Column Tommy Wieringa: Voordat de bom valt

Column Tommy Wieringa: Voordat de bom valt

Mijn kippen maken zich geen zorgen over de wereld. Ze hebben ongetwijfeld hun zorgen – is er voer? regent het? wat is mijn plaats in de pikorde? –, maar de wereld buiten het hek laat ze onverschillig. Wat zouden ze ook. Ze dragen oeroud DNA-materiaal in zich dat hen afstammelingen van de vliegende dinosaurussen maakt. Het zijn overlevers – in wisselende gedaantes hebben ze miljoenen jaren doorstaan. Dat ze familie van dinosauriërs zijn, kun je goed zien als ze rennen – het is duidelijk dat de makers van ’Jurassic Park’ hun rennende dino’s naar de kip hebben gemodelleerd.

Aangenomen wordt dat zo’n 65 miljoen jaar gelden de aarde werd verduisterd door meteorietinslagen en vulkaanuitbarstingen; door het stof in de atmosfeer bereikte het zonlicht de aarde niet en stierven als eerste de plantenetende dinosauriërs uit. De vleeseters verloren zo hun prooi en verdwenen ook. De krabbers daarentegen, die hun voedsel in de bodem vonden, overleefden op een dieet van insecten, slakken, wormen en larven, en wachtten verscholen in nissen en holen betere tijden af.

Als Donald Trump en Kim Jong-un zich niet beheersen, wordt de aarde in net zulk duister gehuld en breekt een langdurige nucleaire winter aan – maar mijn kippen maken, al krabbend, goede kans om de nieuwe golf van massa-extinctie te overleven.

Gedachten als deze had ik ook in de jaren zeventig en tachtig; de Koude Oorlog maakte mijn generatie nogal neerslachtig omdat het idee van een toekomst heel betrekkelijk was. Wat zouden we ons inspannen als toch alles naar de verdommenis ging. ’No future’ was de leuze, Doe Maar zong ’En als de bom valt / lig ik in mijn nette pak / diploma’s en mijn cheques op zak / mijn polis en mijn woordenschat / onder de flatgebouwen van de stad / naast jou’.

In 1983, het jaar waarin ook dat liedje werd uitgebracht, verscheen ’Mijn laatste snik’, de memoires van de surrealistische regisseur Luis Buñuel. In het slothoofdstuk schrijft hij: ’Volgens de laatste berichten bezitten we op dit moment genoeg atoombommen om niet alleen alle leven op aarde te vernietigen maar ook om er voor te zorgen dat deze aarde haar baan verlaat en, leeg en koud, verloren gaat in de onmetelijke ruimte. Dat lijkt me schitterend en ik heb bijna zin om bravo te roepen. Eén ding staat voortaan vast: de wetenschap is een vijand van de mens’.

Dit vat de stemming van die jaren wel zo’n beetje samen; een mengsel van nihilisme en grimmige vrolijkheid, die een mens kan overvallen als het einde nabij is.

De indruk van de Koude Oorlog is, achteraf bezien, dat het al met al toch een tamelijk rationeel conflict was, tussen conventionele leiders en strategieën, die op bizarre wijze een nucleair evenwicht nastreefden.

Deze indruk ontbreekt geheel in het conflict tussen Noord-Korea en de Verenigde Staten. Twee dolle honden, met een ongekend vernietigingspotentieel onder handbereik. Sta ons bij.

Meer nieuws uit Nieuws

Keuze van de redactie

Lees hier de digitale editie



Volg ons