Graffitikunstwerk als eerbetoon aan overleden vriend

Peter Meijn (38) is graffiti-artiest en tatoeëerder in Krommenie. Zijn creatieve kant ontdekte hij toen hij als tiener muziek begon te mixen op draaitafels.
© Foto Wim Egas
1/2
Krommenie

Van de dood van zijn beste vriend Joost Meeuwsen (destijds 21) was Peter Meijn (toen 19, nu 38) lang kapot. Om zijn Wormerse vriend te eren, maakte Peter met twee ervaren vrienden een graffitikunstwerk van Joosts naam. Peters eerste echte stappen als graffiti-artiest.

Joost was volgens Peter de gangmaker van de vriendengroep. „Hij was de tofste van de club. Hij hield ervan als iedereen bij elkaar was. Als iemand op een avond ontbrak, belde hij diegene om verhaal te halen.” De vrienden bezochten samen housefeesten. Ook draaiden ze thuis samen plaatjes. Peter en Joost hadden samen een draaitafel bij elkaar gespaard. „We droomden ervan zelf ooit op grote feesten op te treden als dj’s.”

Val

Donderdag waren ze ’s avonds nog bij elkaar geweest, om het ’weekend in te luiden’. Ze moesten nog een dag werken, maar het einde werkweek was toch echt in zicht, vertelt Peter. De Krommenieër, die veel verschillend werk heeft gedaan, was toen elektricien. Hij was bezig met de bedrading van een huis toen zijn stiefmoeder hem een bericht stuurde dat Joost, dakdekker van beroep, van een dak was gevallen.

Op dat moment was er nog geen regelrechte paniek bij Peter. „Ik schrok wel, maar ik maakte mijn werk af en zou daarna kijken hoe het met hem ging.” Later begreep Peter dat het ernst was. „Joost lag in coma in het AMC. Zijn arm was verbrijzeld en zijn hoofd zat in een stabilisator.” Toen Peter en een paar vrienden hem bezochten, vertelde een verpleegkundige dat ze dacht dat Joost hun bezoek meekreeg. Ze zou het, ondanks dat hij buiten bewustzijn was, hebben gezien aan zijn reactie.

Het was de laatste keer dat Peter zijn beste vriend levend zag. Op 9 juni 1999 is Joost overleden. De datum staat in Peters geheugen gegrift. De Krommenieër vertelt dat op zijn uitvaart zevenhonderd mensen aanwezig waren. „Iedereen was er stuk van.”

Later heeft Peter zelf nog op het dak in Amsterdam gestaan waar Joost vanaf gleed. Peter was, nu als dakdekker in plaats van elektricien, op de klus gezet waar Joost ook aan had gewerkt. Hij vertelt dat er extra veiligheidsmaatregelen waren getroffen om herhaling te voorkomen. „Heel apart om op die plaats te zijn geweest. Het voelt goed om te weten waar het is gebeurd. Alsof ik de gebeurtenis een betere plek kan geven in mijn leven”, vertelt Peter.

Afdrukken

Hij weet nog goed hoe hij de afglijdende vingerafdrukken op de dakgoot heeft gezien. „Joost heeft zich er tevergeefs aan proberen vast te grijpen.” De Wormer kwam naar verluidt neer op zijn arm en zijn nek.

Na het afscheid van Joost zette Peter - met twee ervaren vrienden – Joosts naam groot neer op een gebouw van de PEN, achter café De Visser in Wormerveer, vlakbij de Nauernasche Vaart. ’Joost RIP’, stond er. De ’T’ vormde een kruis van een graf. Voor een groot publiek was het te zien - wat Peter goed deed - want dit stuk was altijd druk met verkeer.

Tien jaar lang bleef het eerbetoon onaangeroerd staan. „Niemand reinigde het en niemand spoot erover heen. Ik denk uit respect voor de betekenis van het werk.” Het was Peters eerste grote graffitiwerk. De letters waren vooraf goed ontworpen. Dat was nieuw voor Peter. Daarvoor was hij niet verder gekomen dan het zomaar spuiten van woorden op muren.

Peter vond het fantastisch om te maken. De drie gebruikten onder meer teer om de letters zo mooi mogelijk te krijgen. Het spul bleek volgens Peter zo hardnekkig, dat ondanks dat Joosts naam is verwijderd de contouren van de letters nog steeds zichtbaar zijn.

Vanaf dat moment stortte de Krommenieër zich op de graffitiscene. Hij maakte zich alle stijlen eigen. Te beginnen bij de verschillende lettertypes die in de wereld worden gebruikt. Later maakte hij ook ’poppen’, zoals dat in jargon heet. „Dat spreekt een groter publiek aan. Veel mensen kunnen de graffitiletters niet lezen, een voorstelling van geschilderde figuren herkennen ze wel.” Aanvankelijk spoot Peter stiekem. Op een gegeven moment werd het legaal.

Die verandering begon bij een muurtje in de Indische Buurt in Wormerveer. „Ik belde aan bij mensen om te vragen of ik het mocht overspuiten. Ze stemden in.” Het beviel Peter prima. „Ik hoefde niet meer in de nacht op pad en op mijn hoede te zijn. Nu kon ik overdag, in het zonnetje rustig mijn werk afmaken.” De klus leidde tot meer opdrachten. En vijf jaar geleden kreeg Peter in de voormalige drukkerij Chromos de ruimte om overdekt met zijn graffitiwerk bezig te zijn. Hij hield er jongeren van de straat met workshops, maakte er werken voor betalende klanten en zorgde voor tentoonstellingen.

Varkenshuid

Ondertussen onderhield hij contact met de moeder van Joost. Zij zag hoe Peter creatief bezig was en bracht hem in contact met tatoeëerder Willem van Vliet, die in Oostknollendam woont. Peter leerde van zijn verfijnde manier van werken. Op een varkenshuid – gekregen van de slager – oefende hij met het maken van zijn tatoeages. Later waren vrienden en familieleden aan de beurt. „Niemand die er spijt van heeft.” Inmiddels heeft Peter zoveel vlieguren gemaakt dat hij nu werkt bij de in 2016 geopende tattooshop in Krommenie, Da Burning Needle. Zijn vriendin Lonneke Hoekstra werkt er ook.

Het werk als graffiti-artiest heeft Peter overigens nooit opgegeven. Hij werkt aan diverse projecten. Voor de eigenaar van het erotisch theater Casa Rosso in Amsterdam, ook eigenaar van de Bananenbar en het Erotisch Museum, heeft hij onlangs een pikante versie van het beroemde schilderij de Mona Lisa gemaakt. Een pikante versie van het Melkmeisje is in de maak.

Meer nieuws uit Zaanstreek

Meest gelezen