Cartoonist Tom Janssen huilt niet mee met de wolven

Landsmeer

Cartoonist Tom Janssen won vorige week de tweede prijs in de competitie voor de Press Cartoon Europe. De Landsmeerder tekent al ruim veertig jaar bijna elke dag een spotprent.

Kranten doorspitten, websites afstruinen, een mening vormen en die uitbeelden. Al ruim veertig jaar de grote passie van politiek cartoonist Tom Janssen. ,,Stoppen is geen optie. Ik vind dit te leuk.’’

Vanuit zijn woning in Landsmeer begint hij deze ochtend met zijn rondje papier: Noordhollands Dagblad, Trouw, New York Times en Cobouw. Vervolgens nog even op internet naar de websites van GeenStijl, ’want daar zijn ze altijd snel’, De Volkskrant, ’natuurlijk’, en Joop. Misschien bekijkt hij nog wat sites, nu hij toch bezig is. ,,Je wilt als cartoonist weten wat anderen ergens van vinden. Ik wil mijn eigen mening vormen, maar ik probeer tegelijkertijd altijd op te passen dat mijn werk niet te gemakkelijk is. Dat het niet een soort meehuilen met de wolven is.’’

Wat hij vandaag gaat tekenen, weet hij nog niet. ,,Ik moet Trouw iets leveren. Morgen de regionale kranten, zoals Noordhollands Dagblad.’’ Hij glimlacht. ,,Ik zit ook vaak tijd te verlummelen, hoor. Hoort erbij. En er zit veel denkwerk in een cartoon. Al vind ik de druk van een deadline wel prettig. Dat helpt mij met keuzes maken.’’

Janssen won vorige week de tweede prijs in de competitie voor de grote Press Cartoon Europe. Hij tekende een cartoon over de internationale bemoeienis met de burgeroorlog in Syrië. Ook heeft hij net werk gedoneerd aan het Persmuseum, in het archief in Amsterdam bij het Internationaal Instituut voor Geschiedenis, te bezichtigen voor onderzoek. Voor Janssen zijn de prijzen, want hij heeft er al wat op naam staan in die veertig jaar, keer op keer een bevestiging dat hij een zondagskind is. ,,Dat ik dit kan en mag doen, en elke dag plezier beleef aan mijn werk, dat is toch een voorrecht? Ik heb de mazzel dat ik dit kan. Zo zie ik dat.’’

KVP-meisjes

Want hij wilde eigenlijk altijd al cartoonist zijn. Janssen was een jaar of veertien toen hij dat besloot. ,,In mijn jeugd, de jaren zestig, was de ontkerkelijking in volle gang. Er waren steeds meer satirische cartoons te zien en ik vond dat geweldig. De KRO kwam met een prijsvraag. Ik had toen iets getekend over de politieke partij KVP en dat zij met zogenoemde KVP-meisjes kwamen om de partij te promoten. Dus ik tekende nonnen met korte rokjes aan. En ik won! Ik wist toen: ik wil voor de krant gaan tekenen.’’

Zijn voorbeeld toen was onder meer Ted Schaap. Die vlotte stijl sprak hem aan. ,,Dus je begint dat wat na te doen.’’ Pas later kreeg Janssen steeds meer zijn eigen stijl: vlot getekend, dikke zwarte lijnen en een beetje ingekleurd. Een snelle ’Tom’ in één van de hoeken gekrabbeld.

Nieuws volgen

Na een tijdje politicologie te hebben gestudeerd, waagde Janssen zich aan een studie Nederlands. ,,Met in mijn hoofd dat ik voor de krant wilde tekenen. Dus ik dacht: politieke kennis is handig. En daarna Nederlands, ook handig. Maar dat academisch denken bleek niets voor mij. Ik schreef mij in voor de Rietveld academie, waar ik vrije kunst maakte. Ondertussen volgde ik altijd het nieuws, maar ik maakte jaren geen cartoon.’’

Tot hij op zijn vijfentwintigste werd gevraagd ’iets’ voor dagblad Trouw te tekenen. Gewoon om te kijken of dat bij de krant paste. ,,Man, ik was zo blij en vond het zo spannend tegelijk. Ik besefte dat dit een belangrijk moment in mijn carrière kon zijn. Volgens mij heb ik nog nooit zo lang over een cartoon gedaan. En het was niet eens een ingewikkelde: ik tekende over de Palestijnen. Ik had Europa als man in een pak afgebeeld, met een arabier erbij met in zijn ene hand een zielig jongetje en in zijn andere hand een vat olie. Het ging over de spanningen daar. Gek hoe je zo’n tekening nooit vergeet, hè?’’

Sindsdien mocht hij voor Trouw blijven tekenen en groeide het aantal opdrachtgevers. Rond 1985 ging hij ook tekenen voor regionale kranten. ,,Cartoonist zijn is bijzonder. Je bent in je eentje een eigen redactie. Ik teken altijd wat ikzelf ergens van vind. En ik maak nooit hetzelfde.’’

Janssen, die nog altijd op papier tekent en zijn cartoon vervolgens digitaal inkleurt, verwacht niet dat hij binnenkort uitgetekend is. ,,Ik ben inmiddels een soort oud meubel van de kranten, maar ze komen niet van mij af.’’ Hij begint te lachen. ,,Nee, ik geloof dat iedereen nog steeds tevreden is. Gelukkig maar. En ik merk dat mijn leeftijd ook voordelen heeft. Ik ken veel van de geschiedenis, sterker nog: ik bén een beetje geschiedenis. Ik heb geleerd om als cartoonist niet meteen mijn eerste impuls te tekenen, maar om iets meer afstand van een onderwerp te nemen. Als je ouder ben, zie je de context vaak beter.’’

Soms tekent hij onderwerpen die hij liever niet op papier zet. ,,De meer obligate onderwerpen zoals nu met de vluchtelingenkwestie. Die zijn niet altijd in één tekening te vatten. Het is vaak niet zwart-wit.’’

Of neem bijvoorbeeld de kwestie Charlie Hebdo. ,,Nee, maar het is wel belangrijk daar iets over te zeggen. Omdat het over mijn vak ging.’’ Maar al was de aanslag op die redactie een zwarte dag voor alle cartoonisten, Janssen is er niet bang door geworden. ,,Ik ’bash’ nooit bewust, om het zo maar te noemen. Te gemakkelijk. Maar ja, je kan altijd iemand kwetsen, ook als je dat niet verwacht.’’ Hij lacht. ,,Ik tekende ooit Harry van den Berg, tot 1987 PvdA-Kamerlid. Die man heeft een vrij grote neus. Kreeg ik het verwijt dat ik hem op ’zo’n Joodse manier’ neerzette. Ik wist niet eens dat hij dat was, maar had gewoon zijn typische kenmerk, die neus dus, uitvergroot. Dat doe je als cartoonist.’’

Janssen tekent graag de sores in de Haagse politiek, vertelt hij. Dat heeft iets knus. ,,Vergeleken met de grote wereldproblematiek al helemaal. En ergens waardeer ik ook mensen die het volk vertegenwoordigen. Natuurlijk, er zitten een hoop ijdeltuiten tussen, maar ik waardeer het als iemand zijn kop boven het het maaiveld uitsteekt.’’

Ondertussen nadert de dagelijkse deadline. ,,Misschien moet ik iets met Brexit doen’’, zegt hij ineens.

Het resultaat: een cartoon van een typisch Brits figuur met een ’silly walk’, balancerend op een touw met de woorden ’Brexit’ erop.

Meer nieuws uit NHD

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.