Artsen in Roze in Wit: ’Zeggen wat je bent, voelt elke keer als coming out’

Artsen in Roze in Wit: ’Zeggen wat je bent, voelt elke keer als coming out’
René de Vries, Geert Rootmensen, Chris Rikers, Karin Pool en Megan Engels zijn het bestuur van Roze in Wit. Ze varen zaterdag met hun artsenboot mee in de Canal Parade.
© Foto Ella Tilgenkamp
Amsterdam

De longartsen Geert Rootmensen, Karin Pool en Chris Rikers hebben dit voorjaar de stichting Roze in Wit opgericht. Die heeft als doel lesbische, homoseksuele, biseksuele, transgender en interseksuele (lhbti) artsen (in opleiding) meer zichtbaar te maken en hun positie te verbeteren. Om Roze in Wit zélf zichtbaar te maken doen ze komende zaterdag met hun artsenboot mee aan de Canal Parade van Amsterdam Pride 2018.

Het is voor het eerst dat er een artsenboot meedoet. Deze zal vol staan met huisartsen, tandartsen, medische specialisten, arts-assistenten en studenten geneeskunde en tandheelkunde.

Het bestuur van Roze in Wit is intussen uitgebreid met Megan Engels en René de Vries, beiden coassistenten van de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Congres

,,Het idee voor Roze in Wit kwam tijdens een congres voor longartsen in San Francisco’’, vertelt Rikers die net als zijn collega Karin Pool in het Rode Kruis Ziekenhuis in Beverwijk werkt.

,,Een Duitse longarts vertelde over hoe zwaar hij het soms heeft als homo in een Duits ziekenhuis. Hij vond dat we geluk hebben met hoe er in Nederland met homo’s en lesbo’s wordt omgegaan. Nou, zei ik, ook bij ons moet er nog veel gebeuren.’’

Pool: ,,Tot m’n dertigste liep ik hand in hand met een man over straat. Een half jaar later liep ik met Petra hand in hand over straat en toen werd ik opeens nagekeken en uitgescholden.’’

,,Wij werken in ziekenhuizen waar het bestuur diversiteit hoog in het vaandel heeft staan. Dat is erg fijn’’, zegt Geert Rootmensen van het Waterland Ziekenhuis in Purmerend. ,,Het is niet overal zo. Daarom is onze stichting zo belangrijk.’’

Artsen in Roze in Wit: ’Zeggen wat je bent, voelt elke keer als coming out’
Flyboarder Bo Krook maakt een selfie tijdens de Gay Pride.
© Foto ANP/Bo Krook

Stichting Roze in Wit heeft als doel om de acceptatie van lhbti-artsen te vergroten. De stichting Roze in Blauw van politiebekendheid Ellie Lust is een grote inspiratiebron.

Waar deze zich onder andere richt op het verlagen van de drempel om aangifte te doen voor lhbti-slachtoffers van delicten, mikt Roze in Wit in eerste instantie vooral op acceptatie onder de (hetero) collega’s. ,,Ellie Lust noemt dat ’straight allies’. Je kunt niet zonder elkaar om te laten zien dat diversiteit de norm is’’, zegt Rikers.

Risico

,,Als coassistent werk je telkens zes tot negen weken op dezelfde plek en dan wissel je weer’’, vertelt Megan Engels.

,,Elke keer probeer ik in te schatten hoe mijn nieuwe collega’s zijn. Kan ik vertellen wat ik het afgelopen weekeinde met mijn vriendin heb gedaan? Of loop ik het risico dat ze er niet voor open staan? Het geeft een onprettig, onveilig gevoel. Soms is het een irreële angst als later blijkt dat men je gewoon accepteert.’’

Ze bereiden zich vol enthousiasme voor op de Canal Parade. Hét moment om hun kersverse stichting publieke bekendheid te geven. Doktersjassen worden versierd met roze details, op het aanrecht van Rootmensen ligt een zojuist gearriveerde zending roze stethoscopen. En dan zijn er nog de pruiken, de brillen en de roze hoge hakken van Karin Pool.

Kanttekening

Zij plaatst een kanttekening. ,,De Canal Parade is een prima manier om bekendheid te geven aan het bestaan van onze stichting. Tegelijkertijd vind ik het ook wel ongemakkelijk om op zo’n uitbundige manier aandacht te trekken. Onze boodschap is namelijk heel serieus. We willen de diversiteit zichtbaar maken zodat iedereen zich veilig kan voelen zoals hij of zij is. „

,,Voor veel mensen lijkt dat helemaal geen probleem. Maar voor artsen die lhbti zijn is dat het toch vaak wel.’’ ,,En al helemaal voor geneeskundestudenten die zich in een afhankelijke positie bevinden’’, voegt Rikers toe.

,,Het voelt elke keer weer opnieuw als een coming out’’, zegt René de Vries. ,,Soms begin ik er helemaal niet over. Ik had eens een begeleider die na een consult over de zojuist weggelopen patiënt zei: ’Die homo moet niet zo zeuren’. Wat moet ik dan nog? Die persoon moest een paar weken later mijn werk beoordelen.’’

Meer nieuws uit Amsterdam

Lees hier de digitale editie



Volg ons