Premium

Wie in Zandvoort durft nog over het circuit te klagen?

Wie in Zandvoort durft nog over het circuit te klagen?
Zandvoorters Frans en Anneke Tervelde zetten een draadloze speaker in tegen het racelawaai.
© United Photos/Toussaint Kluiters
Zandvoort

Een florerend circuit, liefst mét Formule 1-races, daar worden Zandvoorters blij van. Daar gaat in elk geval het gemeentebestuur vanuit. Intussen ergeren heel wat inwoners van de kustplaats zich kapot aan de racegeluiden. Volgens hen is de herrie niet te harden sinds ’de prins’ circuitbaas is.

’Ga dan ergens anders wonen’, ’azijnpisser’ of nog minder fijne toevoegingen, het zijn overbekende reacties voor inwoners van Zandvoort die níet blij zijn met het circuit.

’Circuithaters’ zijn er wel degelijk in Zandvoort. Ook onder geboren en getogen dorpelingen. ,,’Dan kun je niet tegen het circuit zijn’, kreeg ik pas te horen bij het jeu-de-boulen in Haarlem. Inderdaad kan ik me niet anders herinneren dan dat het circuit er was. Maar ik ben er faliekant tegen. Laat het hier rustig zijn”, zegt ’echte’ Zandvoortse Anneke Tervelde.

Lees ook: Circuit Zandvoort: ’Gelet op onderhandelingen is bekendmaken Formule-1-deal nu niet logisch’

Regelmatig zet haar man Frans Tervelde de draadloze speaker in. Muziek is de enige manier om de hinderlijke racegeluiden te overstemmen, vertellen de 73-jarigen. „We zijn graag in onze tuin, maar vanwege de herrie van het circuit moeten we wel naar binnen vluchten. Zelfs met de deur dicht en de radio aan klinkt het circuitgeluid nog harder dan een bromvlieg.”

Reservepolitie

Hij woont sinds zijn zestiende in Zandvoort en was als lid van de reservepolitie een kwart eeuw lang kind aan huis op het circuit tijdens grote evenementen.

„Als een soort baancommissaris en om het verkeer te regelen. Toen was de overlast veel minder. Je had nog zondagsrust en er werd nooit voor één uur ’s middags geracet.” Anneke: „De laatste paar jaar is het veel erger. Het gaat de hele dag door. Zeker van ’s morgens acht tot ’s avonds acht.”

Lees ook: Veel meer klachten over herrie Circuit Zandvoort

Mopperen ze hardop, dan krijgen deze Zandvoorters ongevraagd verhuisadvies van plaatsgenoten. Daar kunnen ze op hun leeftijd niets meer mee, zeggen ze. „We vluchten af en toe een weekendje naar een camping.’’

Dubbel geïsoleerd

Gerard Wielaard en zijn vrouw verruilden het drukke Amsterdamse Westerpark met z’n ’popfestivals en kermissen’ vier jaar geleden voor het in hun ogen heerlijk rustige Zandvoort. ,,We vroegen nog aan de makelaar hoe het zit met het circuit. Die zei dat het op de twaalf geluidsdagen na goed te doen was. Op de dagen dat we ons in Zandvoort oriënteerden was er inderdaad niets te horen.’’

De praktijk valt vies tegen, vertelt Wielaard op een doordeweekse middag. ,,Ik hóór ze racen in mijn dubbel geïsoleerde werkkamer.’’

En dat is niet wat Wielaard wil. ,,Ik stoor me er echt aan. We hadden een keer logees tijdens het DTM-weekend. Je schaamt je gewoon, je kunt geen normaal gesprek voeren dan.’’ Wat hij ervaart? ,,Een golf van geluid, van herrie.’’

,,Sommigen zeggen: ’je moet eraan wennen’. Er zijn zelfs mensen die zeggen dat ze het een mooi geluid vinden. Ik vind: het hoort er helemaal niet bij! Dit is een leefgebied, hier wonen mensen.’’

Wat Wielaard (60) betreft worden de geluidsnormen voor het circuit zo snel mogelijk bijgesteld. In die zin is hij blij met de Formule 1-koorts die Zandvoort stevig in zijn greep heeft. ,,Daardoor is de discussie over het geluid weer aangezwengeld.’’

Handtekeningen

Een 69-jarige inwoner vertelt dat hij het circuit prachtig vond als kleine jongen. „Ik verdiende in mijn ogen kapitalen aan het verzamelen van lege statiegeldflesjes in de duinen. Ik heb nog handtekeningen van Graham Hill, Jim Clark.”

Nu meent hij dat de ware schoonheid van zijn woonplaats niets te maken heeft met het circuit. „Ik houd van de natuur. Als er wat dat betreft één plaats mooi ligt, is het Zandvoort wel.” Bij een avondje vleermuizen kijken in Overveen viel het kwartje. „Een verschrikkelijke herrie van racende auto’s, zelfs daar. Van de zotte dat de hele omgeving daar last van moet hebben, realiseerde ik me.”

Het circuit kan bijna ongelimiteerd zijn gang gaan, zegt deze Zandvoorter. ,,Elk piekgeluid in de metingen wordt weggefilterd door het te middelen.” Toch is hij niet tégen het circuit, benadrukt hij. „Maar de herrie moet minder. Buiten de echte races is dat lawaai nergens voor nodig. Zorg gewoon voor goede geluidsdempers. Het is vaak die ene auto, heel irritant.”

Met zijn naam wil hij niet in de krant, hij zit er niet op te wachten uitgemaakt te worden voor ’ouwe geitenwollensokken-figuur die overal tegen is’. „Buren zijn misschien iets wijzer. Je kunt ermee leren leven. Of blijven vechten, zoals ik.”

Knetterend

Vroeger viel er nog wel te leven met het racelawaai, meent een plaatsgenoot die veertig jaar geleden overkwam uit de hoofdstad.

„De Formule 1 maakte destijds een knetterend lawaai, jazeker. Toch: het was maar een paar dagen, het was te overzien. Doordeweeks was het rustig. Dat is totaal anders sinds de prins er de scepter zwaait. Afgelopen zomer was het echt te gortig, ook omdat de wind best vaak uit het noorden waaide. Met de ramen dicht hoorde ik het binnenshuis nóg.”

Ergerlijk geluid, vindt deze buurtgenoot van coureur en circuitwoordvoerder Jan Lammers. „Alsof je een hele grote bromvlieg in huis hebt.” Maar dan een die zich niet laat verjagen of pletten. „Je hoort het de hele dag. Ook die piepende banden zijn irritant. Doen ze bewust, vinden ze mooi.”

De overlast is aan de zuidkant van het dorp - zo ver mogelijk van het circuit - echt niet minder, deelt een 53-jarige vader van jonge kinderen zijn ervaringen. Tenenkrommend, vindt hij. „Als je buurman een wat luidruchtig feestje heeft, vraag je: ’zullen we even wat zachter doen voor elkaar?’. Van het circuit krijg je als antwoord: ’we fungeren binnen de vergunning’.”

Prins

De ondernemer koos acht jaar geleden voor Zandvoort. Beter dan de rumoerige binnenstad van Haarlem, dacht hij. „In die tijd was de bezettingsgraad van het circuit vijftig procent. Tot de prins (Bernhard, red.) het kocht. Die zag de vergunning en constateerde: racen kan veel vaker, we kunnen vroeger beginnen en tot later doorgaan.”

Bij noordenwind is de herrie niet te harden, stelt deze Zandvoorter. „Alsof ze hier door de straat rijden.” Natuurlijk heb je overal in de Randstad wel ergens last van, beseft hij. Maar wat Circuit Zandvoort ervan bakt, kan volgens hem echt niet. „Tachtig procent van wat er rijdt is geschikt voor de openbare weg. Als ze uit de fabriek rollen, maken die auto’s maken echt niet zo’n herrie hoor.”

„Ik ben er wel eens heen gegaan om te kijken wie nou het hele dorp in de herrie zet. Er reed één auto en er zat niemand op de tribune. Waarom? Ik heb een administratiekantoor, werk de hele dag met mijn brein. Maar als ik naar huis fiets vanuit Haarlem, ga ik de herrie tegemoet. Die extra prikkels kan ik er niet bij hebben, in je huis wil je rust. Ook voor de kinderen. Nu kan ’s zomers vaak pas na tienen het raam open voor frisse lucht.”

Azijnpisser

„Zo iemand als ik noemen ze hier een azijnpisser. Zelfs mijn collega’s redeneren: ’het circuit lag er al veel langer hoor’. Dan zeg ik: en de huidige eigenaar kocht het pas twee, drie jaar geleden. Dat is net zo’n domme redenering.”

Meer nieuws uit Haarlem

Meest gelezen