Gebruik belbus in kleine dorpen West-Friesland nihil

Paul Gutter
Enkhuizen

Het gebruik van de Overstapper, een belbus voor de kleinere dorpskernen in West-Friesland, is minimaal en de bekendheid nihil.

Dat schrijven de zeven West-Friese gemeenten aan de provincie, die bezig is met een programma van eisen voor de nieuwe OV-concessie Noord-Holland Noord. Het huidige contract met Connexxion loopt tot juli 2018.

De Overstapper, herkenbaar aan het Overstapper-logo, rijdt alleen als er geen gewone bus rijdt en alleen tussen bepaalde knooppunten en dorpen. De gecombineerde ritten - onderweg worden ook andere reizigers opgepikt - duren maximaal een half uur. In West-Friesland worden vanuit Hoorn en Abbekerk zo een aantal kleinere dorpskernen in Drechterland, Koggenland, Opmeer en Medemblik bediend. Maar in de praktijk maken reizigers hier amper gebruik van. ’Terwijl er wel degelijk een roep om beter openbaar vervoer is in deze kernen’, zo schrijven de gemeenten.

De gemeenten vinden dat voor een nieuwe aanbesteding van het openbaar vervoer een evaluatie op dit punt ’essentieel is om blinde vlekken in de toekomst te voorkomen’ en sturen ook al aan op een alternatief. ’Een combinatie met bijvoorbeeld het WMO-vervoer biedt wellicht meer kansen en perspectief voor de kleinere kernen dan de huidige Overstapper.’ De provincie weet overigens al sinds de introductie van de Overstapper in 2008 dat deze amper gebruikt wordt. In het jaarverslag 2009 werd al gemeld dat campagnes van Connexxion en verbeterde halte-informatie om de bekendheid te vergroten geen extra reizigers opleverden.

Meer nieuws uit West-Friesland

Meest gelezen