Taak voor Rutte in Istanbul

Premier Rutte zou er goed aan doen op de VN-top over humanitaire crisissen ook oorlogsmisdaden tegen vluchtelingen en ziekenhuizen aan te roeren. Ed Schenkenberg van Mierop en Ton Huijzer vinden, uit hoofde van hun functie, dat het respect voor afspraken over bescherming van burgers in oorlogstijd sterk aan erosie onderhevig is.

Komende week wordt de eerste humanitaire wereldtop gehouden in een locatie met een rafelrandje, het Turkse Istanbul. Turkije heeft de afgelopen jaren miljoenen Syrische vluchtelingen opgenomen.

Tevens is het land bereid uit de Europese Unie teruggestuurde vluchtelingen op te nemen. Dat gebeurt echter wel wel in ruil voor het intrekken van visa-beperkingen voor Turken alsmede voor het heropenen van de onderhandelingen voor Turkse toetreding tot de EU.

Mensenrechten

Turkse grenswachten maken zich, volgens verschillende rapporten, schuldig aan het tegenhouden van vluchtende Syriërs aan de grens. Om van andere mensenrechtenschendingen ten aanzien van de Koerdische minderheid of het inperken van de vrijheid van meningsuiting in het land maar te zwijgen.

Of deze gevoeligheden tijdens de top bij de Turkse gastheer zullen worden aangekaart, dat is de vraag. Een andere, belangrijke vraag is met welke boodschap minister-president Rutte, die bij de top aanwezig zal zijn, naar Istanbul afreist.

In de voorbereidingen heeft minister Ploumen van ontwikkelingssamenwerking zich vooral beziggehouden met thema’s als innovatie, financiering van de hulp, en de positie van vrouwen en meisjes in crisissituaties. Een nogal beperkte bijdrage voor een wereldtop die wordt gehouden op een moment dat de wereld op diverse plekken in brand staat.

Symbool

Bombardementen op ziekenhuizen of het uithongeren van steden als oorlogsvoering zijn in Jemen en Syrië aan de orde van de dag. In de belaagde ziekenhuizen zijn patiënten en medisch personeel allesbehalve veilig. Terwijl een ziekenhuis juist dé plek is die symbool staat voor veiligheid, ook in oorlogstijd.

Saudi-Arabië heeft inmiddels een reeks bombardementen op verschillende ziekenhuizen in Jemen op zijn geweten. Het nagenoeg onbesproken laten van deze grove schendingen van het humanitaire recht heeft zelfs kwalijke vormen aangenomen. Een internationaal, onafhankelijk onderzoek naar het bombardement op het ziekenhuis van Artsen zonder Grenzen in Afghanistan in oktober vorig jaar is niet van de grond gekomen.

Het disciplinair straffen door de Amerikaanse overheid van zestien van haar militairen voor dit bombardement staat nauwelijks in verhouding tot de moord op 42 patiënten en staf in het ziekenhuis. Nederland had zich op zijn minst publiekelijk kunnen uitspreken als voorstander van een internationaal onafhankelijk onderzoek naar deze oorlogsmisdaad.

Onder druk

Het achterwege blijven van passende repercussies voor oorlogsmisdaden is symptomatisch voor de huidige stand van zaken in het humanitaire recht. Ook het vluchtelingenverdrag staat onder grote druk.

Het weigeren, terugsturen of gevangen zetten van vluchtelingen vindt niet alleen in Europa plaats. De internationale verontwaardiging over de recente aankondiging van de Keniaanse autoriteiten om vluchtelingen terug te sturen naar het onveilige Somalië was groot de afgelopen week, maar is die verontwaardiging wel gerechtvaardigd?

Het Keniaanse voornemen lijkt sterk geïnspireerd te zijn door het Europese handelen. Als welvarende landen vluchtelingen onderdak weigeren, waarom zou een veel armer land als Kenia dit dan wel moeten blijven doen?

Respect

In een ambitieuze poging om de internationale rechtsorde nieuw leven in te blazen heeft secretaris-generaal Ban Ki-moon van de Verenigde Naties het respect voor het humanitaire recht op de agenda van de wereldtop gezet.

Zijn analyse dat er een groot gebrek is aan politieke antwoorden en wil om conflicten in de kiem te smoren is haarscherp. Zelfs het noodzakelijke respect voor internationale afspraken inzake de bescherming van burgers in oorlogstijd is sterk aan erosie onderhevig.

Nu ook premier Rutte naar Istanbul gaat, mogen we verwachten dat hij namens Nederland en Europa onvoorwaardelijke steun uitspreekt aan Ban Ki-moon.

Hij heeft de kans op te komen voor de bescherming en hulp aan alle slachtoffers van oorlogen en conflicten in deze wereld. Dus moet hij inzetten op het naleven van het humanitair oorlogsrecht en de vluchtelingenverdragen. Er is alle ruimte voor een Nederlandse leidinggevende rol in dit opzicht. Minder mogen we van deze top en de Nederlandse bijdrage eraan niet verwachten.

Ed Schenkenberg van Mierop is directeur van Here-Geneva, een denktank inzake humanitaire vraagstukken in Genève, Ton Huijzer is adviseur

humanitaire hulp.

Keuze van de redactie

Lees hier de digitale editie



Volg ons