Grand Canyon-ervaring op de Zuiderheide (3 km)

Niet nieuw maar toch weer anders is de wandeling over de Zuiderheide, die ik dit keer met IVN-gids Robert Bekenkamp maak. Dat komt door zijn luchtige, maar interessante commentaar op de ons omringende flora en fauna. Bij een reusachtige zomereik aan het begin van het pad, vertelt hij dadelijk honderduit over de bijzondere leefwereld van deze oer-Hollandse boom. Nooit geweten dat deze woudreus gastheer is van tweeduizend insectensoorten en zo’n honderdvijfig rupsensoorten. Dan hebben we het nog niet gehad over de korstmossen, mossen en algen, de vlinders, de vogels en niet te vergeten de eikenbladrolkever, die zorgvuldig het blad omrolt om er een eitje in te leggen.

Na het klaphekje vervolgen we de Oude Postweg en ontmoeten een stel grazende Galloways die goed werk verrichten, want de hei staat er vol bij. ,,Dat wordt nog wat in augustus als hij bloeit’’, voorspelt de gids. Een paar stappen verder en solitaire berken voorbij strekt de Eemvallei zich voor ons uit. Opvallend is dat de horizon niet is vervuild door hoogbouw of andere storende elementen. Alleen een paar kerktorentjes dromen in de verte. We gaan naar rechts een grasweggetje in en slaan bij een drinkplek voor koeien weer rechtsaf. Via een paadje tussen bloeiende braamstruiken door stevenen we af op de Kuil van Koppel. Op de rand van de zandafgraving, die in de jaren zestig, zeventig is verricht, kijkt de wandelaar onverwacht de diepte in. Een bijna Grand Canyon-achtige ervaring, voor iemand met een beetje fantasie. Tien, vijftien meter dalen we af, tussen mountain-bikesporen in het zand, naar de recreatieplek op de bodem van de kuil. De gids wijst op de aangeplante Corsicaanse dennen en spontaan gegroeide berken rondom de grasvlakte.

Een beetje de Indian Garden, de groene oase op de bodem van de Grand Canyon.

Het pad gaat verder linksaf door de voormalige zanderij het bos in en daarna langzaam omhoog. Vogels kwinkeleren en de hondsroos etaleert zijn eerste lichtroze bloempjes. Bekenkamp troont me mee naar de oude tronk van een berk iets verderop. Daarin is laag bij de grond een nest van de bonte specht. Net nadat hij me zijn verrekijker heeft gegeven, schuift moeder specht levensgroot in beeld en voedt haar kleintje. Ongelooflijk dat zoiets op zestig centimeter hoogte plaatsvindt en (nog) niet is verstoord!

Bij het fietspad (Eemnesserweg) gaan we een paar passen naar links en dan meteen naar rechts, richting de zandverstuiving die twee jaar geleden in ere is hersteld door GNR. De kleine gele tormentil staat dapper te bloeien tussen de heide. Het is een bijzonder geneeskrachtig kruidje met een korte wortelstok. De duivel zou er uit nijd een stuk van afgebeten hebben.

Via theehuis ’t Bluk gaat de route terug naar het startpunt. Daar heeft Robert Bekenkamp nog een verrassing in petto: het muizenoortje. Een klein soort ’paardenbloempje’ dat grijze puntige blaadjes heeft, die aan de onderkant licht behaard zijn. ,,Net muizenoortjes, toch?’’, vraagt mijn begeleider hoopvol. ,,Ja, hoor’’, geef ik gewillig toe. Want als ik al geen fantasie bezat, had ik dat op deze wandeling wel gekregen!

JOS DE LEYWandeling: Zuiderheide, Kuil van Koppel, zandverstuiving

Lengte: 3 kilometer

Excursie IVN: zondag 14 juni, om half twee.

Startpunt: parkeerplaats bij Geologisch Museum Hofland (tegenover restaurant La Place)

Duur: twee uur

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.