Exposities over eten in drie Hoornse musea

Het schilderij ‘Keukenmeid’ is te zien bij de tentoonstelling over de rijke keuken van de Gouden Eeuw in het Westfries Museum in Hoorn.

Het schilderij ‘Keukenmeid’ is te zien bij de tentoonstelling over de rijke keuken van de Gouden Eeuw in het Westfries Museum in Hoorn.

Ron Amesz

De Hoornse musea dekken de tafel. Met tentoonstellingen over eten en drinken geven ze hun bezoekers vanaf zaterdag een kijkje onder de pannendeksels van de afgelopen eeuwen. Oude hap? Nee! Want we maken ons nog net zo dik over lekker eten als vroeger.

Noem het maar museumbezoek met een smaakje. Drie exposities voor de lekkere trek. De naam: het Hoorns Museum Menu. Het Westfries Museum, het Museum van de Twintigste Eeuw en het Affichemuseum in de Hoornse binnenstad houden tegelijkertijd tentoonstellingen over voedsel en drank in het verleden.

Bij de expositie ‘Smakelijk eten’ in het Westfries Museum krijgt de bezoeker een beeld van eetpatronen in de Gouden Eeuw. Fraai gedekte tafels en indrukwekkende schilderijen vertellen het verhaal uit een tijd dat niemand met mes en vork at, maar vooral de handen gebruikte. ,,Let in dat verband op de speciale bierglazen uit die tijd’’, zegt museumdirecteur Ad Geerdink. ,,Deze glazen hebben noppen voor houvast, om ook met vette vingers grip op het glas te houden.’’ Over jeugd en alcohol deden ze niet moeilijk, in die tijd. ,,Omdat er geen schoon drinkwater was, kregen kinderen al heel jong bier te drinken. Dat was tenminste veilig.’’

Bijzonderheid is dat de mens zich door de eeuwen heen altijd druk heeft gemaakt over eten en drinken, schetst Geerdink. ,,Lekker eten is van alle tijden. Maar in de gouden eeuw waarschuwde een Hoornse dominee al tegen overmatige maaltijden. En dat was niet overbodig, want de gegoede burgerij had als stelregel dat overgewicht het beste gewicht was. Een dikke buik was toen een statussymbool waarmee je liet zien dat je het goed had. Die buik vertelde dat je genoeg te eten had en weinig lichamelijk werk hoefde te doen. Daarom lieten de rijken zich toen graag portretteren in korte jasjes, zodat hun brede hangbuiken goed te zien waren.’’

Voor jonge museumbezoekers is er een speciaal kindermenu. In een zogenaamd restaurant zijn de tafels gedekt met beeldschermen waarop ze weetjes krijgen voorgeschoteld over hoe kinderen in de zestiende eeuw aten en dronken.

Met de tentoonstelling ‘Aan tafel’ grijpt het Museum van de Twintigste Eeuw terug naar de tijd dat moeder nog maar één recht had: het aanrecht. Hier signaleert de bezoeker ook de omslag in de keuken. We zien dat mannen aarzelend op kookles gaan, dat buitenlandse werknemers voedsel van over de grens introduceren en dat de Hollander leert om buiten de deur te tafelen. De keuken komt stap voor stap vol te staan met elektrische apparatuur, kant- en klaarmaaltijden doen hun intrede en na de keuken met de doorgeefluikjes komt de half open keuken met de eetbar.

Ook bij het Affichemuseum is het eten en drinken wat de klok slaat. Bij hun tentoonstelling ‘A la Carte’ schetst een collectie reclameposters hoe fabrikanten de consument vroeger warm maakten voor nieuwe producten. Zo zijn er de klassiekers van Droste cacao, het wandelende bierglas van Heineken en de Linthorst rookworst. De affiches laten werk zien van grafisch kunstenaars die kunst en ambacht verenigden. De tentoonstelling wil niet alleen de aanplakbiljetten laten zien, maar ook het verhaal vertellen van de tijd waarin de posters zijn ontstaan. Affiches om honger en dorst van te krijgen.

De tentoonstellingen in het Westfries Museum, het Museum van de Twintigste Eeuw en het Affichemuseum zijn vanaf nu te zien tot en met 13 maart 2011. De musea liggen op loopafstand van elkaar en van het NS-station in de Hoornse binnenstad. Passe partouts waarmee je bij alle drie de exposities terecht kunt, kosten €12,50 (kinderen betalen €5). www.hoornmuseumstad.nl

Meer nieuws uit frontpage

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.