nationaal Monument en met een gedenkteken in Bloemendaal kan deze bijzondere familie worden herdacht, vindt Marlies ter Borg. Zij woont al ruim dertig jaar in villa Zonnehof aan de Bentveldsweg in Aerdenhout. Het huis, vroeger van Van Hall, draagt een lange geschiedenis met zich mee.

Eind jaren negentig kwam Ter Borg daar achter, eigenlijk door onaangekondigde visite. Mensen stonden regelmatig vanaf de straat naar binnen te turen. ,,Eenmaal kwam er zelfs een vrouw de voortuin in, net toen we de kas aan het afbreken waren. Nee, niet de kas van opa!, riep zij toen uit.’’

Zij hoorde op dat moment voor het eerst het verhaal dat de villa vanaf 1905 gedurende een aantal decennia onderdak heeft geboden aan de familie Van Hall, van wie de zonen Gijs en Wally landelijk bekend zijn door hun verzetsdaden in de Tweede Wereldoorlog.

Op de thee

Ter Borg zei tegen de aanloop: ,,Als jullie toch allemaal bij ons willen komen kijken, kom dan op de thee!’’ Het gevolg: op zekere dag zaten er vijftig verwanten en familieleden van Gijs en Walraven van Hall in de tuin. Aad van Hall, de zoon van de gefusilleerde Walraven, was ook present.

Van de familie kreeg Ter Borg allerlei brieven en foto’s van de familie, over hun band met het huis en hun geschiedenis. Toen is haar fascinatie en bewondering voor deze familie geboren. Volgens Ter Borg, van huis uit filosofe, laat de historie van de familie zich met een beetje goede wil lezen als een wereldgeschiedenis in het klein.

Het huis is in 1902 gebouwd door mensen die van Walden kwamen, de socialistische commune die de schrijver Frederik van Eeden stichtte. Ter Borg laat een oude foto zien. ,,Het huis was eenvoudig, in een omgeving van duin en tuinen. Vanuit het idee: terug naar de natuur.’’

Voor de patriciërsfamilie Van Hall, die resideerde in een statig pand aan de Herengracht, was de woning een zomerverblijf voor de vakanties, blijkt uit de brief van de toenmalige vrouw des huizes. Zij schreef dat het ’een schattig huisje’ was. ,,Er is niet eens plaats voor een meid, staat in een van de brieven.’’ Ook staat in een brief dat de balken blauw waren geverfd en die traditie is in de Blauwe Kamer in ere gehouden.

Maar de wereldgebeurtenissen in de jaren twintig kregen ook vat op de vooraanstaande Amsterdamse familie. Vader Aad van Hall was effectenhandelaar en door de Russische revolutie belandde hij in financiële misère en verloor hij zijn kolossale grachtenpand. ,,Hij had in aandelen Russische spoorwegen gehandeld, die werden genationaliseerd.’’

De familie was bijna alles kwijt, ware het niet dat de Van Halls op huwelijkse voorwaarden waren getrouwd. Toentertijd was dat niet ongewoon in hun kringen. Het huis in Bloemendaal stond op naam van zijn vrouw, waarna het gezin naar de rand van de duinen verkaste.

Met de tram, vroeger op de plek van het fietspad tussen Haarlem en Zandvoort, ging Aad van Hall naar zijn werk in Amsterdam. De kinderen bezochten het Kennemer Lyceum, waar een dominee Walraven de nodige discipline bijbracht zodat hij later naar de Zeevaartschool op Terschelling kon gaan. Walraven was door zijn liefde voor de grote vaart een buitenbeentje. Rechten studeren zoals zijn broer Gijs deed was normaal in de familie.

Het onafhankelijke denken van de familie komt terug in het huis, vertelt ter Borg. Vader Aad nam een tuinman aan, die dienst had geweigerd tijdens de mobilisatie in de Eerste Wereldoorlog. Die heeft het tuinontwerp gemaakt waaraan twee immense in bolvorm gesnoeide coniferen nog herinneren.

Ter Borg is nog steeds dankbaar voor die doordachte tuinaanleg. Maar zij is er nog meer door gegrepen dat vader Aad een dienstweigeraar, volgens velen een landverrader, zo’n baan gaf. ,,De man trok zich niets aan van wat de mensen dachten: hij was een non-conformist.’’

Naast de verzetsdaden van Gijs en Walraven van Hall hebben ook andere familieleden zich onderscheiden. Onder alle onverwachte bezoekers aan het huis bevond zich ook een Duitser. Die had als een klein jongetje, na de oorlog, in Nederland gewoond bij de Van Halls. Om aan te sterken logeerde die jongen bij Hes Dufour-Van Hall, de zus van de doodgeschoten Walraven. ,,Die Duitser vertelde dat hem in dit huis Goethe is voorgelezen.’’ Terwijl Hes Dufour in de oorlog een Joods jongetje liet onderduiken. ,,De familie toonde echte compassie voor hun medemensen.’’

Het verhaal van Van Hall verdient in haar ogen veel meer bekendheid. Nergens in de gemeente Bloemendaal is een gedenkteken of een andere tastbare herinnering.

Ter Borg wil deze blinde vlek in de Bloemendaalse geschiedenis zichtbaar maken. Zij heeft aan de gemeente voorgesteld of haar huis Nationaal Monument kan worden. Inclusief de tuin met het ontwerp van de dienstweigeraar. ,,Je moet er niet aan denken dat een volgende eigenaar een zwembad in de tuin maakt.’’

Ook kan er een speels en educatief monument komen bij de Langelaan en het fietspad naar Zandvoort. Het is een stukje niemandsland, dat de Van Halls vaak zijn gepasseerd. Als dat monument op ooghoogte komt, werpen de fietsers een blik op een vergeten hoofdstuk uit de Bloemendaalse geschiedenis.

oude_foto's.pdf

Meer nieuws uit Haarlem

Meest gelezen