Hollands Glorie zonder vaarbewijs

1/2

Een Nijmeegs bedrijf heeft met succes een terreinauto omgebouwd tot amfibievoertuig en ziet dat beloond worden met een wereldwijde vraag naar de stoere alleskunner. Er zijn al acht stuks gebouwd en ze worden voor van alles en nog wat ingezet: van rondvaartboot in een safaripark in Korea tot een varende Aperol Spritz-bar in Italië.

Serieuze inzet is ook goed mogelijk, want de Amphicruiser is zeer geschikt als reddingsvoertuig in overstroomde gebieden. En dat de Amphicruiser die taak echt aan kan, is niet vanzelfsprekend, want amfibievoertuigen waren in de geschiedenis van de auto vaak flops. Omdat ze matig konden varen én niet bijzonder goed reden. Een goed compromis is nu echter gevonden.

Hoe is het mogelijk dat het Nederlandse bedrijf DAT (Dutch Amfibious Transport) er succes mee heeft? „Als constructeurs hebben we jaren ervaring met de scheepsbouw, maar zo’n amfibievoertuig moet ook gewoon kunnen rijden als een auto”, zegt Dirk Jan de Jong van DAT. „Dat ondervonden we al toen we voor het eerst amfibische bussen maakten, want die moesten ook op de weg toegelaten worden en door de scheepvaartinspectie worden goedgekeurd.”

Varende bussen

De touringcars varen inmiddels met succes door Rotterdam en in heel Europa hun rondjes door havens. Dat ontdekte elektronicagigant Samsung, toen men daar op zoek ging naar een amfibievoertuig voor tours door safariparken in Korea. De Jong ontwierp met zijn team een varende versie van de oersterke Toyota Landcruiser en kreeg de opdracht.

De Amphicruiser is inmiddels Europees goedgekeurd als auto en heeft een scheepskeuring van Lloyds goed doorstaan. Veertien maanden na de eerste schets leverde DAT de eerste drie Amphicruisers af bij Samsung in Korea. Daarna kwam de vraag pas echt goed op gang en nu reist de Nijmeegse firma de hele wereld rond met de Amphicruiser. Van de Monaco Boat Show waar de superrijken meevoeren tot de Flood Expo in Birmingham, waar de mogelijkheden van het vaartuig bij overstromingen werden getoond.

De Amphicruiser deelt niet alleen zijn naam deels met de Toyota Land Cruiser, maar ook veel techniek. Sterker nog: DAT koopt complete auto’s in en sloopt die dan tot op het chassis. Slechts een deel van de ondervloer en het dashboard blijven over, de rest van de auto bouwt men in Nijmegen compleet nieuw op. De keus voor de Land Cruiser was gauw gemaakt, omdat deze zich overal ter wereld heeft bewezen als zeer betrouwbaar en bovendien heeft hij nog een apart ladderchassis, vierwielaandrijving en starre assen.

Perfecte basis

Zo’n eenvoudig, maar solide onderstel was de perfecte basis om een nieuwe waterdichte bodem en een aluminium koets op te bouwen. Het onderwaterschip werd gemaakt van roestvast staal, de opbouw is een verlijmde aluminiumconstructie en de motorkap is van carbon. De Amphicruiser wordt desgewenst met diesel-, benzine- of elektromotoren geleverd. De grote bumpers van een soort supersterk piepschuim hebben drijfvermogen en lopen rondom en doen hetzelfde werk als de stootkussens van een boot.

Er is veel maatwerk mogelijk en dat is vooral bij de Rescue-uitvoeringen nodig. Goedkoop is de handgemaakte Amphicruiser dan ook niet, want hij heeft een vanafprijs van zo’n 220.000 euro, exclusief btw en bpm. DAT denkt er voorlopig zo’n twintig van te verkopen en de komende vijf jaar door te groeien tot 50 en uiteindelijk tot 200 stuks per jaar.

Een van de keiharde eisen van DAT was dat de Amphicruiser als een gewone auto inzetbaar moest blijven. Iedereen moet erin kunnen rijden en ermee het water ingaan zonder een vaarbewijs. De auto moest bovendien overal in te zetten zijn. Het 2700 kilogram wegende amfibievoertuig bleek tijdens onze test inderdaad te rijden als een gewone zware, hoge terreinauto. Ook het varen is na een korte instructie door iedereen te doen. Je moet een paar extra knoppen omzetten en dan rijdt de Amphicruiser langzaam van de helling af, ook als deze minder vlak is. De ’bauto’ heeft veel grondspeling en met de vierwielaandrijving kun je er ook zo het strand mee oprijden.

Eenmaal te water gedraagt de Amphicruiser zich als een echte boot. Door de jet-aandrijving, een waterstraalaandrijving die je kunt richten, kan hij bijna op zijn plaats draaien en ook achteruit varen doet hij goed. De maximale snelheid op het water is 9 km/u en op de weg kun je er 135 km/u mee halen. Meer dan genoeg volgens De Jong. Gelukkig weten we ook weer probleemloos aan wal te ’klimmen’, waarna de Amphicruiser weer de terreinauto wordt die nooit stopt.

Jaco Bijlsma

Meer nieuws uit Achtergrond

Keuze van de redactie

Lees hier de digitale editie



Volg ons