Jonah: ’Sommigen blijven me Rosanne noemen’

Jonah: ’Sommigen blijven me Rosanne noemen’
Jonah Struijk (15): ,,Er zijn er een paar die het niet accepteren.’’
© Foto United Photos/Toussaint Kluiters

Ze kwam in 2015 op school binnen als Rosanne. Nu is zij een hij geworden: Jonah.

Het was een avond in december van 2017, herinnert de Haarlemse tiener (15) zich. „Toen heb ik het thuis verteld. In februari aan familie en in mei heb ik het helemaal openbaar gegooid, op Facebook. Ik ben transgender - dat is wel een dingetje.”

„Zoiets gooi je er dus niet zomaar even uit”, vertelt hij verder. „Ik heb het er eerst met mijn beste vriendin Cecilia over gehad. Zij zag het wel aankomen. En toen kwam mijn moeder op een avond.”

„Ik had wel een idee”, zegt moeder Mariska Struijk. „Ik had dingen gezien: je pakte jongensdeo, deed jongenskleding aan. Je durfde het niet te vertellen. Mag ik dan zeggen wat ik denk dat het is?, vroeg ik. Het was zo’n ontlading voor je. Je shakete van top tot teen. Het kwam er eindelijk uit.”

Het is kerstvakantie, nog voor de ophef over - bijvoorbeeld - de Nashvilleverklaring. Jonah Struijk zit thuis op de bank. Rank postuur. Jongensachtig, is de eerste gedachte. De 4-havoleerling draagt een hoodie én een muts, opvallend oranje gekleurd. Jonah is de jongste thuis. Hij heeft drie broers, van 28, 26 en 24, en een zus (21). „Je was geen prinsesje”, zegt vader Frans Struijk. „Maar je kunt een beetje een jongensfiguur zijn, daar zoek je niet automatisch iets achter.”

Gefrustreerd

„Ik was altijd boos op alles, was gefrustreerd. Ik voelde me niet fijn, alleen ik wist niet waardoor het kwam. Op tv hoorde ik een keer iets over transgenders. Bij die term voelde ik me thuis, merkte ik. Ik heb er toen verder niets mee gedaan. In de eerste op het Rudolf Steiner werd ik zelfs weer wat meisjesachtiger, misschien wilde ik aan een bepaald verwachtingspatroon voldoen. Maar later pakte ik thuis kleren van mijn broers mee. Als ik op school was, ging ik me omkleden.”

Door de worsteling met zijn identiteit belandde de puber in een zware depressie. Hij is ervoor in behandeling. „Al ben ik nu uit de kast, ik kan nog wel ver wegzakken.” Hij volgt ook therapie om zijn verdere transitie tot man te begeleiden; die is verplicht.

School - het Rudolf Steiner College in Haarlem - ging ’best wel heel goed’ met zijn coming out om. Jonah vertelde het zijn mentor en die lichtte de schoolleiding en de docenten in. Vanaf dat moment was Jonah ook op school Jonah en werd hij als een hij aangesproken.

Klasgenoten en andere leerlingen op school reageerden oké; de meesten althans. „Er zijn er een paar die het niet accepteren. Ook al verbeter ik ze, ze blijven me Rosanne noemen. Ze doen het met opzet.”

„In de tweede wilde ik het bijna zeggen. Een jongen kwam uit de kast als homo, en werd gelijk gepest. Toen durfde ik niet meer. Anders heb ik een rotleven, dacht ik.”

School ’greep wel in hoor’, gaat hij door. „En in de derde en vierde is iedereen sowieso wat chiller. Net wat volwassener.”

„Ik ben zo blij dat je op een vrije school zit”, haakt zijn moeder in. „Hier kun je echt zijn wie je bent. Andere scholen kunnen dat ook wel zeggen, maar in werkelijkheid is dat niet zo.”

Begin

Zeggen dat je een jongen bent, is pas het begin - dat beseft hij maar al te goed. „Wel kon ik daarna pas echt een jongen zijn.” Praktisch: „We hebben mijn kast leeggeruimd en zijn naar de sale gegaan. Daar hebben we even ingeslagen.”

Onpraktisch: als je met je paspoort bij de douane op Schiphol staat. „We gingen met familie op vakantie. Mijn broers, schoonzus en opa waren al door de douane heen. Ik liet mijn paspoort zien en kreeg te horen: Jij reist illegaal. Ik kreeg al helemaal de zenuwen: straks mag ik het vliegtuig niet in.” Na bemiddeling kwam het goed. „Ik sta er nog in met lang haar, maar ja, het is wel gewoon mijn paspoort. Zover ik het heb begrepen kun je vanaf je 18e of je 21e naar de gemeente gaan om je te laten registreren als man. Dan hoef je nog niet geopereerd te zijn.”

Als dat nou het enige was geweest - Jonah zit gevangen in het lichaam van een jonge vrouw, een lichaam dat zich bovendien verder ontwikkelt. Hij wordt ongesteld. „Je zit in een vreemd lichaam. Dan ga je niet bijvoorbeeld je borsten showen”, zegt hij. „Als ik nog niet ongesteld was geworden, had ik aan de hormoonremmers gekund. Daar is het nu te laat voor.”

„De zomervakanties zijn wel moeilijk. Ik heb dan een zwembroek, een binder, én een T-shirt aan. Want als anderen die binder zien, denken ze: wat is dat nou voor iets?” Een binder drukt je boezem helemaal plat. Als hij 17 is, kan hij met een operatie zijn borsten laten weghalen.

Liefdesleven

Een liefdesleven - ook heel gewoon voor een puber om te hebben - is ’gecompliceerd’. „Ik val op, kort door de bocht, alles, jongen, meisje, anderszins. Mij gaat het puur om iemands persoonlijkheid. Als ik een echte jongen was geweest, zou het geen probleem zijn. Nu ik transgender ben, is het ingewikkeld. Als ze dat horen, zijn ze al snel weg.”

Op een geslachtsoperatie heeft de Haarlemse tiener nog geen enkel zicht. Voor een mannelijke hormonenkuur staat hij op de wachtlijst. Je ’bouwt een dossier op’ bij je behandelaar, legt hij uit, waarmee je je operatie moet verdienen. Want alle betrokkenen moeten overtuigd worden van de noodzaak.

Hoe lang dat gaat duren, weet hij niet. Voor de operatie - het kan alleen in het Amsterdam UMC - zelf is (weer) een wachttijd, die inmiddels is opgelopen naar enkele jaren. Het ziekenhuis meldt dat het ’al lange tijd in gesprek is’ met ministers, zorgverzekeraars en patiëntenverenigingen. „Ons doel is om landelijk meer klinieken voor genderzorg te krijgen, maar dat kost tijd.”

Intussen moet Jonah voor zichzelf ook nog een belangrijke vraag beantwoorden. „Wil ik kinderen?” Ja, hij heeft een kinderwens. Maar dan: hoe? „Ik zou zelf zwanger kunnen worden, maar dat is ook nog wel iets. Ik kan eitjes laten opslaan, maar het idee van een draagmoeder lijkt me nu niet fijn. Adoptie dan? Ik denk het toch ook niet. Het duurt heel lang en het kost een hoop geld.”

Geleerd

Het valt op hoe openhartig en oprecht hij eigenlijk is. „Ik heb geleerd om open te zijn. Om te zeggen dat wat je voelt niet erg is.”

Vader Frans: „Voor sommige mensen kan het best confronterend zijn, als jij zegt: Ik vind mijn lichaam verschrikkelijk. Ze begrijpen het niet. Of toen je die foto op Facebook zette, met make-up op. Er werd gereageerd: ’Snap jij er nog wat van?’”

„Jongens dragen ook gewoon make-up”, zegt Jonah. „Mensen kunnen zich inleven, maar ze weten niet hoe het is. Ze zullen nooit weten hoe het echt voelt.”

Zijn moeder: „Transgenders van deze tijd? Echt niet. Het is nog een enorm taboe. Wij zijn heel open.”

Jonah kan boos worden als blijkt dat de samenleving de emancipatie van de LGBT(QIAP)-gemeenschap niet kan bijbenen. Als René van der Gijp in ’Voetbal Inside’ een pruik met vrouwenhaar opzet om een transseksuele Vlaamse presentatrice te bespotten. „Wat je veel hoort, is dat er gezegd wordt dat wij ’meer rechten willen’. Maar wij verdienen toch net zo veel rechten als ieder ander?”

Meer nieuws uit Achtergrond

Keuze van de redactie

Lees hier de digitale editie



Volg ons