Premium

Meer vogelbotsingen op Schiphol

Meer vogelbotsingen op Schiphol
Gevangen ganzen.
© foto duke faunabeheer
Schiphol

Het aantal botsingen van vliegtuigen met vogels, birdstrikes, op Schiphol blijft toenemen. Met name in het derde kwartaal is de laatste jaren sprake van een forse groei.

Vooralsnog hebben zich dit jaar geen grote incidenten voorgedaan, ondanks het toegenomen aantal birdstrikes. Meestal gaat het om dode vogels die langs de start- en landingsbanen op Schiphol zijn gevonden. Die vogels zijn dan gebotst met een vliegtuig of werden door de turbulentie tegen de grond geslagen. Soms komen ze in de motor van een vliegtuig. Bij grote vogelbotsingen keert de piloot dan weer om voor een controle van het toestel.

Uit cijfers van het Bureau Luchtvaartongevallen blijkt dat het aantal vogelbotsingen sinds 2013 aan het stijgen is. Van ruim 550 naar bijna 850 vorig jaar. De groei zit vooral in het derde kwartaal, wanneer veel trekvogels de luchthaven passeren. De cijfers over de eerste negen maanden van dit jaar laten een verdere stijging zien. De warmere winters leiden er ook toe dat er meer muizen, een aantrekkelijk hapje voor roofvogels, in de velden langs de banen zitten.

Radar

Voor de luchtvaart zit het grootste gevaar in botsingen met grote groepen vogels en met ganzen. Om grote groepen op tijd in het vizier te hebben, heeft Schiphol inmiddels een radarnetwerk op het hele terrein. Zo nodig kan het vliegverkeer op een baan tijdelijk worden stilgelegd. Ook proberen de 18 vogelwachters van de luchthaven de dieren te verjagen.

Het gras tussen de landingsbanen wordt op Schiphol langer dan normaal gelaten: ongeveer 12 tot 20 cm hoog. Vogels houden niet van hoger gras, omdat het daarin moeilijker is om voedsel te vinden en ze hebben slecht zicht op hun natuurlijke vijanden zoals roofvogels. Ook de grassoort die wordt gebruikt in het landingsterrein is aangepast.

Ganzen

Ganzen zijn vanwege hun gewicht het grootste gevaar. Die inslag kan een cockpitraam vernielen, de neus zwaar beschadigen of een motor doen uitvallen. Het bekendste geval is het toestel van Royal Air Maroc dat indertijd na een botsing laag over Hoofddorp, Haarlem en Spaarndam scheerde om een noodlanding te maken.

Na een rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid besloot de overheid serieus werk te maken van het verminderen van de fors gegroeide ganzenpopulatie. Jagers zijn sindsdien extra actief. Ook worden eieren in nesten bewerkt. Met name het vangen en vergassen van ganzen in een straal van twintig kilometer stuit op verzet van actiegroepen.

Nog altijd worden rechtszaken gevoerd tegen de vergunningen die door de provincies worden afgegeven. „Daardoor mochten we dit jaar niet in de provincie Utrecht vangen. In Zuid-Holland kwam de vergunning zo laat, dat we slechts een keer konden vangen. Daarna was de ruiperiode voorbij”, moppert Arie den Hertog van Duke Faunabeheer.

Vergassen

Dit bedrijf vangt en vergast al enkele jaren ganzen in de ruiperiode. Dan kunnen de ganzen immers niet wegvliegen. In Noord-Holland zijn ruim achtduizend dieren gevangen. Het jaar daarvoor waren dat er vijfduizend. „Toch hebben we dit jaar minder grauwe ganzen gevangen. De populatie van die soort is inmiddels op het gewenste niveau gekomen. Dit jaar zijn meer brandganzen gevangen.”

Tegenstanders zeggen dat het vangen en vergassen geen enkel effect heeft, omdat de populatie blijft groeien en ganzen uit andere delen van het land naar de Schipholregio komen. „Rond Schiphol zitten minder ganzen, maar daaromheen blijft de populatie nog groeien. Ook blijven groepen ganzen trekken en passeren dan de banen van Schiphol. Daarom blijft het nodig dat dit probleem landelijk wordt aangepakt. Je moet ook niet meteen stoppen als de landbouwschade iets afneemt. Indertijd hadden we bijna een akkoord over maximaal 100.000 ganzen in Nederland. Nu zijn het er nog 400.000 tot 500.000. Je moet dan hard ingrijpen in alle provincies. Jaren achtereen. Niet zoals in 2016 opeens stoppen, want een gans zorgt zo voor vijf nakomelingen. Hier is echt landelijk beleid nodig”, meent Den Hertog.

Volgens Schiphol is het aantal ganzen rond de luchthaven stabiel gebleven door alle maatregelen. Maar van een afname is dus nog geen sprake. „De ganzen vliegen op verschillende hoogtes over Schiphol heen. We testen regelmatig nieuwe ’extended range’ knalmunitie om de vlucht van ganzen te keren of te weren. Het blijft noodzakelijk dat er extra maatregelen buiten het landingsterrein worden genomen”, stelt ook de luchthaven.

Boeren

Behalve het verminderen van de populatie, gaat het dan om het onaantrekkelijk maken van het gebied. „Ganzen komen in de nazomer hoofdzakelijk naar Haarlemmermeer om te eten van de oogstresten op de landbouwgronden. In de komende jaren zullen bijna alle agrariërs die rondom Schiphol graan verbouwen de oogstresten versneld onderploegen zodat er in augustus en september geen voedsel voor de ganzen te vinden is”, hoopt Schiphol. Overigens zijn er ook in de winter veel ganzen in Nederland, vanuit Scandinavië.

Meer nieuws uit Haarlem

Meest gelezen